Landelijk gebied Het landelijk gebied is van vitaal belang voor Apeldoorn. Traditioneel heeft het buitengebied vooral een agrarische functie. Het landelijk gebied heeft daarnaast een belangrijke natuurwaarde en recreatieve functie.
Omdat de landbouw zo’n belangrijke functie heeft voor het landelijke gebied, staat met het onder druk staan van deze sector eigenlijk het hele landelijke gebied en dan met name de leefbaarheid van dit gebied onder druk. Het CDA wil zich inzetten om het agrarisch karakter van het buitengebied te bewaren. Om de vitaliteit van het platteland te handhaven wil het CDA allereerst bestaande bedrijven ruimte geven om te ondernemen. Daarnaast geeft het CDA voorrang aan het verbreden en versterken van de basis van de bestaande agrarische bedrijven, door ruimte te bieden aan aanvullende economische activiteiten als bijvoorbeeld het verkopen van streekproducten, toerisme en natuureducatie. Bij bedrijfsbeëindiging wil het CDA functieverandering van bestaande bebouwing ondersteunen. In het bijzonder herbestemming van vrijkomende bedrijfsgebouwen voor woonfuncties vindt het CDA belangrijk: een leefbaar platteland is vooral ook een platteland waar gewoond wordt. Het CDA vindt dat de ruimte die het Streekplan op dit punt biedt voor een eigen regionale invulling maximaal moet worden benut. Het CDA wil dat de gemeente actief meedenkt met bewoners op het platteland door hiervoor een specifiek loket, een plattelandswerkplaats in te stellen. Het CDA wil zich blijvend inzetten om ontwikkelingskansen voor ons mooie buitengebied mogelijk te maken. Het CDA is zich terdege bewust van de inspanning die gevraagd wordt om meerdere functies te verenigen. Het CDA erkent dat de gemeente daarin grote verantwoordelijkheid heeft om, behalve het onderzoeken van mogelijkheden, ook keuzes niet uit de weg te gaan
Dorpen Het CDA blijft zich als onderdeel van de stadsdeelaanpak sterk maken voor vitale dorpen, met een bereikbaar en toegankelijk voorzieningenniveau, dat aansluit bij de behoeften van de bewoners. Het CDA wil creatief omgaan met het onder één dak brengen van voorzieningen, het stimuleren van openbaar vervoer op maat, zoals de buurtbus en het in stand houden van scholen. Nieuwbouw, passend bij het karakter van het dorp, moet mogelijk blijven. Deze woningen zijn vooral bedoeld voor de opvang van de lokale bevolkingsgroei. De woningen moeten ook bij voorkeur duurzaam beschikbaar blijven voor de starters op de woningmarkt.
Woningbouw Woningbouwcorporaties, zorginstellingen, scholen, maatschappelijke organisaties en de gemeente kunnen samen meer bereiken dan iedere partij afzonderlijk. De gemeente moet partijen bij elkaar brengen om concrete afspraken te maken over goede, betaalbare woningen en voorzieningen. Woningbouwcorporaties doen veel goed in Apeldoorn. Het CDA blijft ze aanspreken op hun maatschappelijke verantwoordelijkheid om te investeren in woningen en de kwaliteit van de leefomgeving.
Huisvestingsinitiatief Het CDA wil dat de gemeente met de corporaties komt tot een Huisvestingsinitiatief Apeldoorn. Dit huisvestingsinitiatief heeft wat het CDA betreft twee concrete doelen:
de bouw van 1000 betaalbare woningen voor starters realiseren aan het einde van de volgende collegeperiode. Betaalbaar wil daarbij zeggen woningen die maximaal € 150.000 kosten;
voor studenten en jongeren wil het CDA het aanbod studio’s en tweekamerappartementen fors vergroten, onder andere door samen met de corporaties plannen te ontwikkelen voor het herontwikkelen van bestaande grotere woningen of leegstaande kantoorcomplexen.
Het CDA is van mening dat het initiatief zal leiden tot een aanzienlijk kortere wachttijd voor een woning.
Doelgroepen woningbouw De gemeente stimuleert vernieuwingen als kleinschalige woonvormen voor ouderen en andere woon/zorginitiatieven. Verder onderzoekt de gemeente de mogelijkheden van de realisatie van mantelzorgwoningen. In mantelzorgwoningen leven twee generaties dicht bij elkaar, maar wel met een eigen voordeur. Initiatieven voor tijdelijke oplossingen in de vorm van bijplaatsunits worden met een positieve insteek benaderd en beoordeeld. Het CDA is voorstander van deze ontwikkelingen
Woonwensen Er moet meer gebouwd worden naar de wens van de afnemers. Dat wil zeggen dat meer mensen dan nu de ruimte krijgen om te wonen zoals ze willen. Mensen moeten meer mogelijkheden krijgen om verantwoordelijkheid te nemen voor hun eigen huisvesting. Bouwen wat mensen wensen moet het adagium daarbij zijn. Rekening houden met de woonwensen van mensen kan door:
mensen te betrekken bij de vormgeving van woningplannen; toekomstige eigenaren en huurders van woningen moeten meer invloed en zeggenschap krijgen bij nieuwbouw;
mensen uit te nodigen om te komen met creatieve ideeën voor hergebruik van panden en plekken;
samen met woningbouwcorporaties veel sterker in te zetten op verkorting van de wachttijd voor passende huurwoningen.
Gedurende de levensloop veranderen de woonwensen. Deels kunnen levensloopbestendige woningen hierin voorzien. Dit zijn woningen, die meer functies kunnen vervullen. De eisen ten aanzien van de oppervlakte en de inhoud van de woningen nemen gedurende de levensloop meestal niet af. De “verzilvering” leidt tot een andere woningvraag, maar vaak niet tot een vraag naar kleinere woningen.
Het bouwen van generatiebestendige woningen sluit naadloos aan bij de wil van het CDA om duurzaamheid te bevorderen.
Combineren wonen en werken Voor de bestaande woningvoorraad wil het CDA positieve ontwikkelingen stimuleren, zoals meer mogelijkheden voor combineren van wonen en werken en het toestaan van woningaanpassingen als mensen zorg nodig hebben.
Particulier opdrachtgeverschap De gemeente ondersteunt (collectief en individueel) particulier opdrachtgeverschap door gerichte maatregelen zoals kavelpaspoorten, advies en begeleiding en korting op leges. Dat paspoort is een overzichtelijk document van elke kavel met de randvoorwaarden om te kunnen bouwen.
De gemeente bouwt zelf geen woningen. Wel kan de gemeente in haar rol van leverancier van bouwkavels via haar ruimtelijk beleid stimuleren dat meer mensen door middel van een individuele bouwmogelijkheid in hun woonbehoefte voorzien. De afhankelijkheid van ontwikkelaars wordt hierdoor zowel voor de gemeente als voor initiatiefnemers verminderd.
Welstand Veel mensen voelen zich betrokken bij de bebouwde omgeving. Daarbij gaat het niet alleen om de kwaliteit van de bebouwing zelf, maar ook om de inrichting, de inbedding in het groen en de vormgeving van straten en pleinen. Voor het CDA staat voorop dat het welstandsbeleid gebaat is bij helderheid over de welstandscriteria. Voor de burger moet het daarbij helder zijn welke regels en voorschriften hij in acht moet nemen bij het bouwen van de woning. Bepaalde eisen van welstand blijven noodzakelijk om een voor ieder aantrekkelijke woonomgeving te realiseren. Dat neemt niet weg dat de gemeente ook moet durven loslaten. Voor burgers die prijs stellen op volledige keuze- en handelingsvrijheid bij het bouwen van hun woning, kan de gemeente welstandsvrije locaties aanwijzen. Burgers weten dan op voorhand dat er sprake zal zijn een wat rommeliger straatbeeld en diversiteit aan bebouwing. Maar daar kiezen zij dan ook voor. Ook kan de manier waarop welstandseisen worden geformuleerd meer ruimte aan individuele burgers bieden. Dat kan bijvoorbeeld door geen welstandseisen te stellen als burgers willen bouwen in ‘een door passanten niet beleefbare buitenruimte.
Groei? We zijn gewend te denken in groei: meer inwoners, nieuwe wijken, meer werkgelegenheid. Onderzoek wijst uit dat Apeldoorn voor de komende 10 à 20 jaar veel meer moet uitgaan van een gelijk aantal inwoners of misschien zelfs een kleine krimp. Jammer? Het CDA wil de afnemende groei (sommige streken in Nederland zullen zelfs met een dalend aantal inwoners te maken krijgen) vooral ook als een kans zien. Een stabiel inwonersaantal biedt kansen voor een meer op de vraag afgestemde woningbouwproductie. Het accent zal daarbij – op langere termijn- ook meer moeten komen te liggen op het herontwikkelen van delen van de bebouwde kom. Het CDA wil voorkomen dat het stedelijk gebied in kwaliteit achteruit gaat door het in verval raken van bebouwing of willekeurige verwijdering van overtollig geworden bebouwing. Het biedt de mogelijkheid geleidelijk het accent in de ontwikkeling van bedrijvenlocaties te verleggen naar het herontwikkelen van bestaande locaties. Het ruimtelijke ordeningsbeleid moet daarbij vooral kaders geven op hoofdlijnen, zodat steeds flexibel op de actuele behoefte kan worden ingespeeld. De demografische prognoses voor de gemeente (en de regio) zijn daarbij een indicator. Misschien wel het belangrijkste is dat minder groei, of een kleine krimp, volop mogelijkheden biedt om te werken aan duurzaamheid. Behoud van natuurwaarden, het duurzamer maken van de bestaande woningen, het investeren in duurzame energie vragen om onze aandacht. Door bewust sturend handelen van de gemeente kunnen we ook zonder groei komen tot versterking van wat voor het CDA de kernkwaliteiten van Apeldoorn zijn: groen, ruimte en voorzieningen.
Kantoorlocaties Kantoorlocaties moeten meer in clusters worden ontwikkeld. Er is nu te veel versnippering van locaties. Extra toevoeging van kantoorruimtes, lijkt vooralsnog overbodig; het zal veel meer moeten gaan om een bundeling, verplaatsing van de kantoorfuncties. Maar het bedrijfsleven moet voldoende ruimte krijgen om de eigen wensen te kunnen verwezenlijken.
Groen en leefbaar De gemeente moet zorgen voor een goed onderhoud van de openbare ruimte, zowel in het stedelijk gebied als in de dorpen en het buitengebied. Trefwoorden daarbij zijn schoon, heel en veilig. Het tegengaan van achterstallig onderhoud heeft prioriteit. Het CDA wil dat regelmatig met de bewoners een (dorps-) wijk- of buurtschouw wordt gehouden, om knelpunten te inventariseren en aan te pakken. Ook wijkgericht werken is een goede manier om dichtbij en op vraag van de burger bezig te zijn met inrichting en onderhoud van de openbare ruimte. Bij de (her)inrichting van straten en pleinen dient er aandacht te zijn voor de wensen en behoeften van kinderen, ouderen en gehandicapten. Dus ook een levensloopbestendige en aanpasbare openbare ruimte. Binnen elke wijk of buurt dient een ‘plein’ uit te nodigen tot ontmoeting en binding.
Verloedering en vervuiling moeten worden tegengegaan. Ook particuliere verhuurders en particuliere woningbezitters moeten waar nodig worden aangesproken op hun verantwoordelijkheid voor de publieke ruimte. Apeldoorn is een groene stad: het groen is ons visitekaartje naar alle inwoners en naar onze vele bezoekers. Het CDA wil blijven investeren in de aanleg en vooral ook goed onderhoud van ons gemeentelijk groen. Ook hier is regelmatige controle belangrijk om verloedering en vervuiling te voorkomen. Het CDA wil dat er meer ruimte wordt gereserveerd voor speelplaatsen in de buurt, de wijk en het dorp. Het CDA wil dat kinderen op korte afstand van hun huis veilig kunnen spelen. We willen daarom een ‘kindvriendelijkheidstoets’ invoeren bij het voorbereiden van bestemmingsplannen voor nieuwe en oude wijken. Dat betekent bijvoorbeeld dat er gelet wordt op voldoende speelruimte voor kinderen en dat voorkomen wordt dat er onveilige verkeerssituaties ontstaan
Tijdelijk groen Tijdelijke “stadsparken” kunnen moeten worden aangelegd op plaatsen waar de bebouwing is gesloopt en het nog geruime tijd zal duren voordat een concrete nieuwe functie met bijbehorende bebouwing zal worden gerealiseerd.