CDA-Renkum onderstreept: positie dorpsplatforms onduidelijk donderdag 26 januari 2012 Reactie CDA-fractie op het rapport van de rekenkamercommissie "Ieder kwartier heeft zijn manier"
Het CDA wil beginnen met de waardering uit te spreken over de activiteiten die de dorpsplatforms in onze gemeente in het verleden en heden hebben uitgevoerd. Wij zijn altijd al van mening geweest dat het vrijwilligerswerk “de kurk is waarop onze samenleving drijft”. Vrijwilligerswerk is niet weg te denken in onze tijd. Vrijwilligers zijn en blijven nodig, kunnen we niet missen en voor hun inspanningen hebben wij groot respect. Dit alles geldt dus ook voor de leden van de dorpsplatforms. Hulde! Wij constateren echter ( mede door het onderzoeksrapport van de Rekenkamercommissie ) dat er wel grote onduidelijkheid heerst wat betreft de positie van de dorpsplatforms in onze gemeente. Logisch als we lezen in het Rapport dat er vanaf de start van de dorpsplatforms geen reglement is opgesteld, waarin het een en ander formeel werd geregeld. Logisch dat de dorpsplatforms ZELF door de jaren heen de invulling van doelstellingen gingen vormgeven. Logisch dat de platforms in deze “laissez faire sfeer “de vrijheid namen om zelf zaken te gaan invullen. Dit mag niemand hen kwalijk nemen. Opvallend en “te gek voor woorden “ is dat het mandaatbesluit voor wat betreft de ondertekening van het Convenant 2006-2010 door de portefeuillehouder werd “opgerekt “ en gebruikt om het nieuwe Convenant LOSA ( Leefbaarheid-Ontmoeten-Sociaal-Actueel ) 2010-2014 te ondertekenen. Blijkbaar ( volgens het Rapport ) is er in geen enkel stuk een collegebesluit met betrekking tot deze mandaat-oprekking, alsmede de goedkeuring van het nieuwe Convenant terug te vinden. Dit is vrij slordig en maakt de positie van de dorpsplatforms onduidelijk en zwak. Heel vreemd is ook dat er raadsleden lid waren van de dorpsplatforms. Op dit moment is er nog één fractievolger van één van de politieke partijen lid van een platform. Dit is ongewenst! Vermijd het gevaar van een “pettenprobleem”, of je nu gekozen raadslid of fractievolger bent. Ditzelfde geldt voor de dorpsmanagers die enerzijds de platforms adviseren en anderzijds in hun functie van ambtenaar lid zijn van een adviesorgaan van het College. Inmiddels zijn hier al maatregelen genomen zo begrijpen wij. Terugkijkend naar de start van de dorpsplatforms en de huidige situatie concludeert het CDA dat dit hele proces geen schoonheidsprijs verdient. Onduidelijkheid is troef. Deze onduidelijkheid is in de laatste periode alleen nog maar vergroot door het introduceren van het begrip “BURGERPARTICIPATIE “. Nog steeds is niet duidelijk hoe dit begrip gedefinieerd moet worden. Binnen de politiek, maar ook daarbuiten wordt hier zeer verschillend over gedacht. Toch zien wij een beweging ontstaan en aangezwengeld door de dorpsplatforms zelf, dat voor hen hier een belangrijke rol weggelegd zou kunnen zijn. Het CDA is van mening dat een dergelijke opvatting té prematuur is. Eerst zal er duidelijkheid moeten zijn over wat we precies verstaan onder “burgerparticipatie “. Verder zijn de huidige platforms vanuit de democratische legitimiteit geen representatieve vertegenwoordiging van de verschillende wijken/kernen. Daarnaast is het CDA fel gekant tegen het creëren van een extra bestuurslaag! Wij zijn van mening dat op dit moment de ontwikkeling van “burgerparticipatie “ los gezien moet worden van de discussie over de positie van de dorpsplatforms. Graag wil ik nu namens de CDA-fractie een reactie geven op de genoemde aanbevelingen in het Rapport. 1. Wij zijn het van harte eens met de eerste aanbeveling t.w. een bewuste keuze maken over de positionering van de dorpsplatforms en zijn van mening dat de Raad hiertoe kaders moet aangeven die meegenomen worden in een Verordening. 2. Het Convenant nu voor te leggen ter consultatie aan de commissie Inwoners is voor ons té snel door de bocht. Aanbeveling 1 zal eerst uitgevoerd moeten worden. 3. Uiteraard dient de Raad de Verordening vast te stellen voor wat betreft het doel, de samenstelling en de werkwijze van de dorpsplatforms. Of zij ook een adviescommissie van het College moeten zijn, is voor ons de vraag. Hierover zouden wij aan de hand van de nog vast te stellen kaders verder willen discussiëren. Wat de samenwerking met bijvoorbeeld de politie, Vivare, Solidez, e.d. betreft, daar is niets mis mee, mits er duidelijkheid is op welke terreinen en binnen welke kaders. 4. Eenduidigheid voor wat betreft taken en doelstellingen van de verschillende platforms is goed, maar wel met voldoende ruimte van de eigenheid/identiteit/leefwereld van de betreffende dorpskern. 5. Wij vragen ons af of er wel een dorpsmanager nodig is en willen hierover graag een discussie. 6. De contacten/communicatie tussen dorpsplatforms en Raad hangt af van de taken en doelstellingen. De CDA-fractie staat uiteraard geheel open voor deze contacten. In de huidige situatie is een lid van de CDA-fractie bij elke vergadering van de dorpsplatforms aanwezig! 7. De functie en rol van de “STUURGROEP “ moet volgens mijn fractie ook “onder de loupe “ genomen worden. Dit gremium is onvoldoende zichtbaar. De relatie met de platforms is diffuus. Is er überhaupt een relatie nodig? Alleen deze vraag stellen, geeft al aan dat het geheel onduidelijk is. Laat wel wezen: De thema’s zorg, jeugd, veiligheid, vangnet en leefbaarheid waarmee de stuurgroep zich bezig houdt, zijn van wezenlijk belang. Zeker gezien de samenstelling van de stuurgroep met de directies van de gemeente, Vivare, Solidez, Vilente en de unitchef van de politie. Zorg wel voor een duidelijke omschrijving van de functie en rol van deze stuurgroep. Of is er een alternatief mogelijk? 8. In de Verordening zal duidelijk aangegeven moeten worden hoe er gestuurd wordt op de dorpsplatforms, hoe de verantwoording door de dorpsplatforms moet verlopen en de wijze van rapportering aan de portefeuillehouder en de Raad. Het opnemen van de dorpsplatforms in het burgerjaarverslag is een goede zaak. 9. Een informatieprotocol is absoluut noodzakelijk. 10. Of de dorpsplatforms een rol dienen te spelen bij burgerparticipatie daarover heb ik al aangegeven hoe de CDA-fractie hierover denkt . Het dorpsplatform wordt op dit moment ook gezien als adviesorgaan voor het College. Gezien het feit dat en ik citeer uit het Rapport pg. 23 “de reglementen van de dorpsplatforms tekort schieten om een volwaardig adviesorgaan van het College te kunnen zijn” en verder dat “er geen enkele procedure is beschreven over deze adviserende rol” en niets is vastgelegd “waarover advies uitgebracht kan worden, aan welke eisen een advies moet voldoen, wat de status is van het advies”, is de CDA-fractie van mening dat hierover duidelijkheid verschaft moet worden te beginnen met de vraag of de dorpsplatforms adviesorgaan moeten zijn van het College of niet. Dat de dorpsplatforms een belangrijke sociale rol vervullen in de buurt/wijk is evident. Het gaat met name om de bevordering van de sociale cohesie in een wijk, het bevorderen/verbeteren van het leef- en woonklimaat in de buurt/wijk, het betrekken van de bewoners hierbij en de intermediair zijn tussen de bewoners, gemeente en instellingen. Kortom: Het dorpsplatform is géén actiegroep, maar een actieve groep van vrijwilligers die samenwerkt met de gemeente.