Maandag jl was staatssecretaris Joop Atsma op bezoek bij Twente Milieu. Samen met de 14 milieuwethouders van de aangesloten gemeenten had hij een rondetafelgesprek. Jammer genoeg waren de raadsleden met afval in hun portefeuille niet uitgenodigd. Wellicht was de groep dan te groot geworden. Maar Joop is nooit te beroerd om vragen te beantwoorden, dus hebben wij zondagavond uitgebreid met elkaar gesproken over de problemen rond het afvalbeleid.
Wat is er aan de hand? Ten eerste is het afvalfonds leeg. Uit het afvalfonds krijgen de gemeenten geld van het Rijk om afval ge-scheiden in te zamelen. Voor het afvalfonds moet weer geld komen en dat is aan het bedrijfsleven gevraagd. Maar die willen af van statiegeld op petflessen. De gemeenten willen dat liever niet, want die zijn dan bang dat er nog meer zwerfafval komt. In ieder geval willen de gemeenten wel vrijheid van afval scheiden om zo hun milieudoelstellingen te halen. Natuurlijk willen zij ook dat inwoners zich meer bewust zijn van afvalscheiding. Daar komt dan nog eens bij dat het CDA en andere partijen het belangrijk vinden dat de inwoners worden beloond voor hun afvalscheiding. Dus verlaging van de afvalstoffenheffing. Ondertussen zit Twence te springen om afval, want de ovens moeten blijven branden. Omdat er in Nederland overcapaciteit is van afvalverbranding, wordt afval uit het buitenland gehaald. Uit Engeland, Italië, maar ook Duitsland. Tegen concurrerende prijzen, want er is felle concurrentie op die markt. Coevorden heeft bijvoorbeeld een nieuwe oven op Nederlands/Duits grondgebied, zodat van twee subsidiewalletjes kan worden gegeten en op twee markten kan worden geopereerd: de Duitse en de Nederlandse. Al met al staan de neuzen nog lang niet allemaal dezelfde kant uit. Voor Enschede ligt alles voor een aantal jaren contractueel vast.
Ondertussen staat afval in de openbare ruimte in de top drie van ergernissen. Ik begrijp dat wel. Langs onze erfscheiding loopt aan twee kanten een sloot. Zo goed als het kan ruimen we de rotzooi op. Lege blikjes, lege bierflesjes, volle luiers, maandverband, bouwafval en zo kan ik nog wel even doorgaan. Soms zakt je de moed in de schoenen, want vaak ligt er de volgende dag weer rotzooi. Daarom heb ik diep ontzag voor mevrouw Deinum. Baukje is een dame van begin 80. Ze woont bij het Hattelerpark en minstens twee keer per dag gaat ze met de rollator het park in om vuil te rapen. Plastic neemt ze mee naar huis om later in de plasticcontainer te gooien. De rest verdwijnt in de afvalbakken in het park. Dag in dag uit raapt zij afval. Omdat ze het park mooi wil houden. Zomaar een inwoner van Enschede waar wij een voorbeeld aan kunnen nemen.
Margriet Visser-Voorn