Nadere vragen van de leden Ormel en Cörüz (beiden CDA) aan de minster van Buitenlandse Zaken
1.Klopt het dat de doodstraf in de zaak van Rizana Nafeek, waar ook op 14 september 2010 vragen over werden gesteld, is bevestigd?
2.Kunt u aangeven welke ontwikkelingen hebben geleid tot deze uitspraak?
3.Wat is uw oordeel over de rechtsgang die in deze zaak heeft plaatsgevonden?
4.Klopt het dat Nafeek ten tijde van het incident minderjarig was? Zo ja, bent u bereid de Saoedi autoriteiten er op te wijzen dat uitvoering van dit vonnis in strijd is met het Verdrag inzake de rechten van het Kind, waarvan Saoedi-Arabië lid is? Bent u bereid een klacht in te dienen bij de mensenrechtencommissie van de Verenigde Naties?
5.Bent u met ons van mening dat de zaak tegen Rizanna Nafeek symbool staat voor structurele schending van rechten van Sri Lankaanse migranten in Saoedi-Arabië?
6.Ziet u nog mogelijkheden om uitvoering van dit vonnis te voorkomen? Zo ja, bent u bereid om deze, zowel op nationaal als internationaal niveau, ten volle te benutten?