Ontwikkelingssamenwerking: wat is het?
Ontwikkelingssamenwerking is voor Nederland en de Europese Unie een belangrijk onderwerp. Het is belangrijk om hen, die hulp nodig hebben, te helpen. Toch moet er ook scherpe aandacht zijn voor de financiën, zodat er zoveel mogelijk mensen zo effectief mogelijk geholpen worden.
De actualiteit: waar houd ik mij mee bezig?
Nederland heeft altijd een zeer actieve rol gespeeld in ontwikkelingssamenwerking. Als één van de weinige landen voldoet zij aan de norm van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) voor landen om 0,7% van het Bruto Nationaal Inkomen te besteden aan ontwikkelingssamenwerking. Ondanks de recente bezuinigingen blijft Nederland zich aan deze afspraak houden.
Ontwikkelingssamenwerking past in de internationaal solidaire traditie van het CDA. Aan de 0,7% van het BNP, die het kabinet deze regeerperiode jaarlijks besteedt aan ontwikkelingssamenwerking is vast gehouden. Vooral het CDA heeft hieraan bijgedragen. Het is echter niet alleen belangrijk om hulp te verlenen om armoede en honger tegen te gaan uit het oogpunt van solidariteit. In de sterk geglobaliseerde wereld is het ook in ons eigen belang. Stabiele landen zorgen voor minder kansloze migranten en bieden meer mogelijkheden voor internationale handel. Zeventig procent van het nationaal inkomen wordt verdiend in het buitenland en ook ontwikkelingslanden zijn belangrijk voor onze economie.
In oktober 2011 presenteerde Eurocommissaris Piebalgs van Ontwikkelingssamenwerking zijn plannen voor de toekomst van het Europese Ontwikkelingssamenwerkingsbeleid. Om armoede optimaal te bestrijden, wijzigt de EU haar prioriteiten voor de hulpverlening aan ontwikkelingslanden. EU-commissaris voor Ontwikkeling Andris Piebalgs presenteerde daarom in oktober een “Agenda voor verandering” voor het ontwikkelingsbeleid van de EU en een nieuw beleid voor begrotingssteun. In twee mededelingen wordt een strategischer aanpak voor armoedebestrijding beschreven, die mede inhoudt dat financiële middelen op meer gerichte wijze worden toegewezen. De ontwikkelingshulp van de EU moet zich concentreren op sectoren die belangrijk zijn voor langetermijngroei en inclusiviteit en zich vooral richten op landen die externe steun het hardst nodig hebben en waar die hulp ook echt een verschil kan maken.
De ontwikkelingshulp van de EU moet zich concentreren op sectoren die belangrijk zijn voor langetermijngroei en inclusiviteit en zich vooral richten op landen die externe steun het hardst nodig hebben en waar die hulp ook echt een verschil kan maken.
Persbericht Commissie voorstel Europese Ontwikkelingssamenwerking, oktober 2011
Communicatie Commissie voorstel Europese Ontwikkelingssamenwerking, oktober 2011
Zie mijn brochure over ontwikkelingssamenwerking
Millenium Ontwikkelingsdoelstellingen
Vooruitblik: Hoe nu verder?
In November 2011 heeft het Europees Parlement de Europese Commissie en de Raad van Ministers gevraagd of er aan de doelen op het gebied van Ontwikkelingssamenwerking moet worden vastgehouden en zo ja, waar het geld vandaan moet komen. De beschikbare gelden voor ontwikkelingssamenwerking dreigen, mede door de financiële en economische crisis, in 2015 bij lange na niet de afgesproken 0.7% van het Europese bruto nationaal inkomen te bedragen. Op dit moment is het tekort 50 miljard euro. Nederland behoort tot de landen die zoals afgesproken wél .7% van het BBP aan ontwikkelingssamenwerking uitgeven.
Alleen Ontwikkelingshulp voor de allerarmsten. Ik ben het eens met de genomen koers van de Commissie. Met Europees geld voor Ontwikkelingssamenwerking moeten alleen de armste landen geholpen worden. In de toekomst wordt de steun aan opkomende landen geschrapt. De laatste jaren ging er nog 128 miljoen naar China, inmiddels een geduchte concurrent van ons in de wereldeconomie. Net als Nederland moeten we in Europees verband met landen die zelfredzaam zijn geworden economische samenwerking aangaan. Zo gaan we van hulp naar handel. Hier liggen volop kansen voor het Nederlandse bedrijfsleven. China heeft tegelijkertijd kansen als gelijkwaardige handelspartner.
Minder partnerlanden en minder thema's staan centraal in de hervormingsplannen. De Nederlandse aanpak heeft hiervoor model gestaan. De EU moet zich richten op thema's en landen waar het een meerwaarde heeft boven individuele lidstaten. Een gezamenlijk programma voor de Noord-Afrikaanse landen of het organiseren van missies voor het waarnemen van verkiezingen bijvoorbeeld. Hierdoor wordt Europese ontwikkelingssamenwerking meer zichtbaar en resultaatgericht.
Ook moeten we de nadruk leggen op meer transparantie en democratische controle. Door het Europees Parlement meer zeggenschap te geven kan bijvoorbeeld worden voorkomen dat er landen zijn die Nederlands belastinggeld ontvangen via Europa, terwijl vanuit Nederland de hulp is stopgezet.
EU helpt voedselvoorziening ontwikkelingslanden. Mede door de snel stijgende voedselprijzen in 2007-2008 leden in 2010 1 miljard mensen honger. Europa heeft in antwoord hierop 1 miljard Euro vrijgemaakt om de hardst getroffen ontwikkelingslanden te helpen de gevolgen voor hun bevolking op te vangen. Sommige verder voorgestelde maatregelen, zoals het stopzetten van de EU energie strategie slaan de plank echter volledig mis. Het stopzetten van de Europese energie strategie resulteert natuurlijk niet in meer voedsel voor de allerarmsten maar eerder in meer stroomstoringen en koude huizen in Europa. Ik zal dan ook tegen deze bepalingen stemmen. De eindstemming vond plaats op dinsdag 27 september in het Europees Parlement in Straatsburg.
Uw mening telt! Discusseer mee op Lambert´s LinkedIn: Europa Dichtbij of stuur een e-mail naar lambert.vannistelrooij@europarl.europa.eu
Meer informatie:
- artikel Elsevier geen ontwikkelingshulp naar China
- artikel EuropaNu over nieuwe Commissie voorstellen over Ontwikkelingssamenwerking
Lambert van Nistelrooij, tel. + 32 2 284 5434