Statenlid Meino Schraal (36) woont in Amsterdam en is medewerker presentatie van de afdeling publieksdiensten van het Stadsarchief Amsterdam. Meino is bezig met zijn tweede termijn in de Staten en is onder andere woordvoerder Zorg en Cultuur.
Hieronder zijn een aantal artikelen over provinciale politiek van de hand van Meino te lezen.
Artikelen Meino Schraal
CDA weet Provinciale ondersteuning aan Ouderenbonden te behouden
Het CDA ziet de noodzaak van bezuinigingen in en kan zich op hoofdlijnen vinden in het nieuwe profiel rond het takenpakket van provincies. Dat betekent dat de provincie minder taken en geld aan zorg en welzijn gaat uitgeven. Het college wilde daarom de ondersteuning aan de Samenewerkende Bonden voor Ouderen in 2 jaar tijd via 60 -40 % van het huidige bedrag van 332.000 euro, terugbrengen naar 0.
Echter, er zijn verbanden in de samenleving, waar ik als CDA-er grote waarde aan hecht, omdat er vele vrijwilligers bij betrokken zijn en velen zich inzetten voor de medemens. Deze bindmiddelen in de maatschappij mogen niet verloren gaan. Een matiging van de bezuinigingen of het meer uitsmeren daarvan over de tijd, is daarom door mij en mijn collega Aagje Zeeman namens het CDA bij de vaststelling van de begroting 2011 bepleit.
Het CDA hecht aan de bovenlokale en bovenregionale ondersteuning, scholing, kadervorming en belangenbehartiging door de SBO en de daarin samenwerkende ouderenbonden ANBO, Unie KBO en PCOB. Rond de provinciale kerntaken rond wonen, ruimtelijke ordening en verkeer / vervoer heeft de SBO een belangrijke adviesfunctie. Het is aan de SBO om aan te geven duidelijk het verschil te maken in Noord Holland, waarmee ze zich onmisbaar maakt en voor de provincialel overheid van bijzondere waarde is. Een provinciaal en regionaal opererend activiteitenplan moet daarbij gehanteerd worden, zodat ondersteuning door de provincie als overheidslaag, gerechtvaardigd is.
Daarom heeft het CDA uiteindelijk het college er van weten te overtuigen, de subsidie voor de SBO in 2011 op het bedrag van 150 000 euro structureel te handhaven. In 2011 is bovendien nog 50 000 euro incidenteel beschikbaar voor de SBO op het terrein van zorg en welzijn voor projecten. De dreigende stopzetting van de ondersteuning van de SBO is daarmee van de baan. Omdat vanwege de bezuinigingen over de hele breedte, toch ook de SBO een flinke aderlating moet maken, is in 2011 en 2012 nog resp. 60 % en 40 % van 332.000 euro beschikbaar voor een 'zachte landing'.
De SBO staat in ieder geval op mijn , en dus ons CDA - lijstje, prominent genoteerd. Het bovenlokale en bovenregionale werk is bij uitstek van provinciale meerwaarde en betekenis. Daardoor kunnen vele vrijwilligers de medemens tot steun zijn. Zo kan de mens tot zegen zijn voor de naaste. Dat is mijn inspiratiebron, nu en straks.
Monumentale kerken zijn het behouden waard!
Vanaf 2007 heb ik als lid van Provinciale Staten en woordvoerder cultuur, aandacht gevraagd voor het onderwerp religieus erfgoed. En niet zonder succes: vanaf het Jaar van het Religieus Erfgoed, 2008, heeft de provincie Noord- Holland subsidie bijdragen geleverd aan de restauratie van diverse kerken in Noord- Holland. Ook synagoges en begraafplaatsen hebben kans gemaakt op een investeringsbijdrage voor restauratie en groot onderhoud. En zowel stad als platteland zijn goed bediend.
Van waar deze inzet voor het religieuze erfgoed? Zelf heb ik geschiedenis gestudeerd, dus de liefde voor het cultureel erfgoed zit diep. Vanuit die passie , heb ik gemeend een bijdrage te moeten leveren aan het behoud van de identiteit van het Noord- Hollandse landschap. Kerken zijn bakens in het landschap, in de wijken van onze provincie. Bakens, die zeker in de donkere wintermaanden het symbool zijn van licht , zeker van het Licht, dat in de wereld gekomen is met Kerstmis.
Vele kerken worden momenteel bedreigd met verval en sluiting. De komende jaren komen nog vele kerken leeg te staan. Daarom is het van belang na te denken over de herbestemming van kerken. In de eerste plaats moet dan gedacht worden aan religieuze herbestemming, maar dan door een ander kerkgenootschap of geloofsgemeente binnen het Christendom. Vervolgens kan de kerk ook eventueel een maatschappelijke of woonfunctie krijgen. Denk aan een multifunctioneel / medisch centrum, een culturele bestemming of seniorenoord. Pas in de laatste plaats lijkt mij sloop of nieuwbouw een oplossing.
Kerken zijn bakens in de omgeving en in het leven van mensen. In het leven van vele mensen. Immers, velen van u en van uw voorouders, zijn in die kerken gedoopt, getrouwd. Dierbaren zijn vanuit die kerken begraven. De uitvaart onder het klokgelui is altijd een heel plechtig moment. Vanwege deze grote emotionele en culturele waarde, moet het behoud van de kerken dan wel de herbestemming, op de agenda van de politiek staan. Zeker in een tijd, waarin mondialisering, verdwijnen van grenzen, migratie ,etc. veel mensen onzeker maken en vervreemding optreedt, is het van belang de vaste waarden in het leven en in de samenleving , te koesteren. Waarden, zoals monumentale gebouwen, die aan een wijk, dorp of stadje identiteit geven.
Ik hoop ook de komende vier jaar, na de Statenverkiezingen, aan dit streven weer een steentje bij te dragen
Homo-emancipatie en homo-discriminatie: Wat doet de provincie Noord-Holland?
In het afgelopen najaar stond er in de Gaykrant een ingezonden brief, waarin een lezer zorgen uitspreekt over het roze gehalte van de provincie Noord- Holland, buiten Amsterdam dan welteverstaan. Zo is, behalve onze hoofdstad, geen enkele Noord- Hollandse stad ‘Koploper’ – gemeente, waardoor ondersteuning vanuit het Rijk bij het homobeleid wordt gemist. Als homoseksueel volksvertegenwoordiger uit de Provinciale Staten van Noord- Holland wil ik graag op deze brief, waarin terechte zorgen worden geuit, ingaan.
Bij de totstandkoming van het huidige collegeprogramma, in het voorjaar van 2007, heeft de provincie de bestrijding van discriminatie van homoseksuelen, het bevorderen van gelijke kansen en de sociale acceptatie tot belangrijk speerpunten uitgeroepen binnen het provinciaal welzijnsbeleid. Als CDA- Statenlid, mede gekozen door vele roze inwoners van Noord- Holland, heb ik geprobeerd mijn steentje bij te dragen aan het blijvend agenderen van deze maatschappelijke thema’s.
Gedurende de afgelopen drie jaren zijn er vervolgens diverse activiteiten gelanceerd. Het thema kwam voor in de jaarlijkse subsidieregelingen rond sociaal- cultureel beleid. Via het door de provincie gefinancierde steunfunctiewerk richting gemeenten en belangenorganisaties is kennis gedeeld en zijn netwerken opgebouwd. Een bijzondere vermelding in dit kader verdient Pim Ligtvoet, van het Provinciaal Instituut voor Maatschappelijke Ontwikkeling ( PRIMO). Met grote inzet en enthousiasme heeft hij via advisering en ondersteuning lokale netwerken en regionaal werkende homo- belangenorganisaties op weg geholpen en met elkaar in contact gebracht. Met name in West- Friesland, de IJmond en in Kennemerland zijn roze regionale netwerken ontstaan, waarin homo-lesbische groepen, roze senioren, COC’s, de politie, enkele gemeenten en een aantal anti- discriminatie bureaus met elkaar activiteiten als de Roze Week in Hoorn of de roze dagen in de IJmond hebben georganiseerd. Ligtvoet heeft daarmee handen en voeten gegeven aan het de vanuit de provincie gestimuleerde activiteiten.
Na intense gesprekken met de Samenwerkende Bonden voor Ouderen, heeft de ANBO een roze senioren hulplijn opgestart, waarbij de groeiende groep oudere gay's, lesbo's en biseksuelen terecht kan met vragen, zorgen of problemen.
Via projectfinanciering zijn in 2008 , 2009 en 2010 voor niet geringe geldbedragen activiteiten mogelijk gemaakt, die gericht zijn op het tegengaan van discriminatie en het bevorderen van de emancipatie van homoseksuelen. Het betrof dan met name voorlichtingsprojecten op scholen, het versterken van een homovriendelijk schoolklimaat en het bespreekbaar maken van homoseksualiteit in allochtone gemeenschappen. Met name dit laatste is broodnodig, gezien de enorme problemen rond acceptatie en discriminatie in met name Marokkaanse en in mindere mate Turkse kringen. Als politicus van Iraanse komaf vind ik dit heel erg belangrijk. Agressie moet hard aangepakt worden, daders van gewelddadige acties moeten worden gestraft. Maar de hele aanpak begint bij goede voorlichting.
In 2008 mocht ik jurylid zijn bij de Respectestafette, waarbij scholieren filmpjes maken rond voorlichtingslessen in het voortgezet onderwijs. Ook werd de website “Respectestafette” door vele Noord – Hollandse scholieren bezocht. Vanuit PRIMO, COC”s en de anti- discriminatie bureaus werden docententrainingen verzorgd. In een groeiend aantal gemeenten werden eind 2009 coming – out bijeenkomsten met de jeugd georganiseerd.
In 2009 werd het project Een Blozende Provincie gehouden, met o.a. een netwerkconferentie tussen gemeenten, belangenorganisaties, politie. Op deze middag werden diverse facetten van homobeleid, discriminatie en emancipatie besproken. Van belang is én blijft, dat deze partijen elkaar weten te vinden. Die netwerken zijn van groot belang. De provincie Noord-Holland had kenniscentrum PRIMO gevraagd om extra aandacht te besteden aan het thema homo-emancipatie. Het project Een Blozende Provincie wil de veiligheid en emancipatie van vrouwen en mannen met een andere seksualiteit bij beleidsmakers en andere betrokkenen op de kaart te zetten. Een prachtige, gelijknamige website is het blijvende resultaat van alle activiteiten. Neemt u eens een kijkje op deze website !
Gemeenten als Alkmaar, Hoorn, Heemskerk, Beverwijk , Uitgeest, Velsen en Langedijk pakken na jarenlange inspanningen eindelijk toch de draad op en gaan aan de slag met het maken van homobeleid of het ondertekenen van verklaringen rond gelijke behandeling in de sportwereld. Vooral de rol van gemeenten is cruciaal, vanwege hun betrokkenheid bij het welzijnswerk, de lokale veiligheid, het onderwijs en de anti- discriminatie voorzieningen. Met geld van de provincie is inmiddels wel een dekkend netwerk van anti- discriminatiebureaus in Noord- Holland tot stand gebracht, waar meldingen, registratie, voorlichting en preventieprojecten kunnen plaatsvinden.
Uiteraard zijn we er met al deze inspanningen nog niet. Het is en blijft een proces van duwen en trekken, van de lange adem. Diverse grotere en kleinere gemeenten, ook in Noord- Holland, leunen achterover en denken dat homobeleid in hun gemeente niet nodig is. Gemeenten tonen vaak weinig belangstelling als er vanuit de provincie op dit onderwerp wordt gewezen. Echter, het Rijk en de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) hebben bij de takendiscussie tussen de drie overheden onlangs wel bijna alle taken rond zorg en welzijn van de provincies afgenomen en op het bordje van de gemeenten gelegd. Dit maakt het voor de komende jaren voor de provincies niet makkelijk met homobeleid aan de slag te gaan, maar als Statenlid zal ik proberen de rol van de provincie als aanjager en stimulator op dit onderwerp op de agenda te houden.
TWINH Musea 2010 bekend gemaakt
Het College van GS heeft de Staten geïnformeerd rond de besteding van de gelden voor restauraties en verbouw van musea en archieven 2010. Er is een bedrag van 1.879.557 euro beschikbaar gesteld voor de volgende projecten: Museum de Speeltoren in Monnickendam, het Westfries Museum in Hoorn, het Regionaal Archief in Alkmaar, de St. Nederlands Stoommachine Museum in Medemblik en de St. EYE film instituut Amsterdam.
Deze gelden zijn beschikbaar gekomen via het amendement dat ik in het najaar 2008 heb ingediend. Aanvankelijk had het college 5 miljoen euro beschikbaar gesteld voor groot onderhoud restauraties en verbouw voor musea, archieven en ook monumenten. Dat vond het CDA niet voldoende. Immers, door de vele contacten met deze instellingen tijdens ons Statenwerk en met de overvolle aanvragenlijst voor religieus erfgoed restauraties, was mij al gebleken dat er veel meer vraag zou zijn vanuit de samenleving. Daarom is het bedrag van 5 miljoen euro vergroot naar 10 miljoen euro.
Het is dan ook prachtig om te zien, dat ook in het tweede jaar van de driejaar durende TWINH regeling musea/ archieven/ monumenten, er weer een vijftal instellingen voldoende kwalitatieve aanvragen hebben ingediend, die voldoen aan de criteria. Hiermee wordt geinvesteerd in het culturele erfgoed van Noord- Holland. Zo krijgen straks de bezoekers en toeristen, burgers uit Noord- Holland en mensen vanuit de hele wereld, de kans te genieten van de rijke historie van onze provincie en kennis te maken met specifieke regionale identiteit of culturele activiteiten.
Uitreiking Canon van Kennemerland aan Meino Schraal
Op woensdag 10 november 2010 werd het eerste exemplaar van het boek Canon van Kennemerland uitgereikt aan CDA-Statenlid Meino Schraal. Meino Schraal gaf tijdens zijn toespraak aan zeer vereerd te zijn dat hij het eerste exemplaar van dit prachtige boek in ontvangst mocht nemen. “De diversiteit van de regio’s in Noord-Holland is uniek. Het is belangrijk dat nu nagenoeg de hele provincie gedekt is met de diverse canons uit de regio. De interesse in de regionale geschiedenis zal alleen maar verder toenemen, zowel digitaal als fysiek. De instelling Kunst en cultuur Noord-Holland speelt daarbij een sleutelrol”, aldus Schraal.
Schraal is al jaren woordvoerder cultuur voor de CDA-Statenfractie en daarnaast is hij werkzaam bij het Stadsarchief Amsterdam. Ook studeerde hij geschiedenis aan de Vrije Universiteit. “Het is belangrijk dat kinderen al vroeg bewust worden van geschiedenis. Zelf kan ik mij goed herinneren dat ik in de zesde klas van de lagere school op Urk geschiedenisles kreeg van een bijzondere leraar. Ik vond het uitermate boeiend en ik heb het schriftje met de geschiedenislessen altijd goed bewaard”, zegt Schraal.
Volgens Schraal is een canon altijd in beweging en er kunnen steeds nieuwe verhalen aan toegevoegd worden. Nagenoeg elke regio in Noord-Holland heeft nu een eigen Canon. De Canon van Zaanstreek was de eerste regio in Noord-Holland die in boekvorm werd uitgegeven. Een Canon is een richtsnoer van kennis over onze cultuur en geschiedenis die we aan nieuwe generaties en nieuwe inwoners willen meegeven. Goudgerand, maar niet altijd zonovergoten. Kijk voor meer informatie op http://www.regiocanons.nl/noord-holland
Herdenking in Urk
Op maandag 4 oktober j.l. werd herdacht dat het 350 jaar geleden was dat de Staten van Holland als leenheer van het eiland Urk, het eiland in leen hebben gegeven aan de nieuwe leenman, de stad Amsterdam. Bij deze herdenking waren o.a. CDA-Statenleden Meino Schraal en Aagje Zeeman aanwezig. Amsterdam had belang bij Urk vanwege de strategische ligging voor de VOC scheepvaart en de handel over de Zuiderzee. De stad en de Staten hebben veel geld gestoken in de zeewering en het plaatsen van een vuurboet op het eiland, die dag en nacht moest branden. Ook werd door de Staten besloten tot de bouw van een nieuw kerkje, in 1786. Het wapen van de Staten van Holland en West Friesland en de Stad Amsterdam hangt nog altijd boven de entree.
CDA Noord-Holland: Amsterdamse perikelen oorzaak van stopzetten fusiebesprekingen AT5 en RTVNH
Het CDA -Statenlid Meino Schraal concludeert dat een verstoorde relatie tussen de Raad van Toezicht van AT5 en de Amsterdamse wethouder Gehrels de oorzaak is van het mislukken van de fusiebesprekingen tussen RTV NH en AT5. Op woensdag 29 september vergaderde de Statencommissie Sociale Infrastructuur over dit onderwerp.
In juli van dit jaar stelde Schraal, samen met zijn VVD - collega Ruben Vis, reeds schriftelijke vragen aan het college van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland. In de beantwoording op deze Statenvragen gaf gedeputeerde Baggerman (PvdA) aan dat het businessplan van RTV NH en AT5 onvoldoende was uitgewerkt en dat er vragen waren gerezen over de haalbaarheid van de voorgenomen fusieplannen, de financiële prognoses, de transparantie van de te kiezen organisatievorm en de veiligheid van de omroepgelden voor de regionale publieke omroep. De gedeputeerde had vragen rond de rechtmatigheid van besteding van die subsidie, toen uit onderzoek bleek dat AT5 er financieel veel slechter voorstond dan in eerste instantie bleek.
Na beantwoording van vragen in de commissievergadering, concludeert Schraal dat het de verstoorde relatie tussen AT5 en de gemeente Amsterdam aan het stopzetten van de fusiebesprekingen ten grondslag ligt. Volgens de beantwoording van de gedeputeerde op CDA -vragen, kon wethouder Gehrels niet ingaan op de eis van AT5, reeds voor 1 juli 2010 toestemming te verlenen voor het businessplan en het doorzetten van het fusieplan. Gehrels noemde begin juli j.l. in een interview in het Parool het fusieplan 'niet voldragen'.
Schraal betreurt het afketsen van de fusiebesprekingen. Vanuit de inhoud en uit overwegingen van efficiency gelooft het CDA -Statenlid in een meerwaarde van de fusieplannen. Het bekend worden van de veel slechtere financiële situatie bij AT5 heeft echter roet in het eten gegooid. Ook hecht het CDA aan een rechtmatige inzet van de omroepgelden voor de regionale omroep RTV NH, conform eisen van de mediawet. 'RTV NH mag geen financiële risico's lopen vanwege de problemen bij AT5. Het geld van de belastingbetaler moet aan het maken van programma's besteed worden', aldus Schraal. Het Statenlid spreekt waardering uit voor de verbeterslag in de verslaggeving van RTV NH over nieuws en ontwikkelingen in de regio Amsterdam.
Dorpshuizen en dorpswinkels
Deze maand stond de evaluatie van de subsidieregelingen voor dorpshuizen en dorpswinkels op de agenda van de commissie Sociale Infrastructuur. Voorgesteld wordt om de twee aparte uitvoeringsregelingen voor dorpshuizen en dorpswinkels samen te voegen in de regeling ‘multifunctionele accommodaties’. CDA-Statenlid Meino Schraal vindt dit een goed initiatief. Het belang van dorpshuizen en dorpswinkels voor plattelandsbewoners is onmiskenbaar.
Dorpshuizen
Dorpshuizen zijn van belang voor de sociale vitaliteit en het behoud van het verenigingsleven in een dorp. Daarnaast is het een culturele plek, kan het een combinatie met gezondheidszorg hebben, wordt het gebruikt als bibliotheek en kan het ook commercieel verhuurd worden. Het CDA constateert dat vooral de regeling ‘groot onderhoud en verbouwen’ in een grote behoefte voor dorpshuizen voorziet. Al in de vorige Statenperiode was het CDA een van de initiatiefnemers van deze belangrijke regeling. Schraal: ,,We zijn blij dat het budget van 2,5 miljoen euro tussen 2006 en 2009 gebruikt is en dat er veel dorpshuizen in Noord-Holland (49 van de 113) van de regeling gebruik hebben kunnen maken, zodat nu 40% van de dorpshuizen in Noord-Holland het groot onderhoud op orde heeft. Veel dorpshuizen geven aan dat ze zonder de regeling geen groot onderhoud hadden kunnen uitvoeren.”
In de nieuwe regeling ‘multifunctionele accommodaties’ is er geen geld meer beschikbaar vanuit de provincie voor onderhoud, maar wel voor verbouw en nieuwbouw. Dit is volgens Schraal een goede zaak, zodat ook gemeenten op hun taken worden gewezen qua groot onderhoud. Daarnaast is het ook goed dat subsidieaanvragen via gemeenten gaan lopen zodat ze daar ook medeverantwoordelijkheid voor gaan dragen.
Dorpswinkels
Dorpswinkels hebben meerdere functiecombinaties. Zij hebben namelijk publieke en private functies/diensten, om zo het voorzieningenniveau in het landelijk gebied op peil te houden. In totaal zijn er aan 9 gemeenten subsidies in dit verband verleend, gedurende de periode 2006-2008. Er zijn in 5 van de 9 gemeenten dorpswinkels gerealiseerd conform het concept dorpsservicepunten. Daarnaast bezien 6 gemeenten of er behoefte in de toekomst is. Hier is het budget namelijk niet volledig besteed en blijkt realisatie en de behoefte minder dan bij de dorpshuizen.
PRIMO NH
Veel dorpshuizen werken met vrijwilligers, daarom is ondersteuning bij bestuur, beheer en subsidie aanvragen en zoeken naar financieringsbronnen van groot belang. PRIMO NH voorziet volgens de evaluatie duidelijk in een behoefte. Ook de ‘handreiking gemeenten’ die PRIMO NH samen met het Platform Dorpshuizen Noord-Holland gemaakt heeft is van belang, omdat er grote verschillen zijn in de aanpak van het dorpshuizenbeleid in de verschillende gemeenten. Daarnaast heeft PRIMO NH ook goede ondersteuning geboden en kennisdeling bevorderd bij de regeling over de dorpswinkels.
Investeren in Noord-Hollands erfgoed
Eind 2009 heeft de provincie bekend gemaakt welke monumenten kunnen rekenen op een financiële impuls uit de ‘subsidiepot musea en monumenten tranche 2009’. Vier rijksmonumenten krijgen nu een provinciale bijdrage: De Obrechtkerk en de Portugese Synagoge (beiden in Amsterdam), de Synagoge Alkmaar en de Abdij van Egmond. Daarnaast krijgen vier musea/archieven een provinciale bijdrage: het Stedelijk Museum te Amsterdam voor een interne verbouwing ten bate van een familie/kinderlab, Ecomare Texel voor vernieuwing buitenterrein t.b.v. een breder publieksaanbod, NEMO te Amsterdam voor een interne verbouwing t.b.v. een breder publieksaanbod en het Museum Kennermerland voor het gebruiksklaar maken van een nieuwe accommodatie. CDA-Statenlid Meino Schraal is zeer in zijn nopjes over dit besluit. ,,Dit is een groot succes voor het Noord-Hollands erfgoed en ook voor het CDA. Eind 2008 werd immers mijn amendement om de financiële steun voor musea en monumenten, in het kader van de TWIN-H (Tweede Investeringsimpuls Noord-Holland) gelden, te verhogen van 5 naar 10 miljoen euro door Provinciale Staten aangenomen."
In maart van dit jaar heeft de provincie besloten nog tien aanvragen te honoreren en gebruikt daarvoor ook de extra bijdrage van 4,4 miljoen euro van oud-minister Plasterk. Deze extra bijdrage is bestemd voor het onderhoud van rijksmonumenten in het kader van de crisisbestrijding. In totaal investeert de provincie de komende drie jaar 14,4 miljoen euro in monumenten, musea en archieven. Dat is 10 miljoen euro uit de TWIN-H gelden (amendement Schraal/Zeeman) en 4,4 miljoen euro van oud-minister Plasterk. De tien aanvragen die afgelopen maart gehonoreerd zijn, zijn: Gevangenis Oostereiland Hoorn, Stolpboerderij Kooghuis Uitgeest, Apostolische kerk Kromme Boomsloot te Amsterdam, Molen de Huisman Zaandam, Nederlands Hervormde kerk Schagen (restauratie schip en toren), Oude kerk Beets, Parochiegebouw H. Martinus Medemblik, Paaskerk Zaandam en Ouder kerk Jisp.
Schraal: ,,Kortom een geweldige impuls voor musea en monumenten. De inwoners van Noord-Holland kunnen hierdoor makkelijker in aanraking komen met ons cultureel erfgoed. Daarnaast is het rijke verleden ook zeer interessant voor de toeristische sector en versterkt het de ruimtelijke kwaliteit. De investering van de provincie betekent een “ondersteuning in de laatste stap” voor initiatiefnemers die musea, archieven en beschermde monumenten willen behouden voor een brede publieke toegankelijkheid. In 2010 kunnen er overigens opnieuw aanvragen worden ingediend. Kijk hiervoor op de website van de provincie Noord-Holland (uitvoeringsregeling musea en monumenten).”
Topsport in Noord-Holland
Maandag 8 februari 2010 stond de nota topsportbeleid op de agenda. Deze nota werd door een grote meerderheid (40 voor, 12 tegen) aangenomen. Daarbij is er een motie aangenomen die werd ingediend door het CDA, door woordvoerder sportzaken Meino Schraal. ,,Wij stemmen volledig in met de ambities van Gedeputeerde Staten op het gebied van topsportbeleid. Voor het CDA is sport van groot belang. Breedtesport vormt daarbij de basis, maar sporttalenten in Noord-Holland, moeten we koesteren. Daarom is een goed topsportklimaat in onze provincie evenzeer van groot belang. Om de doelstellingen van de nota topsportbeleid te bereiken moet de provincie gebruik maken van de kennis en kunde van de ‘regionale huizen van de sport’ en de twee ‘Olympische netwerksteunpunten’ die onze provincie rijk is. In de aangenomen motie is nu bepaald dat deze hierboven genoemde organisaties een coördinerende rol gaan vervullen bij de uitvoering van de nota topsportbeleid”, aldus Schraal.
Schraal: ,,De regionale huizen van de sport zijn in 2005 opgezet, na een motie van het CDA. Deze huizen bieden ondersteuning aan o.a. gemeenten en vrijwilligers van sportverenigingen rond diverse thema’s en knelpunten, zoals vrijwilligersbeleid, arbo wetgeving en diversiteit binnen de sport. De Olympische netwerksteunpunten zijn gelieerd aan NOC-NSF. In deze netwerken worden de Olympische sporters extra ondersteund, zodat zij hun aanwezige talent verder kunnen ontwikkelen.”
Sport heeft primair een hoge intrinsieke waarde: sport is leuk om te doen, om naar te kijken en om in te werken. Maar sport heeft ook belangrijke maatschappelijke waarden in zich en kan een positieve bijdrage leveren aan bijvoorbeeld de persoonlijke ontwikkeling, gezondheid, sociale cohesie, participatie en ontwikkeling van talent.
De nota topsportbeleid kent drie pijlers:
Investering in digitaal museum en culturele biografie Noord-Holland
In de periode 2010-2012 zal een bedrag van 3 miljoen euro worden ingezet voor de ontwikkeling van het digitaal museum en culturele biografie Noord-Holland. Provinciale Staten hebben hier eind 2008 geld beschikbaar voor gesteld vanuit de TWIN-H (Tweede Investeringsimpuls N-H). Het is een eigen initiatief van de provincie om het culturele erfgoed van Noord-Holland toegankelijk te maken voor een breed publiek. CDA-Statenlid Meino Schraal: ,,Het CDA is groot voorstander van dit plan. Wij waren in het verleden de enige partij die het idee van culturele biografieën voor alle Noord-Hollandse regio’s omarmden. Hieruit blijkt wel dat het CDA een partij is dat hart voor de regio heeft. Het is van belang dat de inwoners van Noord-Holland kunnen kennismaken met de cultuur en geschiedenis van hun provincie en regio.
Schraal: ,,Het plan van Gedeputeerde Staten is heel omvattend. Daar ligt dan ook mijn zorg. Komt dit plan wel goed van de grond en blijft het na 2012 ook op eigen benen staan? Zijn verder de belangrijkste Noord-Hollandse cultureel historische instellingen in voldoende mate gelieerd aan de plannen? En wat te denken van de Noord-Hollandse media. Zijn RTV NH en HDC media gecommitteerd aan dit plan voor de multimediale aanpak en promotie? Verder is de koppeling met het Noord-Hollandse toerisme en recreatie van groot belang en daarnaast moeten de ondernemers heil zien in dit plan. Zullen deze partijen na 2012 een financiële bijdrage blijven leveren aan de exploitatie van dit plan? Tot slot zal er een website gelanceerd worden, maar wie gaat er zorgen voor het onderhoud en beheer van deze website? Kortom, er zijn nog een aantal zaken onduidelijk en daarom heb ik daar aandacht voor gevraagd in de commissie Sociale Infrastructuur van 18 januari 2010.”
Noord-Holland kent een rijke geschiedenis en cultuur die terug te vinden is in de collecties van musea en archieven, in gebouwen en cultuurlandschappen maar ook in verhalen van en over Noord-Holland en de Noord-Hollanders. De provincie wil het materiële en immateriële erfgoed van Noord-Holland met elkaar verbinden en op innovatieve en aansprekende wijze toegankelijk maken. Dit sluit aan bij de groeiende belangstelling voor cultureel erfgoed en geschiedenis. Steeds meer mensen zijn geïnteresseerd in hun eigen familiegeschiedenis en die van hun leefomgeving. Het beschikbaar stellen van collecties via internet en andere digitale toepassingen is in toenemende mate een geschikt medium om een groot publiek te bereiken en actief te betrekken.
Het uitgangspunt van het programma is om zoveel mogelijk gebruik te maken van de bestaande expertise, infrastructuur en aanwezig materiaal op het gebied van cultureel erfgoed. Het programma is opgebouwd uit een veelzijdige digitale infrastructuur, een publiekscampagne en projecten. De regionale historische canons die in 2010 voor de hele provincie zijn afgerond vormen de inhoudelijke leidraad. Daarnaast zijn op basis van de canons vier overkoepelende grote Noord-Hollandse thema’s benoemd: Noord-Holland zonder dijken, Het DNA van Noord-Holland, Made in Noord-Holland en Onderweg in Noord-Holland.