Woorden van oud-voorzitter Henk de Boer bij het afscheid nemen als voorzitter CDA Dalfsen.
Wat
gebruiken wij veel woorden in de politiek. Verkiezingsprogramma’s,
beleidsnota’s en evaluaties worden in fraaie volzinnen geschreven. Zorgvuldig
gekozen woorden om vervelende problemen te duiden. Soms veel woorden om
uiteindelijk niks te zeggen. Dan weer rake woorden in een vurig debat of
vlijmscherpe woorden in de oppositie. Prachtige persberichten om onze
verontrusting te verwoorden of te etaleren hoe goed we het doen. Kijk eens aan,
weer vragen gesteld, weer een debat gevoerd. Je dient een motie in en dan lijkt
het allemaal in eens heel anders in de wereld. Was het maar waar!
Woorden
– goed gekozen en gerangschikt – kunnen verleiden of misleiden, informeren of
manipuleren, inspireren en tot leven wekken of juist doodslaan en marginaliseren.
Politiek gaat daardoor soms op een woordenfabriek lijken, vol van communicatie
en reclame-trucs. Voor christendemocraten zijn echter niet alle woorden gelijk.
Onze politieke overtuiging vindt haar wortels in Gods Woord. Woorden die tot
leven wekken. Woorden die verschil maken tussen licht en duisternis, tussen
liefde en haat. Woorden die verdragen en verbinden in plaats van te veroordelen
en te verketteren. Laten wij ons door die woorden laten inspireren en
bemoedigen. Ons geroepen voelen recht en barmhartigheid te doen. Met een zuiver
hart en vol geloof werken aan betekenisvolle maatschappelijke veranderingen. De
zin van het leven roept niet op tot passiviteit maar juist tot activiteit.
Samen delen. Niet de waan van de dag en populistische gevoelens laten
zegevieren. Hoogleraar Henri Beunders zei:”We zijn in meerderheid hard geworden
en proberen die hardheid af te kopen met een aflaat: Mauro. Wij projecteren
allerlei gevoelens op hem om onszelf iets beter te voelen. Dit is een
allochtone jongen die er leuk uitziet. Iemand om lief te hebben. Zo bewijzen
wij dat wij goed zijn. Mauro was
speelbal van politieke, commerciële en individuele belangen”. De Tweede Kamer wist dat ze Mauro op basis van de
huidige wet niets konden bieden. Er is een bedenkelijk spel gespeeld. Dibi van
Groen Links zei: “We hebben gegokt, maar verloren.” Het CDA vindt dat je met
weerlozen niet gaat gokken.
Als
christendemocraten hebben wij een relationeel mensbeeld. Je bent pas echt mens
in relatie tot de ander: als partner, moeder of vader, vriend of vriendin,
werkgever of werknemer. Het is de taak van de overheid om in beleid en
wetgeving dit mogelijk te maken. Om de solidariteit tussen mensen te
bevorderen. De overheid heeft daarin belangrijke instrumenten, maar daarmee is
niet alles gezegd. Het kan alleen als mensen zelf bereid zijn om het belang van
het samenleven boven hun eigen belang te stellen. Zijn we echt bereid om
onszelf zonder zelfbehoud te geven voor de ander, de samenleving? In het
krachtenveld van de politiek is dat niet eenvoudig.
De
voorlopige bevindingen commissie “Nieuwe woorden, nieuwe beelden”van Jacobine
Geel, vertolkt op het inspirerende CDA Congres, geven het CDA hoopvolle
bouwstenen voor nu. Christendemocratisch
denken weet van hoge idealen, grootse perspectieven en inspirerende visioenen.
Maar het weet evenzeer van praktische bezwaren, problemen en weerstanden. Net
zo goed als het weet hoe weerbarstig de werkelijkheid vaak is, hoe complex de
problemen zijn. Een goede leidraad bij dat zoeken en tasten is het gebed:
God,
geef
ons de rust om te aanvaarden wat we niet kunnen veranderen,
de
moed om te veranderen wat we kunnen veranderen,
en
de wijsheid om het onderscheid te maken.
Henk de Boer