Standpunt: Op zondag werken is kostbaar

Met de tijd meegaan en dus 52 koopzondagen per jaar. Een ontwikkeling die de 24-uurseconomie met zich brengt, aldus raadsleden van D66 in Eindhoven (ED 15 oktober).

Moeten gemeenten dan ook zeven dagen in de week open zijn voor paspoorten, uitkeringsaanvragen en bouwvergunningen? Moeten huisartsen en tandartsen in het weekend gewoon hun praktijk beoefenen? Moeten notarissen, advocaten, architecten en aannemers volgen? Waarom niet? Het is reuze makkelijk als je zeven dagen in de week 24 uur per dag overal terecht kunt. Maar heren van het vrijzinnige, liberale smaldeel in de gemeenteraad, dat kost ook geld.

De politie geeft nu al aan dat binnen de huidige capaciteit vijftien koopzondagen het maximum is. Dat geldt ook voor andere instellingen en beroepsgroepen. Er moeten meer uren gemaakt worden. Helaas voor de detailhandel, de burger kan maar één keer zijn geld uitgeven. Wat op zondag gekocht wordt, wordt op andere dagen niet gekocht. Er worden ook niet meer paspoorten en vergunningen aangevraagd als de gemeente zeven dagen open is. We gaan ook niet vaker naar de dokter of de notaris.

Dus is de kans groot dat goederen en diensten duurder worden. Meer politie moet betaald worden. Dat geldt ook voor de gemeentelijke openstelling. En wie betaalt dat? Uiteraard de burger via tariefsverhogingen en belastingen.

Voor de detailhandel in het bijzonder geldt dat de concurrentie verandert. Dat ziet D66 goed. Grote sterke detaillisten – met name landelijke ketens – willen graag langer open en kunnen dit ook makkelijk regelen. Kleine zelfstandigen zullen de dupe zijn. Ze worden kapot geconcurreerd, omdat ze het niet trekken om zeven dagen open te zijn. Leuk als we straks alleen nog maar landelijke ketens hebben. Die gaan echt niet de bakker, slager of groenteboer op de hoek vervangen. In buurten en wijken vindt leegloop plaats. Maar ook in het centrum zullen ondernemers omvallen. Een beperkt aantal winkels blijft open. Jammer voor de aantrekkelijkheid en gevarieerdheid van het aanbod van winkeltjes. Het gaat wat ons betreft niet om 'meer van hetzelfde' (vaker open), maar om 'investeren in uniciteit'. Met andere woorden kwaliteit en differentiatie van het aanbod.

Het CDA gaat niet mee in nog meer openstelling en extra koopzondagen. De Winkeltijdenwet staat maximaal twaalf koopzondagen per jaar toe. Voor toeristische gebieden geldt een uitzonderingsmogelijkheid, maar Eindhoven is niet toeristisch en dus is uitbreiding niet mogelijk. Wij vinden de Eindhovense poging daartoe wetsontduiking. Waarschijnlijk zal de minister van Economische Zaken hier een stokje voor steken.

Verder ziet het CDA de zondag als een rustpunt in de week ziet en dat zo wil houden. Een dag die gebruikt kan worden om te ontspannen na een vermoeiende werkweek, om te recreëren, te sporten, familie te bezoeken of met het gezin wat leuks te doen. Uiteraard is dat niet voor iedereen weggelegd. Voor sommige beroepsgroepen gaat het werk door (politie, brandweer, verzorging en verpleging). Het CDA wil hier niet nog meer beroepsgroepen aan toevoegen.

En laten we wel wezen, we kunnen toch op veel dagen terecht in onze winkels. Er zijn al twaalf koopzondagen (veertien in het centrum). Alle winkels mogen van maandag tot en met zaterdag van 's morgens zes tot 's avonds tien uur geopend zijn. En iedere zondag mogen elf supermarkten open mogen. Genoeg is genoeg. Het is makkelijk als je een nog ruimer aanbod hebt, maar is het echt nodig ? Ik denk dat veel mensen dat niet per se nodig vinden. Zeker niet als het ook nog veel kost: geld en maatschappelijke ellende.

Door Paul Leenders, raadslid voor het CDA in Eindhoven.


A A A     voorleeshulp     inloggen     English
1  2  3  4