Vragen van de leden Van Haersma Buma en Joldersma (beiden CDA) aan de minister van Justitie over aanhoudingen op Schiphol in verband met de smokkel van cocaïne. (Ingezonden 20 maart 2009)
1
Hebt u kennisgenomen van de berichtgeving over aanhoudingen op Schiphol in verband met de smokkel van cocaïne op 8 en 11 maart 2009 1?
Antwoord
Ja.
2
Deelt u de mening dat het zorgwekkend is dat binnen een week tijd twee maal een grote drugsvangst is gedaan?
Antwoord
Nee, de aanhoudingen waren geen toevalstreffers maar het resultaat van onderzoeken die reeds in april 2008 aanvingen. Het eerste onderzoek werd uitgevoerd door het Cargo-Harc team, waarin de Koninklijke Marechaussee, de Douane en de FIOD-ECD participeren. Het onderzoek richtte zich op de invoer van verdovende middelen vanuit Zuid-Amerika.
Acht personen zijn aangehouden op verdenking van de invoer van in totaal 83 kilo onversneden cocaïne. Zes van hen waren werkzaam bij diverse luchtvaartmaatschappijen en afhandelingsbedrijven op de luchthaven Schiphol.
Het tweede onderzoek werd uitgevoerd door de Koninklijke Marechaussee. Daarbij zijn tien personen aangehouden op verdenking van de invoer van 28 kilo cocaïne uit Suriname.
Zeven van de verdachten werkten bij bedrijven op Schiphol.
Ik beschouw deze vangsten dus als een succes voor de betrokken opsporingsdiensten.
3
Deelt u de mening dat het zorgwekkend is dat in beide gevallen medewerkers van de luchthaven bij deze cocaïnesmokkel betrokken waren?
Ja. Dit betreft een zorgwekkend, maar bekend probleem. In het antwoord op de vragen 5 en 6 wordt nader ingegaan op hetgeen wordt ondernomen om de risico’s op betrokkenheid van medewerkers van de luchthaven bij strafbare feiten zo veel mogelijk te voorkomen.
4
Hoe beoordeelt u in dit verband het beleid van de luchthaven wat betreft het aannemen, screenen en controleren van het personeel?
5
Is naar uw mening de controle op de afhandeling van bagage op Schiphol afdoende?
6
Wat gaat u ondernemen om op deze wijze uitgevoerde drugssmokkel te voorkomen?
Antwoord op vragen 3, 4, 5 en 6
Personeel, dat op vitale onderdelen van de luchthaven wil gaan werken, dient een veiligheidsonderzoek ingevolge de Wet Veiligheidsonderzoeken, te ondergaan. Het onderzoek wordt verricht door de Koninklijke Marechaussee, daartoe gemachtigd door de AIVD. Indien de uitslag positief is, kunnen bedrijven op de luchthaven dit personeel aannemen. De betrokken bedrijven hebben zelf ook een belang bij integere processen. Zij zullen hun aannemingsbeleid daarop zoveel mogelijk richten.
Zoals ik reeds heb gemeld in mijn brief van 13 februari 2009 (Tweede Kamer 2008 – 2009, 24804, nr. 62) zijn met het oog op het verbeteren van de veiligheid op en rond de luchthaven Schiphol in de afgelopen jaren al veel maatregelen getroffen. Zo is de samenwerking tussen de private en publieke partijen op Schiphol sterk verbeterd. Deze samenwerking is gericht op het verbeteren van de beveiliging en de criminaliteitsbeheersing. Naar aanleiding van de aanbeveling van de Commissie Toegangsbeheer Schiphol (de commissie-Oord) zijn onder meer maatregelen genomen, die betrekking hebben op de structurele beheersing van de in- en uitgangen. In dat kader zijn bepaalde toegangen gesloten en andere bemand of voorzien van de nodige controlefaciliteiten. De Schipholpassen zijn voorzien van biometrische kenmerken (irisscan). Ook is de infrastructuur aangepast om personen naar beveiligde gebieden op identiteit en meegenomen voorwerpen te controleren en worden voertuigen gecontroleerd. Verder vinden kleinschalige en grootschalige onvoorspelbare controles plaats op uitgaande medewerkers.
Tenslotte voeg ik hier aan toe dat het Openbaar Ministerie hoge prioriteit toekent aan onderzoeken waarbij Schipholmedewerkers worden verdacht van betrokkenheid bij strafbare feiten. Het antwoord op vraag twee illustreert de successen die op dat vlak worden geboekt.
1) NOS nieuws, 18 maart 2009 en Haarlems Dagblad, 11 maart 2009