1. Een moderne volkspartij
Het CDA is een moderne volkspartij. Betrokkenheid bij gezin, familie, gemeenschap, school,
buurt, bedrijf en vereniging staat centraal. Gedeelde betrokkenheid zorgt voor een breed
gemeentelijk draagvlak. Het CDA heeft een eigen plaats in de Nederlandse politiek: sociaal op
sociaal-economisch gebied en huisvesting, degelijk qua overheidsfinanciën, realistisch vooruit
strevendals het gaat om milieu en duurzaamheid, gezondheidszorg, onderwijs, cultuur en sport.
Vasthoudend en appellerend op het terrein van normen en waarden.
Het CDA is geworteld in alle lagen van de samenleving. De partij is een thuis voor mensen die
zich aangesproken voelen door het christen-democratische gedachtegoed. Bij het zoeken naar
oplossingen zijn democratische waarden en het christelijke geloof in een hedendaagse context
de inspiratiebronnen.
Constanten zijn geluk, waardigheid, respect, veiligheid en geborgenheid, zorgen voor en gemeenschapszin.
Uitgangspunten
Het CDA hanteert vier uitgangspunten. In onderlinge samenhang geven ze inhoud aan onze
ambities.
1. Rechtvaardigheid. Het CDA staat voor een rechtvaardige samenleving. De overheid heeft
hier een dienende rol. Recht komt tot uitdrukking in deugdelijke wetten en helder beleid. Rechtvaardig
is óók de bescherming van sociaal en economisch zwakkeren.
2. Solidariteit. Mensen hebben boodschap aan elkaar. Van de sterken mogen we offers vragen.
Solidariteit overstijgt de grenzen van de eigen groep en het eigen land. Een solidaire overheid
garandeert ‘de vloeren’ in de sociale zekerheid en appelleert om samen te werken aan
maatschappelijke ontplooiing.
3. Gespreide verantwoordelijkheid. De overheid stimuleert de eigen verantwoordelijkheid van
mensen en organisaties. De overheid geeft hen de mogelijkheden dit waar te maken. Idealiter
worden politieke besluiten dicht bij de mensen, dus op lokaal niveau, genomen.
4. Rentmeesterschap. We gaan zorgvuldig met elkaar en de omgeving om. Die omgeving
omvat niet alleen het natuurlijk milieu en historisch erfgoed, maar ook de omgang met gaven op
het gebied van wetenschap, techniek, arbeidsverdeling of cultuurvorming.
Betrouwbare factor
CDA Eindhoven is een stabiele, betrouwbare politieke factor. Op basis van vaste waarden slaan
we nieuwe wegen in. Politiek is geen doel op zich, maar een manier om zaken voor elkaar te
krijgen. Een deskundig CDA heeft duidelijke standpunten, maar dwingt niets
af. Besluiten die op steun van de gemeenschap kunnen rekenen - of (gehonoreerde)
initiatieven die er uit voortkomen - zijn duurzamer dan die met
een geforceerd krappe basis. Samenwerken en ruimte geven zijn ook voor
CDA Eindhoven cruciaal.
Dit programma is geen verantwoording over het gevoerde beleid in de raadsperiode
2006-2010. Veel zaken zijn aangepakt en verbeterd, mede door
de stevige inzet van het CDA Eindhoven. Veel zaken worden de komende
periode gecontinueerd; in dit verkiezingsprogramma worden die niet apart
genoemd. Per beleidsterrein worden hierna de hoofdlijnen weergegeven.
2. Veilig wonen
De statistieken spreken voor zich: Eindhoven scoort matig op het gebied van
veiligheid. Het aantal inbraken uit woning en auto en geweldplegingen is te
hoog. Een veilig Eindhoven staat bovenaan onze agenda. Een oplossing
vraagt in ieder geval een goede centrale regie en maatwerk in stadsdelen en
buurten.
Pleinen en straten: ontmoetingsplek voor iedereen
Leefbaarheid en veiligheid worden zichtbaar op pleinen en straten. Hier ontmoeten mensen
elkaar en ontstaat het buurtgevoel. Pleinen en straten zijn van alle burgers, niet alleen van
autobezitters of groepen jongeren. In het kader van de wijkverbetering wordt de aanleg van
honden uitlaatterreinen versneld. Het CDA wil bewoners nauw betrekken bij de (her)inrichting
van pleinen en straten. De gemeente informeert bewoners direct, dus niet alleen via de buurtvereniging,
over plannen, inspraakmogelijkheden en besluitvorming. Periodiek overleg wordt
actief gestimuleerd.
Daar waar de publieke ruimte niet van álle burgers is, wordt ingegrepen. Overlast zoals vernielingen,
geluid, vervuiling en alcohol- en drugsgebruik op straat worden aangepakt. Richting
de jeugd zorgt de gemeente wél voor alternatieven zoals sportclubs, buurthuizen en opvang.
Tweede spoor is bestuurlijke strafbeschikking – een nieuw handhavinginstrument tegen allerlei
ergernissen in de publieke ruimte. Hiermee kunnen overtreders snel worden gestraft. Er worden
buurtconciërges aangesteld, eventueel in samenspraak met woningbouwcorporaties. Zij spelen
een belangrijke rol in het onderhouden en schoonhouden van een (gedeelte van een) wijk en
het tegengaan van verloedering.
Voorkomen beter dan genezen
In Eindhoven moeten mensen zich overal veilig voelen: bewoners in de wijken, reizigers in het
openbaar vervoer, scholieren in hun omgeving, winkeliers bij de uitoefening van hun beroep,
uitgaanspubliek in de binnenstad. Extra toezicht is een belangrijk middel.
Het CDA is voorstander van cameratoezicht. De privacy van individuen mag uiteindelijk geen
beletsel zijn. Uitbreiding van het aantal stadswachten vergroot de leefbaarheid. Waar het hun
bevoegdheden te boven gaat, schakelen zij de politie in. Het CDA streeft er naar de politie-inzet
en de zichtbaarheid van de politie op straat voor de burgers te vergroten.
Coffeeshops mogen niet binnen een straal van 250 meter rond scholen, sportaccommodaties,
jeugdvoorzieningen en kinderrijke woonwijken staan. Het CDA wil de criminaliteit en overlast
door drugsgebruik terugdringen. Een pasjesregeling voor de aankoop van softdrugs voorkomt
dat de stad een ‘bovenregionale functie’ krijgt. Wij staan een beleid voor om coffeeshops te sluiten
bij een wisseling van eigenaar, tot er nog maximaal 8 coffeeshops overblijven. Eindhoven
en Helmond hoeven niet de hele last van de regio te dragen. Neemt de regio haar verantwoordelijkheid
niet, dan kan de beoogde pasjesregeling worden aangescherpt.
De gemeente durft specifieke (jeugd)groepen te benoemen waarvan de leden een grote kans
hebben af te glijden richting criminaliteit. Een opvoedingsinternaat, waar zware overlastveroorzakende
of criminaliserende jongeren gedwongen verblijven om er te werken, te leren en voor
(her)opvoeding verdient de voorkeur boven een penitentiaire instelling.
Doelgroepgericht en integraal werken vragen om deskundigheid om vroegtijdig in te kunnen gri-
jpen. Na het strafrechtelijke traject blijven veroordeelden in beeld. Om herhaling te voorkomen,
kunnen zij rekenen op woonbegeleiding, dagstructurering en nazorg.
Het CDA is trots op het in Eindhoven opgezette Veiligheidshuis.
3. Burger betrekken bij leefomgeving
Eindhoven is een prettige stad om te wonen. De balans tussen groen, voorzieningen, mobiliteit
en woningen is er goed in vergelijking met andere grote steden. Actief burgerschap
staat voor het CDA centraal. Met een gemeente die verantwoordelijk
is voor de basisvoorzieningen: een schone, onderhouden en veilige buurt.
De betrokkenheid van burgers bij de inrichting van de leefomgeving maakt
het verschil. De gemeente steunt buurtinitiatieven. Wij willen het aantal
buurtcontacten uitbreiden naar alle buurten met voldoende draagvlak en
initiatieven.
De procedure voor de financiering van wijkinitiatieven voor verbetering van
woonomgeving, leefbaarheid of sociale cohesie (bijvoorbeeld buurtactiviteiten)
moet worden vereenvoudigd. Een kleinschalig wijkinitiatief mag niet
stranden omdat de gemeente niet meewerkt of omdat er geen financiële
middelen zijn. De gemeente geeft binnen één week uitsluitsel.
Communicatie met en tussen burgers
Nieuwe ontwikkelingen en plannen van de gemeente worden nadrukkelijk met de bewoners
gecommuniceerd. Door goede communicatie voelen burgers zich betrokken bij de plannen.
Buurtbemiddeling vooraf kan veel procedures voorkomen. Een ‘rijdende rechter’ neemt spanningen
zo snel mogelijk weg
Wijkvernieuwing
Wijkgericht werken en vernieuwen is een zaak van samenwerking tussen burgers, de gemeente,
corporaties en maatschappelijke organisaties.
Het CDA pleit voor wijkvernieuwing met aandacht voor de fysieke, de economische en de
sociale samenhang. De technische kwaliteit van huizen gaat hand in hand met de leefbaarheid
van de wijk. Er zal pas tot sloop worden overgegaan wanneer er geen acceptabele alternatieven
meer mogelijk zijn. Bij de wijkvernieuwing wordt ook gelet op het
behoud van kleine winkels en ambachtelijke arbeid.
Actief burgerschap betekent ook dat particuliere woningverbeteringen eerder
in aanmerking komen voor subsidie, mits het past binnen de wijkvernieuwing.
Het aantal 30 km-zones moet sneller worden uitgebreid, maar mét een adequate
inrichting. Ook ten aanzien van het sluipverkeer worden maatregelen
getroffen.
Integrale gebiedsontwikkelingen zijn tot nu toe onvoldoende voortvarend
aangepakt. Integraal verantwoordelijke gebiedsregisseurs zorgen ervoor
dat ontwikkelingen (o.a. rondom leegkomende kerken, in De Bergen, op het
Van der Meulen Ansems terrein) in versneld tempo in gang worden gezet en
uitgevoerd.
Strijp-S wordt doorontwikkeld. Het CDA wil de haalbaarheid van een even- emententerrein
en een congresfaciliteit op Strijp-S onderzoeken.
Gevarieerd woningaanbod
Iedere Eindhovenaar, jong en oud, heeft recht op een passende woning. De gemeente werkt
aan een gevarieerd woningaanbod; ook per wijk. Op basis van hun maatschappelijke verantwoordelijkheid
en functie ligt hier een belangrijke taak voor corporaties. De gemeente en woningcorporaties
hebben met enige regelmaat overleg, waarbij de gemeente de regie in handen
houdt. Het actief en creatief herontwikkelen van leegstaande objecten maakt huisvesting voor
jongeren en studenten mogelijk. Het CDA zet zich in voor een betaalbaar woningaanbod voor
starters (kopers en huurders).
Eindhoven blijft groeien, maar kan niet meer voldoende op eigen grondgebied bouwen. De BOR
afspraken met omliggende gemeenten moeten onverkort worden uitgevoerd.
Nieuwe woningen zijn duurzaam en aanpasbaar. Innovatie, samen met de industrie, speelt
hierbij een belangrijke rol. De integratie van technologie en diensten (domotica) voor een betere
kwaliteit van wonen en leven resulteert in meer leeftijdsonafhankelijke woningen.
Kleinschalige woonvormen voor ouderen, zoals communes en mantelzorgwoningen worden
gestimuleerd door samenwerking van woningbouwcorporaties, zorgaanbieders en welzijnsinstellingen.
Het aantal woonservice-zones wordt uitgebreid tot minsten twee per stadsdeel.
Het Collectief Particulier Opdrachtgeverschap zal meer dan nu, worden toegestaan.
Meer groen
Het CDA wil meer groen, vooral in het centrum. Het Fens-terrein wordt een groene stedelijke
oase; het parkeren gaat hier ondergronds, waardoor ook een betere verbinding ontstaat tussen
De Bergen en de binnenstad. Ook op het Van der Meulen Ansems-terrein
komt een groene oase.
Het schoonhouden van groen door buurten, bedrijven en organisaties wordt
bevorderd. Verticale tuinen (bijvoorbeeld langs gevels) verdienen een kans.
4. Gezinnen, jongeren en ouderen
Een hecht gezin betekent geborgen opgroeien. Het leren van regels en de
omgang met verantwoordelijkheden worden er gestimuleerd. Het overgrote
deel van de ouders kan voor zo’n omgeving zorgen. Maar: er zijn moeilijke
momenten in de opvoeding. Ook zijn er ouders die de mooie maar moeilijke
taak onvoldoende kunnen vervullen.
De landelijke overheid perkt de Awbz, de volksverzekering voor ziektekostenrisico’s,
in. Er zijn Eindhovenaren die hierdoor in de problemen komen.
De gemeente zal voortdurend monitoren of de bestaande organisaties en
netwerken nog steeds in staat zijn om een zo adequaat mogelijk antwoord te geven op
nieuwe hulpvragen en actie ondernemen indien dat nodig is.
Gezin
Om ouders te helpen, wordt het Centrum voor Jeugd en Gezin krachtig verder ontwikkeld. Als
een laagdrempelige organisatie bij opvoedingsvragen en als begeleider naar de juiste hulpverlener,
ook als de ouders hun taak verzaken.
Van gezonde gezinnen en samenlevingsverbanden gaat een preventieve werking uit. Voor
samenhang in jeugdbeleid, jeugdgezondheidszorg en jeugdzorg wil het CDA een aparte portefeuille
‘Jeugd en Gezin’.
Een intensieve samenwerking met zorgaanbieders moet leiden tot maatschappelijk aanvaarde
wachtlijsten in de jeugdzorg. Hierbij vervult het centrum voor jeugd en gezin een actieve rol.
Kleinschalige kinderopvang verdient de voorkeur. Regeldrift mag het idee van ‘gastouder zijn’
nooit smoren; ouders zijn natuurlijke en betrokken toezichthouders! In de nieuwe spilcentra is
royaal ruimte voor naschoolse opvang.
Jongeren
Mede door de inbreng van het CDA is het jeugdbeleid nu breder, minder verkokerd en pro-actief.
Toch wordt nog vaak zónder jongeren óver jongeren besloten. De gemeente moet structureel
overleggen met jongeren, samen met scholen, opleidingsinstituten en jongerenorganisaties.
Dit overleg stimuleert de betrokkenheid van jongeren bij het bestuur en vergroot de acceptatie
van beleid.
Jongeren verdienen hun eigen plek in de eigen buurt. Zo’n plek moet er komen, in samenspraak
met de jongeren zelf, die ook nauw worden betrokken bij de realisatie. De aanpak, eventueel
met een nieuwe aanbieder, kan creatiever.
Voorlichtingsprogramma’s hebben een gering en nauwelijks blijvend effect op het gedrag van
jongeren. Echte winst is verbetering van de leefstijl. Via scholen en sportverenigingen dagen we
jongeren uit tot een actieve betrokkenheid bij het realiseren van programma’s tegen overmatig
alcoholgebruik, ongezonde voeding, drugs en gokverslaving, et cetera.
Van scholen verwacht het CDA intensieve samenwerking met de jeugdhulpverlening, schoolmaatschappelijk
werk en het welzijnswerk. Scholen signaleren vroegtijdig probleemgedrag en
nemen maatregelen. De zorgplicht van scholen gaat dus verder dan het aanbieden van een
passend onderwijsarrangement aan aangemelde leerlingen.
Ouderen
Veel ouderen willen zelfstandig blijven wonen, bij voorkeur in hun eigen omgeving. Het CDA
maakt zich hard voor levendige wijkcentra met alle basisvoorzieningen. Zo kunnen senioren
geborgen en veilig blijven deelnemen aan het leven in hún wijk.
Het CDA vraagt aan álle inwoners van Eindhoven om goed te letten op kwetsbare en/of een
zameouderen. Zij verdienen zorg en aandacht van familie, buren, vrijwilligers en kerkleden. De
gemeente zorgt, waar nodig, voor een adequaat vangnet. De gemeentelijke Preventie en Informatie
Teams verdienen versterking met vrijwilligers, bijvoorbeeld vanuit de kerken en andere
sociaal-maatschappelijke organisaties.
De gemeente communiceert actief met ouderen en hun organisaties en betrekt hen bij het
beleid (Wmo, woon- en zorgvoorzieningen).
5. Onderwijs
Voor het CDA is onderwijs het fundament voor een samenleving met perspectief. Scholen zijn
een ontmoetingsplek waar jongeren worden gevormd voor een plaats in de maatschappij. Scholen
zijn dé manier om jongeren te bereiken (‘de school als vindplaats’). Nóg een reden om aan
onderwijs hoge politieke prioriteit te geven.
Kwaliteit staat voorop
De kwaliteit van het onderwijs staat voorop. Alle scholen moeten goed zijn, ongeacht hun signatuur.
Kwaliteit betekent allereerst passend onderwijs voor élke jongere. Dit vraagt afstemming
tussen de verschillende scholen, besturen en ouders. Het CDA steunt alle inspanningen van
ouders en/of schoolbesturen om de problematiek van de zwarte/witte scholen op te lossen.
Om voortijdige schooluitval te verminderen investeert de gemeente in projecten en samenwerking
met het schoolmaatschappelijke werk van de scholen.
Om de kwaliteit van onderwijs te verbeteren, wordt ook de huisvesting verbeterd en gemoderniseerd.
Het CDA kiest voor door-decentralisatie. Scholen zijn immers niet alleen leslokalen maar
ook opvangplaatsen voor de jeugd. Scholen worden gestimuleerd om ook buiten schooltijden
open te zijn voor activiteiten van derden. Integratie met andere voorzieningen in de wijk, bijvoorbeeld
buurtontmoetingsruimten, is een noodzaak. De gemeente neemt het voortouw om een
heldere beheersstructuur van de gebouwen te ontwikkelen.
Het SPIL-concept dat in Eindhoven is gestart en waarin scholen, kinderopvang, peuterspeelzalen
en opvoedingsondersteuning goed samenwerken, moet nog beter worden uitgewerkt.
Op basisscholen komen meer conciërges. Dit is goed voor de werkgelegen
heid,leraren worden ondersteund bij het uitoefenen van hun taak en het
draagt bij aan de gezondheid en veiligheid van de leerlingen. De banenpool
wordt hiertoe uitgebreid.
De verkeersveiligheid rondom scholen, in het bijzonder tijdens het brengen
en halen, wordt bewaakt.
We willen studenten stimuleren maatschappelijke stages te verrichten. Bijvoorbeeld:
studenten van de sporthogeschool die de breedtesport helpen.
(v)mbo
Op alle scholen, maar in ieder geval op vmbo-scholen, ontvangen leerlingen
van 08.00 uur tot 17.00 uur in een of andere vorm onderwijs of onderricht in
sport of cultuur. Dit voorkomt dat jongeren gaan rondhangen.
Het CDA wil drie brede vmbo-vestigingen in Eindhoven realiseren. Het benodigde
geld wordt hiervoor vrijgemaakt.
6. Zorg en welzijn
Ieder mens hoort erbij, ieder mens heeft talenten. Dit geldt ook voor ouderen en voor mensen
met een beperking. Veel mensen willen zo lang mogelijk zelfstandig leven en beslissen. Het
CDA spreekt mensen aan op wat ze wél kunnen, in plaats van op wat ze niet kunnen. Het gaat
om meedoen en mee kúnnen doen.
Mantelzorg en zelfzorg
Mantelzorg verdient maximale ondersteuning. Geïnvesteerd wordt in mantelzorgnetwerken,
respijtzorg, jaarlijkse ontmoetingsbijeenkomsten van mantelzorgers, computercursussen, et
cetera. Mensen die daarvoor belangstelling hebben, worden uitnodigend deel te nemen aan
netwerken van steunsystemen. Zo komen ze in contact met andere mensen voor wie ze wat
kunnen betekenen.
Zelfhulpgroepen zijn een bewezen ‘goed concept’. Zelfhulp wordt meegenomen in het informele
zorgbeleid. Zelfhulporganisaties worden optimaal gefaciliteerd. Niet alleen door ze onder één
dak te huisvesten maar ook door continuïteit te borgen door middel van deskundigheid op gepaste
afstand.
Verbetering buurtzorg
Het zorgaanbod is versnipperd. De regie raakt zoek bij mensen met complexe gezondheid- en
welzijnproblematiek en bij mensen die (te) vroeg uit het ziekenhuis worden ontslagen.
Het CDA wil, binnen de thuissituatie, de menselijke maat in de zorg terugbrengen. Dat betekent
persoonlijk contact met de cliënt en een gepaste snelheid van handelen. Deze adequaatheid is
te realiseren door het Wmo-loket verder door te ontwikkelen en kwalitatief op een hoger plan te
brengen.
Voorzieningen en diensten moeten beschikbaar en toegankelijk zijn op wijk- en buurtniveau. Het
CDA steunt op wijkniveau diverse soorten voorzieningen (hulp in de huishouding, verpleging,
persoonlijke verzorging). Zo kunnen mensen met een zorgbehoefte zo lang mogelijk zelfstandig
wonen en participeren.
Het CDA wil de buurtzorg verbeteren. Dit kan en mag een sterk vernieuwend karakter hebben
(veldexperiment met participatie van buurtorganisaties, verzekeraars, zorgaanbieders, woningbouwcorporaties
en de gemeente).
Wat betreft het zorgaanbod wil het CDA toe naar kleine zorgteams die de mensen kennen en
die vertrouwd zijn met de buurt en de wijk. Kortom de leefomgeving doet er toe en die telt mee.
Het CDA wil dat voor de Wmo een adequate en onafhankelijke klachtenregeling bestaat. Nu
duurt de klachtenbehandeling te lang.
De aanrijdtijden van taxibusjes worden tot een aanvaardbaar niveau teruggebracht.
Alcoholgebruik jongeren
Alcoholgebruik door jongeren is een serieus probleem. Jongeren die opgenomen worden in het
ziekenhuis als gevolg van alcoholvergiftiging zijn vaak onder de zestien. Alcohol richt bij jongeren,
in hun zich ontwikkelende hersenstructuren, veel onomkeerbare schade aan.
De grens voor alcoholverkoop in heel Eindhoven wordt opgetrokken naar achttien jaar. Overtredingen
worden direct met lik-op-stuk beleid aangepakt. Bij overtredingen
zijn maatregelen richting ouders op zijn plaats (proces verbaal).
Via scholen en via de eerste en tweede lijnszorg wordt het bestaande preventieprogramma
uitgebouwd.
Het ‘ongelimiteerd’ indrinken wordt beperkt. Gemeente en horeca onderzoeken
samen hoe de binnenstad op een vroeger tijdstip aantrekkelijker is te
maken. Daarmee willen we een kentering bereiken t.a.v. de uitgaanstijden.
We willen de sluitingstijden in afstemming met de regio stapsgewijs terugbrengen.
Per direct willen we om overlast te reduceren het volgende model
hanteren: sluiting om 04.00 uur, maar om 03.00 uur moeten stappers in de
kroeg zijn en laten exploitanten geen stappers meer toe. Zo verloopt de uit
stroomgeleidelijker.
Armoede
Armoede gaat vaak samen met laaggeletterdheid, een mindere gezondheid en een sociaal
isolement. Arme mensen hebben moeite er bij te blijven horen. Het CDA wil armoede terugdringen
door onderwijs te bieden aan mensen die de Nederlandse taal onvoldoende beheersen.
Naast scholing zijn extra banen ‘aan de onderkant’ nodig. We maken werk van schulddienstverlening.
Het besluit om minima aan te bieden hun woningen te checken op energie zuinigheid is genomen.
Het CDA gaat zich inzetten om isolatie mogelijk te maken om zo de stijgende energiekosten
een halt toe te roepen.
In lijn met de aanbevelingen van het Armoederapport zullen minima geactiveerd worden om
deel te blijven nemen aan de samenleving, bij voorkeur door middel van betaald werk, en anders
door vrijwilligers werk.
7. Vrijwilligers, sport en cultuur
Eindhoven is een warme stad. Mensen gaan hier op een plezierige, respectvolle en behulpzame
manier met elkaar om. Vrijwilligers, sportverenigingen en culturele instellingen dragen de
warmte die de stad uitstraalt.
Vrijwilligers
Vrijwilligers zijn het hart van het sociale leven. Hun inzet verdient alle waardering. Waar mogelijk
ondersteunt de gemeente verenigingen met een maatschappelijk doel – ook als blijk van
waardering. De hulp is gericht en concreet, bijvoorbeeld ondersteuning bij het opzetten van een
financiële en/of ledenadministratie.
Sport
Sport houdt lichaam en geest gezond. Gezondheid is een prioriteit, let alleen maar op de toename
van het aantal te zware jongeren. Het CDA wil, ook als stimulans voor sportverenigingen,
het lidmaatschap voor jongeren makkelijker maken. Ook nieuwe vormen van sport (urban sports
en urban culture) verdienen ondersteuning. De gemeente gaat na of jeugdsubsidie voor sportverenigingen
haalbaar is.
Het CDA vindt het belangrijk dat het voor ouderen goed mogelijk is om te sporten.
Voor het accommodatiebeheer en voor de bestuurlijke taken, o.a. op financieel en juridisch
gebied, van de breedtesportclubs regelt de gemeente ondersteuning. Clubs die bijzondere aandacht
geven aan integratie, non-alcohol gebruik en normen en waarden kunnen een tariefskorting
tegemoet zien.
Cultuur
Door haar verleden als stad en zes dorpen (Tongelre, Stratum, Strijp, Gestel, Woensel en Acht)
kent Eindhoven een divers cultuurhistorisch erfgoed. Behoud van dit erfgoed is cruciaal voor
een vitale stad met een ziel en karakter. Beeldbepalende gebouwen verdienen geen slopershamer,
tenzij de onvermijdelijkheid van sloop is aangetoond. De aanpak van achterstallig
onderhoud aan monumenten in gemeentelijk bezit wordt versneld. De ‘Philips Boulevard’ - een
allee met allure, van NS Station tot voorbij de Hoge Rug – is belangrijk vanwege ons industriële
verleden. Deze boulevard moet er komen.
In breder verband presenteert Eindhoven zich als een moderne, zelfbewuste cultuurstad. Hiervoor
is een duidelijke, niet-vrijblijvende samenwerking tussen alle culturele instellingen noodzakelijk.
Realisatie van een gezamenlijk depot kan hieraan bijdragen. CDA steunt de ambitie om in
2018 als Brabant-stad Culturele Hoofdstad van Europa te worden. Hierbij past de realisatie van
het Philips paviljoen ‘La Poème Electronique’.
Het Gildenwezen en kunstbeoefening door amateurs worden blijvend financieel gesteund. Er
dienen voldoende geschikte repetitieruimten te zijn. De gemeente ondersteunt de zoektocht
naar ateliers voor (beeldende) kunstenaars.
Design is belangrijk voor de lokale cultuur en economie. Juist de combinatie tussen cultuurhistorisch
erfgoed en moderne cultuur is een uitstekende voedingsbodem voor innovatie en design;
begrippen die het Brainport-concept (zie paragraaf 8) ondersteunen. Een aardig voorbeeld van
innovatie en design is de ontwikkeling van een watermolen met ultramoderne schoepenradtechniek.
De incidentele en structurele problematiek van de basisinstellingen (Instellingen die de kern
vormen van cultuur in de stad) worden opgelost in het kader van “Cultuur Totaal” zonder dat de
gemeente voor alles de rekening betaalt. Een deel van het totaal aan structureel geld wordt als
projectsubsidie ingezet waarvan ook niet-basisinstellingen kunnen profiteren door middel van
goede projectvoorstellen. Een Raad voor de Cultuur beoordeelt deze projecten op basis van
een door de gemeente vastgesteld kader, waarin in ieder geval amateurkunstbeoefening als
prioriteit wordt genoemd, als mede de Eindhovense theatergezelschappen.
Het CDA vindt dat het Designhuis structurele ondersteuning verdient. Museum Kempenland
krijgt een nieuwe functie en wordt doorontwikkeld tot stadsmuseum met een daarbij behorende
behuizing.
8. Economische ontwikkeling
Samenwerking met randgemeenten en binnen Brabantstad is belangrijk voor de economische
ontwikkeling van Eindhoven. Onze stad is in deze samenwerkingsverbanden de economische
motor. De economie van Eindhoven is in tijden van crisis echter kwetsbaar. Daarom moet de
economische structuur minder conjunctuur gevoelig worden gemaakt. Om dit te bereiken komt
er een wethouder met de portefeuille Economie, Innovatie & Ondernemen.
Citymarketing is primair het instrument van de gemeente voor een evenwichtige, interne en externe
promotie van de stad. De gemeente trekt de regie over het merk Eindhoven naar zich toe.
Brainport
Eindhoven is de spil van de Brainport-regio. Hierin bundelt Eindhoven zijn
krachten op het gebied van economie, innovatie, duurzaamheid en design
door samenwerking tussen bedrijfsleven, kennisinstellingen en de overheid.
De Brainport-regio moet wel een meer nationale en Europese oriëntatie krij
gen.En de inbreng van het bedrijfsleven en kennisinstellingen moet worden
versterkt.
Voor het Brainport concept en de internationale oriëntatie is het belangrijk
dat Eindhoven Airport zich kan ontwikkelen op met name de zakelijke markt.
Het CDA is van mening dat Eindhoven Airport aan de volgende condities
moet voldoen:
- zo maximaal mogelijk bijdragen aan een maatschappelijke economische
ontwikkeling van Brainport;
- zo duurzaam mogelijk;
- binnen aanvaardbare milieueisen;
- met een zo groot mogelijk regionaal draagvlak.
De effectiviteit van de economische ontwikkeling wordt verbeterd door alle budgetten door de
dienst Economische Zaken van de gemeente te laten verstrekken aan de hand van de eigen
ambities van de stad. Over subsidieaanvragen betreffende economische ontwikkeling, zal door
de afdeling Economische Zaken worden beslist. Voorwaarden voor het ontvangen van publiek
geld zijn cofinanciering en een evenwichtige verdeling van inzet door overheid, ondernemers en
onderwijs. Uitvoeringsorganisaties zoals Brainport Development krijgen per project betaald en
worden regelmatig geëvalueerd. Er mogen geen nieuwe bestuursstructuren ontstaan.
De gemeente geeft het goede voorbeeld voor rentmeesterschap: alle economische ontwikkelin
gendie met geld van de gemeente worden gefinancierd, worden op duurzaamheid getoetst.
ZZP’ers en designondernemers krijgen daarbij extra aandacht. Bijvoorbeeld door het realiseren
van een fab-lab waarin ruimte is voor experimenten, en moderne machines beschikbaar zijn
voor jonge ondernemers.
Het CDA vindt zowel lokale ondernemers als internationale bedrijven belangrijk voor de stad.
Ondernemers beoordelen de dienstverlening van de gemeente structureel met een acht. Intensief
contact met ondernemersorganisaties is hiervoor een voorwaarde.
De digitale structuur wordt verbeterd. Dat betekent bijvoorbeeld dat heel Eindhoven draadloos
toegang krijgt tot Internet.
Eindhoven kiest voor een internationale oriëntatie. Zo wordt bijvoorbeeld de Internationale
School versneld gerealiseerd. En de gemeente zet samen met maatschappelijke partijen in op
het naar Eindhoven halen van sportevenementen met internationale allure. Dit versterkt Eindhoven
ook als sportstad.
Nachttreinen blijven Eindhoven aandoen. Er komen betere spoorverbindingen met België en
Duitsland.
Cultuurinstellingen, winkels en horeca richten zich in assortiment en in openingstijden meer op
internationale bezoekers, met inachtneming van de veertig jaarlijkse rustzondagen. Bedrijventerreinen
worden gerevitaliseerd.
Werk
Het CDA vindt betaald werk de beste vorm van sociale zekerheid. Om dit voor iedereen bereikbaar
te maken, wordt de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt nog verder verbeterd
(overleg, stages, coachen van jongeren).
Uitkeringsgerechtigden worden dwingender naar de arbeidsmarkt geleid. Tegenover het recht
op een uitkering staat de plicht om zo snel als mogelijk een aanbod voor werk of scholing te accepteren.
Het CDA maakt een uitzondering voor eenoudergezinnen met een uitkering. Voor hen
blijft de mogelijkheid voor parttime werken bestaan.
Als betaald werk geen optie is, dan krijgen uitkeringsgerechtigden de mogelijkheid vrijwilligerswerk
te verrichten om zo werkervaring en arbeidsritme te behouden.
Het participatiefonds voor startende zelfstandigen wordt door de gemeente maximaal ondersteund.
Jongeren tussen de 18 en 27 jaar vormen de leeftijdsgroep die de hoogste prioriteit verdient
bij werkgelegenheidsbevordering. Daarom wil het CDA dat alle jongeren die een bijstandsuitkering
aanvragen direct actief worden in een gemeentelijk traject wat leidt tot regulier werk.
9. Milieu, water en verkeer
Als een goed rentmeester wil het CDA ons leefmilieu in betere staat doorgeven
aan de komende generaties. Duurzaamheid staat centraal.
Milieu, duurzaamheid en klimaatbeleid
Het CDA staat een innovatief gemeentelijk milieu- en klimaatbeleid voor. De
stad gebruikt aardwarmte, zonne-energie en andere duurzame technieken.
Brainport Eindhoven speelt hierin een sleutelrol. Het beleid krijgt vorm in
samenspraak met maatschappelijke organisaties, instellingen en bedrijven.
Duurzaamheid wordt een kerncriterium voor gemeentelijke aanbestedingen.
Het CDA wil de verplichte compensatie bij bomenkap verhogen tot 110%
binnen de eigen gemeentegrenzen en daarbij de mogelijkheden binnen de
eigen grenzen optimaal benutten.
Water
De klimaatverandering heeft gevolgen voor onze waterhuishouding. De Wet op de gemeentelijke
watertaken speelt hier op in. Het CDA verwacht van de gemeente dat zij, in samenwerking
met het Waterschap, een beleid opzet, en uitvoert, dat aan de eisen van deze wet voldoet. In dit
beleid krijgt het idee van een ‘stadsstrand’ een plaats.
Verkeer
Het CDA wil een up-to-date systeem voor verkeersafwikkeling (inclusief groene golven) op de
Rondweg en andere hiervoor geschikte invalswegen. Doelen zijn een optimale doorstroming en
minimale vervuiling door CO2 en fijnstof. Fietsverkeer wordt in dit systeem volwaardig geïnte
greerd;met de daarvoor benodigde infrastructuur. Een project voor het beheren van studenten
fietsen,zoals in het Belgische Gent, kan hieraan een goede bijdrage leveren.
Het CDA wil de bereikbaarheid van de stad en Eindhoven Airport waarborgen door de plannen
uit het Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport en Brabantstad indringend te
stimuleren.
Het beleid voor het busvervoer moet aansluiten bij het regionale, Brabantse systeem. Het CDA
wil voor reizigers onder de 12 jaar en ouder dan 65 een symbolisch laag tarief hanteren om
redenen van veiligheid en het tegengaan van vandalisme.
Verkeersveiligheid
Voorzieningen worden - waar nodig – zo aangelegd dat het effect meetbaar is; zodat de uitkomst
niet alleen ergernis is. Controle op de naleving van verkeersregels dient deel uit te
maken van het dagelijkse werk van de politie.
Het CDA vindt dat de gemeente rampenbestrijdingsplannen en –oefeningen periodiek moet
toetsen op effectiviteit. De ontlasting van Eindhoven van treinen met chemische en andere
explosieve, giftige stoffen wordt in samenwerking met de provincie, voortvarend ter hand genomen.
De Brabant-route wordt, mede door het goedkopere tarief in vergelijking met dat van de
Betuwelijn, nog teveel gebruikt.
10. Financiën
De Onroerend Zaakbelasting in Eindhoven is relatief laag. De afgelopen raadsperiode steeg
deze belasting met niet meer dan het inflatiepercentage. Het CDA streeft er naar dit zo houden.
Het vraagt wel om een terughoudend financieel beleid, zeker nu de vooruitzichten voor de gemeentelijke
inkomsten niet gunstig zijn. Het CDA koestert haar degelijke naam qua overheidsfinanciën.
Van de gemeente verwacht het een kritisch zelfbeeld ten aanzien van kostenbeheersing,
efficiëntie, overbodige werkzaamheden en de slagvaardigheid van de organisatie.