De Loosdrechtse Plassen zijn een van de belangrijkste watersportgebieden in Nederland, onderdeel van de van de Natte As (Nota Ruimte), behoren tot het nationale landschap Groene Hart en maken deel uit van de Ecologische Hoofdstructuur. Vanaf de vijftiger jaren verloor het Loosdrechtse plassengebied haar helderheid als gevolg van toenemende vervuiling, vooral fosfaatbelasting.
Belangrijke veroorzakers hiervan waren toendertijd ongezuiverde lozingen en het inlaatwater uit de Vecht. Als Laagveengebied is het doorzicht in de Loosdrechtse plassen minder en door de recreatievaart is het water tevens vertroebeld door zogenaamd zweefslib en algen. De watergangen en doorvaarten naar de jachthavens zijn in de laatste jaren verslechterd door achterstallig onderhoud (wegens niet baggeren).De maatregelen van het Herstelplan Loosdrechtse Plassen (verdiepingenplan) zijn echter omstreden.
Veel deskundigen, de plaatselijke bevolking en kenners van het gebied zijn gekant tegen het verdiepingenplan, ook wel het puttenplan genoemd. De gemeente Wijdemeren heeft besloten niet verder mee te werken en had al eerder een 10 stappen plan opgesteld, met als belangrijkste kenmerken maatregelen tegen verdere vergroting van de overmaat van de voedselrijkdom in het water (eutrofiëring), door middel van het terugdringen van de externe en interne fosfaatbelasting (P-belasting), en het planmatig verwijderen van zweefbagger, om de waterkwaliteit van de Loosdrechtse Plassen te verbeteren en de watergangen te verdiepen.
Eind april 2008 stelden Gedeputeerde Staten (het dagelijks bestuur) van de provincie Noord-Holland het bestemmingsplan 'Waterkwaliteitsverbetering Loosdrechtse Plassen' vast. Het bestemmingsplan biedt het planologisch en juridisch kader om de verdiepingen te kunnen aanbrengen in combinatie met fosfaatreducerende maatregelen.
AGV is het eens met Gedeputeerde Staten dat in de nadere uitwerking van het Herstelplan Loosdrechtse plassen aandacht besteed moet worden aan de conclusies van de commissie voor de milieueffectrapportage (MER). In het nog door AGV op te stellen besluit-MER zal de manier van uitvoering en realisatie centraal staan. AGV wil de uitvoeringsperiode verkorten van 10 naar 5 jaar en maatregelen nemen die de geluidsoverlast en de aantasting van het landschap tijdens de uitvoering beperken en nader overleg voeren met de betrokkenen over de wijze van afvoer en overslag van het materiaal.