Goed onderwijs is één van de meest praktische vertalingen van solidariteit tussen generaties. Onderwijs moet gericht zijn op het bieden van gelijke kansen en op ruimte aan talenten van leerlingen. Het onderwijs krijgt vorm door de inbreng van de lokale overheid, de scholen, de ouders en de leerlingen. Vrijheid van onderwijs is een groot goed. Het geeft alle betrokkenen verantwoordelijkheid om de kwaliteit van het onderwijs te garanderen.
Het CDA wil samen met de scholen zorgen voor actuele beheer- en onderhoudsplannen van de schoolgebouwen op basis van realistische leerlingenprognoses en daarvoor voldoende geld reserveren. De partij kiest voor verdere decentralisatie van middelen voor huisvesting, zodat schoolbesturen en -directies zelf beslissingen kunnen nemen.
Combinaties van functies, zoals kinderopvang, tussenschoolse opvang, open schoolpleinen en sport, moeten worden gestimuleerd. Dat kan in brede scholen én door afspraken tussen samenwerkende instanties. Uitgangspunt is dat de school school blijft. Als scholen gaan samenwerken, dan moeten zij hun eigen identiteit kunnen behouden.
Vanaf 2011 is de maatschappelijke stage verplicht in het middelbaar onderwijs. Het CDA vindt dat jongeren zelf keuzes mogen maken bij de invulling daarvan. Bestaand vrijwilligerswerk dat zij doen, telt tenminste voor een deel mee. Stagemakelaars stemmen vraag en aanbod af en bieden advies en ondersteuning voor de betrokken organisaties.
Het CDA wil extra aandacht besteden aan leerlingen met een beperking en hun ouders door onder meer te zorgen voor voldoende vervoersmogelijkheden.