Nieuws
Antwoorden gegeven door het college over de inhuur van externen
dinsdag 6 september 2011

 

 

 

 

Op 5 september 2011 heeft het College van Burgemeester en wethouders de vragen ontvangen die namens de CDA fractie aan het college zijn gestuurd. In deze brief worden puntsgewijs eerst de vragen genoemd en aansluitend ons antwoord gegeven.

1. Wat was de omvang (uitgedrukt in financiële termen) van de inhuur van “personeel niet in loondienst” in 2010 en in de eerste helft van 2011?

Voor 2010 bedroegen de kosten van de inhuur externen 1,7 miljoen euro. Over de eerste helft van 2011 (tot 1 juli) bedroegen de kosten € 783.000,--. De prognose voor 2011 is 1,5 miljoen (zie hiervoor de zomernota). Deze kosten worden enerzijds gedekt uit de onderuitputting van het salarisbudget (vacaturegelden) en anderzijds wordt het restant in de rekening verwerkt. Voor 2011 wordt ca. € 950.000,-- aan vacaturegelden geprognosticeerd en zal ca. € 600.000,-- minus de het in begroting 2011 geraamde bedrag (€ 150.000,--) ten laste van het rekening saldo komen (zie zomernota).

In onderstaande tabel is het verloop van de externe inhuur over 2008 tot 2012 weergegeven.

2008: 2,3 miljoen;

2009: 1,6 miljoen;

2010: 1,7 miljoen;

2011: 1,5 miljoen (prognose);

2012: 1,3 miljoen (taakstellend).

2. Kunt u deze inhuur, ter verduidelijking, in (grove) categorieën indelen?

De inhuur kan grofweg in (onderstaande) 3 categorieën worden ingedeeld, te weten:

1. inhuur van specifiek benodigde kennis/deskundigheid;

2. inhuur bij ziektevervanging/zwangerschap;

3. inhuur bij tijdelijke opvulling openstaande vacatures.

Bij grote projecten, als bijvoorbeeld de Noordschil en het Laanplein, wordt de externe inhuur binnen de projectbegroting opgenomen. Dit geldt overigens ook voor kleinere projecten, als bijvoorbeeld GVVP, Visie wonen, Panorama 2030. De financiering van de inzet van externe inhuur voor deze projecten wordt gelijktijdig bij het voorstel aan de raad gevraagd.

3. Of er een actief beleid wordt gevoerd om de inhuur van derden terug te brengen?

4. Zo ja, wat dat beleid dan is?

Om beter regie te kunnen voeren op de inhoud en uitgaven van de externe inhuur heeft ons college voorschriften opgesteld. Die voorschriften hebben betrekking op het beoordelen van de noodzaak om tot externe inhuur over te gaan en voor de beoordeling van de aard en omvang, juist ook financieel, van de te verstrekken opdracht. Deze voorschriften houden in dat in alle gevallen schriftelijk een voorstel via de algemeen directeur aan het college gedaan wordt om in te kunnen huren. Er zal alleen goedkeuring verleend worden als het gaat om:

 zeer specialistisch werk,

 het ontstaan van onverantwoorde achterstanden en/of risico’s

 het mogelijk aangaan van samenwerkingsverbanden met andere gemeenten.

Daarnaast dient aangegeven worden:

- om welke werkzaamheden het gaat;

- of er alternatieven voorhanden zijn om deze werkzaamheden in eigen beheer uit te voeren cq. te temporiseren, danwel uit te stellen;

- wat het afbreukrisico is als niet tot inhuur wordt overgegaan;

- wat de duur van de inhuur is;

- wat de te leveren prestaties door de inhuurkracht zijn;

- de kosten van de inhuur en de dekking die hiervoor beschikbaar is;

- hoe de kennis geborgd wordt bij het vertrek van de ingehuurde medewerker.

Aanvullend geldt de verplichting dat meerdere offertes opgevraagd dienen te worden om de kosten van inhuur te beperken of gebruik te maken van de raamovereenkomst vanuit de regio GV&E.

5. Bent u bereid een dergelijke toezegging (procentueel normbudget) aan de gemeenteraad te doen?

6. Zo ja, wat zou volgens u een ambitieus maar realistisch maximaal percentage moeten zijn?

Een regeling als binnen de Rijksoverheid gangbaar is staat ons ook voor ogen. Overwogen wordt om een verschil in dekking te creëren tussen de bij punt 2. aangegeven categorieën. De categorieën 2. en 3. zouden in deze opzet bekostigd worden uit de onderuitputting van het salarisbudget (vacatureruimte, dit is het verschil tussen de geraamde en daadwerkelijk uitgegeven loonsom). Ten behoeve van categorie 1. wordt een dekking geraamd van maximaal 5% van de loonsom. Externe inhuur ten behoeve van de begeleiding van projecten willen wij uitsluiten van het budget externe inhuur. Deze kosten dienen geraamd te worden in de projectbegroting van het betreffende project. Naast de vacatureruimte wordt in 2012 voor externe inhuur 5% van de loonsom (ca. € 400.000,--) geraamd. Met dit percentage komt de externe inhuur van de gemeente Baarn op het gemiddelde niveau van gemeenten van vergelijkbare gemeentegrootte (zie bijgevoegd artikel uit Binnenlands Bestuur d.d. 29 juli 2011).


A A A     voorleeshulp     inloggen     English
1  2  3  4 
Archief
  • 2012
  • 2011