CDA Verkiezingsprogramma



 

R E N K U M



respectvol samenleven
in een sterke gemeente,



kiezen voor een duurzame Renkumse leefkwaliteit





  Verkiezingsprogramma

gemeenteraad

periode 2010 - 2014
INHOUD
 
Voorwoord en uitgangspunten
 
Hoofdstuk 1    Participatie, zorg, gezondheid, sociaal beleid en welzijn
 
Hoofdstuk 2    Onderwijs, scholing en kinderopvang
 
Hoofdstuk 3    Ruimtelijke ontwikkeling, bouwen en wonen
 
Hoofdstuk 4    Natuur, milieu en duurzaamheid
 
Hoofdstuk 5    Veiligheid

Hoofdstuk 6    Verkeer

Hoofdstuk 7    Sport, recreatie/toerisme, kunst/cultuur
        
Hoofdstuk 8    Economie en arbeid

Hoofdstuk 9    Bestuur en organisatie

Hoofdstuk 10    Financiële kaders


 
Het CDA
Het CDA is een moderne christendemocratische volkspartij waarvoor de gemeenschap centraal staat. De betrokkenheid van mensen bij hun gemeente, gezin en familie, de school, het dorp of de buurt, het bedrijf, de vereniging: dat is het ware draagvlak van de gemeente als publieke lokale gemeenschap.
De afgelopen jaren heeft CDA-Renkum de politieke rol van oppositiepartij gevoerd. Vanuit deze positie is de visie op het Renkumse gemeentebeleid in dit verkiezingsprogramma tot uitdrukking gebracht.
Renkum is een gemeente waar door ligging en voorgeschiedenis een kwetsbaar harmonisch evenwicht tussen welzijn en welvaart is ontstaan. Het resultaat is een bijzondere Renkumse Leefkwaliteit waardoor veel mensen hier graag wonen en komen. Met het zorgvuldig omgaan en ontwikkelen van die kwaliteit gaat het CDA    haar wegen inslaan.

Uitgangspunten
Het centraal politieke uitgangspunt van het CDA is Duurzaam Behoud en waar mogelijk Versterken van de Renkumse Leefkwaliteit als vertegenwoordigt in de kernbegrippen: Zorg,  Natuur, Cultuur en Passende Bedrijvigheid. Hiermee wil het CDA typische Renkumse waarden als Rust, Ruimte en Kleinschaligheid voor iedere burger in gepaste welvaart in stand houden.

Kerngebied: Zorg
Het specifiek Renkumse belang van dit kerngebied is tweeërlei. Enerzijds omdat Renkum een gemeente is met veel senioren en daarmee verbonden zorgbehoeften. Anderzijds vanwege de aanwezigheid van het groot aantal zorginstellingen. Dit heeft zeker te maken met typisch Renkumse waarden als rust en landschappelijke kwaliteit.
Niet specifiek Renkums zijn de actuele ontwikkelingen in de zorgverlening zoals de WMO. Ze spelen in op de vergrijzing van de bevolking en de toenemende individualisering van burgers.

Kerngebied: Natuur
Renkum heeft zijn fraaie natuur te danken aan zijn indrukwekkende geologische, archeologische en historische voorgeschiedenis. Natuurgebieden worden vooral aangetroffen in het buitengebied, ze beslaan ruim de helft van het oppervlak van de gemeente en vallen goeddeels in de categorie Natura 2000. Het gaat om bossen, beken en beekdalen, uiterwaarden en open ruimten waarin agrarische enclaves en landgoederen zijn gelegen.
De natuurlijke, ruimtelijke en historische variatie en de kwaliteit hiervan zijn uniek. Zij bepalen vooral de waardering en leefkwaliteit van de Renkumse burger en de aantrekkingskracht van onze gemeente voor de betrokken bezoeker.
Kerngebied: Cultuur
De natuurlijke- en culturele kwaliteiten van onze omgeving hebben de vestiging van cultureel geïnteresseerde burgers gestimuleerd. Dat uit zich in het grote aantal kunstminnende en kunstbeoefende burgers. Naast vooral de beeldenede kunst behoren zeker ook muziek, zowel vocaal als intrumentaal, als denksporten tot opvallende vertegenwoordigers van deze cultuurbeoefening.
Kerngebied: Passende Bedrijvigheid
Bedrijvigheid speelt in meerdere opzichten een specifiek rol in de Renkumse Leefkwaliteit. Op de eerste plaats is het de materiële drager van die leefkwaliteit. Ze voorziet in werkgelegenheid en in essentiële  materiële behoeften en diensten van consument en cliënt. Gezien het lage werkeloosheidspercentage mag Renkum zeker welvarend worden genoemd.
Bedrijvigheid heeft ook negatieve kwaliteitsaspecten zoals ruimtebeslag en milieubelasting. Niet bedrijvigheid op zich, maar het evenwicht tussen welvaart en welzijn, tussen dynamiek enerzijds en ruimte, rust en dorpse kleinschaligheid anderzijds zijn bepalend voor de  Renkumse Leefkwaliteit.

Inspiratiebron:
Het CDA is een brede volkspartij, geworteld in alle lagen van de samenleving. Daarom biedt het plaats aan veel mensen die zich aangesproken voelen door het christendemocratische gedachtegoed, geënt op het evangelie, en daarin een betrouwbaar fundament en inspiratiebron zien bij het zoeken naar oplossingen voor hedendaagse problemen binnen het Renkumse gemeentebeleid. Het gaat daarbij steeds om mensen. Menselijk geluk, waardigheid en wederzijds respect, veiligheid en geborgenheid, gemeenschapszin, zorg voor elkaar en onze omgeving voor nu en later, zonder anderen daarbij te benadelen.
Een Duurzame Renkumse Leefkwaliteit dus, in de meest brede zin van het woord.

Deze politieke uitgangspunten wordt ingegeven door vier ideële CDA uitgangspunten die in onderlinge samenhang het christendemocratisch gedachtegoed inhoud geven.
1. Gerechtigheid: het CDA zet zich in voor een samenleving waarin christelijke gerechtigheid kan opbloeien. De rol en taak van de overheid is het streven naar publieke gerechtigheid. Op het publieke terrein van de samenleving behoort de overheid in wetten en beleid het recht tot gelding te brengen en rechtvaardig te regeren en daarin vooral de belangen van sociaal en economisch zwakkeren te beschermen.
2. Solidariteit: solidariteit laat zien dat mensen boodschap hebben aan elkaar. Van de sterken mogen offers gevraagd worden voor de zwakken. De overheid hanteert het solidariteitsbeginsel vanuit haar eigen taak: zij garandeert de vloeren in de sociale zekerheid en doet een appel op burgers en maatschappelijke organisaties te werken aan maatschappelijke ontplooiing met en voor mensen.
3. Gespreide verantwoordelijkheid: mensen en hun maatschappelijke verbanden moeten zich naar hun bestemming kunnen ontplooien. De overheid moet die verantwoordelijkheid van mensen en organisaties erkennen, bijvoorbeeld door arbeidsdeling te bevorderen. De ruimte en mogelijkheden moeten worden geboden om dat waar te maken.
4. Rentmeesterschap: de mens moet zorgvuldig omgaan met zijn of haar omgeving. Dat omvat niet alleen de natuurlijke, landschappelijke en stedenbouwkundige omgeving, maar ook de omgang met menselijke gaven en talenten op gebieden als wetenschap, techniek en cultuur. Rentmeesterschap duidt op verantwoordelijkheid voor het bewaren van onze aarde en van al haar bewoners. De omgeving biedt ons de mogelijkheid daarvan te genieten en naar behoefte te benutten. Rentmeesterschap brengt de plicht mee de kwaliteit daarvan voor nu en later duurzaam in stand te houden zonder anderen daarbij te benadelen.

Beleid en besluitvorming
Duurzame Leefkwaliteit vraagt naar zorgvuldig omgaan met mensen, middelen en milieu door burger, bedrijfsleven en bestuur. Het CDA gaat in haar beleid en besluitvorming genoemde uitgangspunten op een transparante manier tot uitdrukking brengen. Keuzes zullen structureel worden gemaakt op basis van zorgvuldige afwegingen van de toepasselijke milieu/ecologische, financieel/economische en sociaal/culturele belangen. Zo doen alle onderdelen van de Renkumse Leefkwaliteit op een heldere manier mee en wordt ook een inzichtelijke basis gelegd voor vruchtbare samenwerking met andere partijen en optimale compromisvorming.

 
Hoofdstuk 1    Participatie, zorg, gezondheid, sociaal beleid
    en welzijn.

Participatie

Bevorderen van zelfredzaamheid
De Wmo, wet maatschappelijke ondersteuning, geeft gemeenten de taak te zorgen voor een samenhangend pakket van diensten en voorzieningen, zodat iedereen kan participeren in de lokale samenleving.
Het CDA staat nog steeds achter het uitgangspunt van de Wmo dat mensen in eerste instantie zelf verantwoordelijk zijn voor hun eigen leefsituatie. Pas wanneer mensen dat niet (voldoende) kunnen en hun sociale omgeving geen ondersteuning (kan) bieden, is er een rol weggelegd voor gemeenten. De eigen verantwoordelijkheid van Wmo-cliënten is ook een financiële. Waar mogelijk moet een eigen bijdrage worden betaald voor maatregelen, hulp, voorzieningen of ondersteuning. Nadrukkelijk wordt daarbij rekening gehouden met opéénstapeling van eigen bijdragen, waardoor cliënten onevenredig zwaar worden belast.

Zorg

Gehandicapten
Mensen met een functionele beperking of handicap verdienen waar nodig ondersteuning. Het CDA vindt dat gehandicapten, binnen vast te stellen grenzen, moeten kunnen beschikken over een persoonsgebonden budget zodat zij zelf de benodigde zorg kunnen inkopen. Familie, vrienden, buren en kennissen vormen de achtervang waarop zij kunnen terugvallen als het collectieve zorgsysteem onvoldoende kan inspelen op hun specifieke, individuele zorgbehoeften.

Keuzes CDA:
1.    Het CDA blijft voorstander van een zorgloket.
2.    Het CDA is voorstander van een eigen bijdrage voor Wmo verstrekkingen en voorzieningen.
3. Het CDA blijft voorstander van een onafhankelijke klachtenregeling.

Vrijwilligerswerk en mantelzorg
Vrijwilligers zijn het cement van onze samenleving. Vrijwilligers moeten hierin ondersteund worden, door hen inspraak te geven in beleid, voorzieningen te bieden voor deskundigheidsbevordering en door praktische ondersteuning.
De Vrijwilligerscentrale dient hierbij een coördinerende rol vervullen.
Mantelzorgers zijn mensen die zorgtaken op zich hebben genomen voor een dierbare die is aangewezen op hulp en verzorging. Gemeenten kunnen zorgen voor een stuk verlichting voor deze vaak zwaarbelaste mensen. (respijtzorg)
De gemeente geeft inhoud aan de jaarlijkse dag voor de vrijwilliger.

Keuzes CDA:
1.    Handhaven van de Vrijwilligerscentrale.
2.    Respijtzorg wordt verder vorm gegeven in overleg met de doelgroep.
3.    Er komt een jaarlijkse dag voor de vrijwilliger.

1e lijnsgezondheidszorg
Met het onderbrengen van de zorg of gezondheid onder één dak, is het huisartsenspreekuur in Wolfheze komen te vervallen. De gemeente gaat na in overleg met de huisartsen of er weer wekelijks spreekuur gehouden kan worden in Wolfheze.

2e lijngezondheidszorg
Bekend is dat er initiatieven zijn om binnen de gemeente Renkum een zorghotel te bouwen. Gelet op de bevolkingssamenstelling, ontgroening en vergrijzing, is de gemeente Renkum bij uitstek een gemeente waar een dergelijk zorginitiatief, gerealiseerd kan worden.

Keuzes CDA:
1.    Gehecht wordt aan een wekelijks spreekuur door een huisarts in Wolfheze. De gemeente pleegt overleg met de huisartsen.
2.    Initiatieven voor een zorghotel binnen de gemeente Renkum verdienen steun. De gemeente brengt hiervoor locaties in beeld.

Sociaal Beleid

Jeugdzorg
Ieder kind in problemen heeft recht op tijdige jeugdzorg. Er moet door doelmatiger te werken en door de ontschotting een einde komen aan lange wachtlijsten en wachttijden. De gemeente moet daarop regie voeren. Ook de Centra voor Jeugd en Gezin hebben hierin een belangrijke taak. Het is de bedoeling dat deze centra gaan functioneren als een laagdrempelige voorziening waar ouders en opvoeders gemakkelijk naar toe kunnen met vragen over het opvoeden van kinderen.

Keuze CDA:
1.    De gemeente neemt de regie bij de noodzakelijke afstemming tussen instellingen voor jeugdzorg.
2.    Ook in Renkum functioneert vanaf 2010 een Centrum voor Jeugd en Gezin, als laagdrempelige voorziening voor ouders en opvoeders.

Armoedebestrijding en Schuldhulpverlening
Voor het CDA staat voorop dat mensen redelijkerwijs van een inkomen rond moeten kunnen komen en de noodzakelijke kosten van het bestaan moeten kunnen opbrengen. Wanneer dat niet lukt, zal de overheid de helpende hand moeten bieden. Een ruimhartig gebruik van het Minimabeleid met als achtervang het Algemeen Hulpfonds van de gemeente, maatschappelijke instellingen en diaconieën, kunnen hiervoor een oplossing zijn.
Onderzocht dient te worden in hoeverre de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP) mensen een perspectief biedt om uit hun benarde financiële situatie te komen. Ook voor mensen die niet in aanmerking komen voor een WSNP-traject dient er een perspectief te komen om uit de schulden te geraken.
De gemeente moet een (preventief) beleid voeren dat gericht is op het voorkomen dat volwassenen en jongeren in problematische schuldsituaties raken.
Om de doelgroep goed in beeld te krijgen, wensen te inventariseren en knelpunten op te lossen van de doelgroep ten opzichte van de bestaande regelingen, komt er opnieuw een armoedeconferentie.
Om huisuitzettingen te voorkomen worden afspraken gemaakt met de woningbouwcorporatie Vivare.
Het CDA maakt zich zorgen over de maatschappelijke participatie van kinderen uit gezinnen die moeten rondkomen van een minimum inkomen. De gemeente komt met beleid zodat deze kinderen volwaardig maatschappelijk kunnen blijven participeren. Een goed voorbeeld hiervoor is het ontwikkelen van een sport- en cultuurpas.
(zie ook hoofdstuk 7)

Keuzes CDA:
1.    Het CDA kiest voor een gemeentelijk armoedebeleid, dat ook op langere termijn houdbaar is.
2.    De gemeente maakt met de woningcorporatie afspraken over het tijdig signaleren van huurschulden, zodat huisuitzettingen worden voorkomen. Indien toch tot een huisuitzetting wordt besloten vindt daarover vooraf overleg plaats met de gemeente.
3.    De gemeente overlegt met de schoolbesturen en faciliteert lesprogramma’s ter voorkoming van schuldsituaties.
4.    Maatschappelijke participatie van kinderen in gezinnen met een minimuminkomen wordt door de gemeente financieel ondersteund. Het beschikbaar stellen van een sport– en cultuurpas is een goed voorbeeld.
5.    Er komt opnieuw een armoede-conferentie.

Kwijtschelding
Het CDA is voorstander van kwijtschelding van de lokale belastingen en heffingen voor mensen met een inkomen op of rond het niveau van een bijstandsuitkering. Het CDA wi de kwijtscheldingsregeling evalueren, en bij voortzetting van deze regeling, de eigen verantwoordelijkheid van de cliënt nadrukkelijk betrekken.  

Keuze CDA:
1.    De huidige regeling voor het kwijtschelden van lokale belastingen en heffingen wordt geëvalueerd. Bij voortzetting van de kwijtscheldingsregeling wordt nadrukkelijk de eigen verantwoordelijkheid van de cliënt betrokken.
Verslavingszorg
Mensen die verslaafd raken aan drugs, alcohol of gokken vervallen tot grote afhankelijkheid, maar blijven verantwoordelijk voor hun eigen gedrag. Dat is het uitgangspunt bij de verslavingszorg die het CDA voor ogen staat. De gemeente moet een actief beleid voeren op het gebied van preventie en vroegsignalering van gokverslaving, drugsverslaving en alcoholmisbruik onder minderjarigen.
 
Keuze CDA:
1.    In samenwerking met sportverenigingen en scholen worden programma’s voor jongeren opgezet, waarin wordt gewezen op de risico’s van overmatig alcoholgebruik, ongezonde voeding, (soft)drugsgebruik, gokverslaving, enzovoort.

Welzijn
Stichting Welzijn De Bries is een volwaardige welzijnsorganisatie die het CDA beschouwt als een goede partner bij het inhoud geven aan en het uitvoeren van het gemeentelijke welzijnsbeleid.

Gezinnen
Het CDA vindt familie en gezinsleven van groot belang. In gezins- en familieverband groeien kinderen op. Door opvoeding wordt kinderen en jongeren geleerd met regels en verantwoordelijkheden om te gaan. (waarden en normen) Ouders zijn primair verantwoordelijkheid voor de opvoeding. Heel veel ouders bieden hun kinderen een veilige, geborgen en stimulerende gezinssituatie.

Centra voor jeugd en gezin (CJG)
In 2010, is er voor Renkum een Centrum voor Jeugd en Gezin operationeel. Onderzocht moet worden of dit Centrum gezamenlijk met andere regiogemeenten kan worden geëxploiteerd. Het Centrum is laagdrempelig. Ouders en opvoeders kunnen er makkelijk terecht met vragen.

Jongeren
Jongeren moeten door bijvoorbeeld een jongerenraad betrokken worden bij de ontwikkelingen in de gemeente.


Ouderen
Dankzij de gestegen welvaart en toegenomen kwaliteit van de gezondheidszorg leven mensen langer. Veel ouderen zijn na hun pensionering nog steeds maatschappelijk actief, anderen genieten volledig van hun welverdiende vrije tijd. Voor de ouderen is het van belang dat de randvoorwaarden om zelfstandig te kunnen wonen optimaal zijn in de vorm van levensloopbestendige woningen of aanleunwoningen bij verzorgingscentra.

Indien nodig, kunnen door gemeenten aangestelde ouderenadviseurs ouderen individueel helpen hun weg te vinden op het gebied van wonen, zorg en welzijn. Naast het verstrekken van ondersteuning en voorzieningen is mantelzorg een belangrijk middel om tegemoet te komen aan de hulpvraag van ouderen. Bij het steunpunt mantelzorg komen vraag, informatie en aanbod bij elkaar.

Keuzes CDA:
1. Stichting Welzijn De Bries, of haar opvolger, is een volwaardige welzijnsorganisatie en wordt op basis van af te nemen producten gesubsidieerd. De gemeente geeft op voorhand aan welke producten zij wenst af te nemen.
2.    Wij steunen het functioneren van het gezin.
3.    Centra voor Jeugd en Gezin zijn en blijven laagdrempelig en toegankelijk.
4.    Jongeren en hun organisaties worden betrokken bij beleidsvorming en het tot stand komen van voorzieningen voor de jeugd.
5.    Ouderenadviseurs en het gemeentelijk steunpunt mantelzorg hebben, in samenwerking met ouderen- en welzijnsorganisatie, een belangrijke taak bij de individuele hulpvraag van ouderen op het gebied van wonen, zorg en welzijn.






 
Hoofdstuk 2       Onderwijs, scholing en kinderopvang

Onderwijs en scholing

Kwalitatief goed onderwijs
Opgroeiende kinderen moeten in ons land de kans krijgen hun talenten te ontwikkelen en te benutten. Dit begint vaak op school. Scholen moeten dan ook voldoen aan kwaliteitseisen en een omgeving bieden waarin leerlingen zich goed kunnen ontwikkelen.
Het CDA wil zich inzetten voor het wegwerken en voorkomen van onderwijsachterstanden en schooluitval. Extra aandacht vraagt een gezond leefpatroon bij leerlingen.

Onderwijshuisvesting
Goed onderwijs vraagt om goede onderwijshuisvesting.
Het CDA vindt dat het initiatief voor een samenwerking van scholen vanuit de scholen zelf of vanuit de ouders moet komen. De gemeente heeft hierbij geen sturende rol. Als in een multifunctioneel gebouw verschillende scholen samenwerken, dan hecht het CDA er waarde aan dat scholen hun eigen identiteit kunnen behouden.
Speciale aandacht vraagt het CDA voor het creëren van een goed binnenklimaat in de scholen.
Het CDA pleit voor een veilige zone rondom de scholen voor het wegbrengen en ophalen van de kinderen.
Het CDA pleit voor het behoud van de huidige ondersteunende diensten aan het basisonderwijs, waar onder de logopedie, schoolzwemmen en godsdienstonderwijs / humanitaire vorming.

Maatschappelijke stage
De maatschappelijke stage is vanaf 2011 een verplicht onderdeel van het curriculum van de middelbare scholen. Gemeenten hebben een belangrijke verantwoordelijkheid gekregen om vraag en aanbod goed op elkaar af te stemmen.
Scholen hebben naast een pedagogische ook een maatschappelijke functie door jongeren voor te bereiden op hun taak in de maatschappij. Jongeren zien de stage vaak als een kans en een leuke uitdaging om kennis te maken met het vrijwilligerswerk.
Het CDA hecht er aan jongeren te stimuleren zelf keuzes te kunnen maken bij de invulling van de maatschappelijke stage.

Kinderopvang

Integratie
De gemeente heeft een stimulerende rol om te komen tot een goede samenwerking tussen de peuterspeelzalen en de kinderopvang, zodat er sprake is van een goede aansluiting die mogelijk kan leiden tot integratie.

Keuzes CDA:
1.    Terugdringen van ongeoorloofd schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten. Aanpakken uitval van jongeren tot 28 jaar door  teruggeleiding naar school, doorgeleiding naar een baan en als dit niet lukt naar een zorgtraject.
2. Hoge prioriteit bij wegwerken van onderwijsachterstanden.
3    Handhaving van de kwaliteit, zoals ondersteunende onderwijsdiensten aan het basisonderwijs leveren.
4.    Stimulerende rol van de gemeente inzake samenwerking tussen scholen. De sturende rol blijft in handen van ouders en schoolbestuur.
5.    Behoud van eigen identiteit van scholen bij gezamenlijke huisvesting.
6.    Coördinatie maatschappelijke stages door de gemeente tussen scholen en bedrijfsleven of maatschappelijke en zorginstanties op basis van keuzevrijheid voor de stagiair.
7.    Goede kwaliteit van het binnenklimaat in scholen.
8.    Veilige zones rond scholen voor ophalen en wegbrengen kinderen.
9. Stimulering door de gemeente van een goede aansluiting en    
samenwerking tussen peuterspeelzalen en kinderopvang en de   mogelijke integratie met het basisonderwijs
10.Bewustwording van een gezond leefpatroon bij leerlingen.




























Hoofdstuk 3    Ruimtelijke ontwikkeling, bouwen en wonen

Ruimtelijke ontwikkeling

De gemeente voert op het gebied van de ruimtelijke ordening een actief beleid en ontwikkelt een visie over de wijze waarop het beheer van de bebouwde ruimte gestalte moet krijgen, zodat de Renkumse leefkwaliteit geborgd wordt in actuele bestemmingsplannen.
Zo zal een beeldkwaliteitplan vast onderdeel moeten uitmaken van de toelichting, behorende bij elk bestemmingsplan.

Ontwikkelplannen
Daarnaast zal de gemeente een actieve rol moeten (gaan) spelen bij het tot stand komen van plannen voor leegstaande of leeg komende gebouwen met de bestemming “Maatschappelijke / Bijzondere doeleinden”.

De ambitie is om:
In Oosterbeek nieuwe functies toe te kennen aan het schoolgebouw aan de Talsmalaan, waarbij wonen plus een eerste optie is, het huidige postkantoor op Plein 1946 en de voormalige school aan Ireneweg. Onderzocht wordt of er locaties beschikbaar zijn voor museum Veluwezoom en locaties die een functie kunnen krijgen in de 2e lijngezondheidszorg (oprichten van een zorginitiatief), eventueel in combinatie met wonen+. De uitvoering van de plannen voor het opwaarderen van de Weverstraat wordt ter hand genomen.

In Renkum nieuwe functies toe te kennen aan het voormalige café Van den Born aan de Kerkstraat en aan het terrein Kraanen tussen de Utrechtseweg en de Groeneweg. Voor dit terrein en de onmiddellijke omgeving ervan wordt een integrale visie/plan ontwikkeld.

In Doorwerth een nieuwe functie voor de locatie “Mooiland”. Tevens kan de locatie “Westerbouwing” beter uitgenut worden ten behoeve van Kunst, Cultuur en Toerisme.

In Wolfheze vragen de “Van Dugteren-panden” speciale aandacht. Om de leefbaarheid van het dorp Wolfheze te vergroten wordt de leegstand ervan aangepakt en worden deze locaties herontwikkeld.
De inzet is om de plannen voor het realiseren van een dorpsplein in Wolfheze in de komende raadsperiode te realiseren.

Bij vrijkomende locaties wordt de daarvoor geldende bestemming “maatschappelijke / bijzondere doeleinden” of “bedrijvigheid”, niet automatisch omgezet in “wonen”. Een afweging wordt gemaakt om de geldende bestemming al dan niet te handhaven.
Buitengebied
De ruimtelijke kwaliteit van het open landschap in het buitengebied van de gemeente krijgt voldoende aandacht bij het ontwikkelen van plannen voor het buitengebied.

(Agrarische) bedrijvigheid, recreatie en toerisme in het buitengebied van de gemeente worden, onder het waarborgen van de natuur- waarden, als passend in het buitengebied gehandhaafd en bevorderd.

Het Landschapsontwikkelingsplan wordt herijkt! Daarbij is er respect voor de bedrijvigheid in het buitengebied. Afwaardering van wegen wordt heroverwogen.
Dit plan wordt opgenomen in de structuurvisie van de gemeente Renkum.
 
Herstructurering en revitalisering bedrijventerreinen.
Voor de bedrijventerreinen “Schaapsdrift” en “Klingelbeekseweg” worden plannen ontwikkeld. Voor het bedrijventerrein “Schaapsdrift” wordt daarbij vooral gedacht aan een betere benutting van gronden en gebouwen. Voor de plannen voor het bedrijventerrein “Klingelbeekseweg” wordt uitgegaan van herstructurering en revitalisering, zodat aangesloten kan worden aan het bedrijvenpark Arnhems Buiten.

Keuzes CDA:
1.    Er wordt een actief RO-beleid gevoerd en er wordt een visie ontwikkeld over het beheer van de bebouwde ruimte. De typische Renkumse leefkwaliteit wordt geborgd in vast te stellen bestemmingsplannen. Zo zal een beeldkwaliteitplan een vast onderdeel moeten uitmaken van elk bestemmingsplan.
2.    De gemeente moet een actieve rol (gaan) spelen bij het tot stand komen van plannen voor leegstaande of leeg komende gebouwen met de bestemming “Maatschappelijk / Bijzondere doeleinden”
3.    Onderzocht wordt of er locaties beschikbaar zijn die een functie kunnen krijgen in de 2e lijngezondheidszorg (oprichten van een zorginitiatief/hotel), eventueel in combinatie met wonen.
4.    Voor het terrein Kraanen en de onmiddellijke omgeving ervan in Renkum, wordt een integrale visie ontwikkeld.
    5.    Om de leefbaarheid van het dorp Wolfheze  te vergroten wordt de leegstand van de “Van Dugteren-panden” aangepakt, en worden deze locaties herontwikkeld.
6.    Bij vrijkomende locaties wordt de daarvoor geldende bestemming
“Bijzondere / maatschappelijke doeleinden” of  “bedrijvigheid” zoveel mogelijk gehandhaafd.
7.    De ruimtelijke kwaliteit van het open landschap krijgt voldoende aandacht bij het ontwikkelen van plannen voor het buitengebied.    
8.    (Agrarische) bedrijvigheid, recreatie en toerisme in het buitengebied van de gemeente wordt, onder het waarborgen van de natuurwaarden, als passend in het buitengebied gehandhaafd en bevorderd.
9.    Het Landschapsontwikkelingsplan wordt herijkt.
10.Voor de bedrijventerreinen “Schaapsdrift” en “Klingelbeekseweg” worden plannen tot verbetering van de benutting en kwaliteit ontwikkeld.
 
Bouwen en wonen

Nieuwbouwplannen
Uit recent onderzoek blijkt dat de bevolkingskrimp voor de gemeente Renkum tot 2025 geprognosticeerd is op 0,0 % Dit vraagt alert te blijven en periodiek de onderzoeken nauwlettend te volgen. Dit is van belang voor het op peil houden van voorzieningen en/of het verbeteren van de leefkwaliteit.

Niet elke “groene” plek in de gemeente moet worden bebouwd. Het CDA heeft de visie dat deze nog aanwezige groene plekken bijdragen aan die typische Renkumse leefkwaliteit en dat deze plekken niet bebouwd moeten worden.

Kansen voor vernieuwing liggen in de herstructurering / renovatie van oudere delen van (woon)wijken.

Voor nieuwbouwwoningen geldt dat deze woningen “levensloopbestendig” moeten zijn.

De geplande woningbouw in Wolfheze zal gefaseerd worden ingevuld.

Woningdifferentiatie
Het feit dat Renkum geen uitbreidingslocaties kent en geen grootschalige nieuwbouw heeft, leidt er toe dat het niet gewenst is om de 50/50 norm (Vrije sector woningen / betaalbare koop, huur), op elke locatie toe te passen. De verkaveling en woningbouw op inbreidingslocaties zal meer moeten aansluiten bij de directe verkaveling en woningbouw van de omgeving. Dit vooral om de Renkumse leefkwaliteit te behouden. Per locatie zal afgewogen moeten worden of er vrije sector dan wel betaalbare koop of huur gebouwd kan worden. Voor het CDA is het ruimtelijk ordeningsbeleid in Renkum maatwerk. De Renkumse leefkwaliteit is één van situaties waaraan getoetst wordt.

Welstandscommissie
De nieuwe Wet ro eist dat een beeldkwaliteitplan een vast onderdeel  uitmaakt van elk bestemmingsplan. De Welstandscommssie toetst de bouwplannen aan dit beeldkwaliteitsplan.

Het CDA wil de welstandscommissie uitbreiden met een burgerlid en is voorstander om deze commssie in de openbaarheid te laten vergaderen. Gelet op de structuur /bebouwing van de gemeente Renkum, sluit deze gemeente naadloos aan bij Rheden en Rozendaal. Het CDA is er voorstander van dat er voor dit gebied een nieuwe welstandscommissie komt. Ook is zij voorstander van een integratie van de monumentencommissie en de welstandscommssie.

Keuzes CDA:
1.    Krimp, thans 0,0 %; ontwikkelingen worden nauwlettend gevolgd.
2.    Groene ruimtes dragen bij aan de Renkumse leefkwaliteit.
3.    Kansen voor vernieuwing liggen vooral in herstructurering /
    renovatie van oudere delen van woonwijken.
4.    Nieuwbouwwoningen worden levensloopbestendig gebouwd.
5.    Woningbouw in Wolfheze op de locatie Willemse Naaldhout en
    Sara Mansveltweg, wordt gefaseerd uitgevoerd.
6.    Voor de woningdifferentiatie geldt dat per locatie maatwerk wordt
geleverd, waarbij de Renkumse leefkwaliteit voorop staat. De 50/50 norm wordt hiermee los gelaten.
7.    Het beeldkwaliteitplan maakt integraal onderdeel uit van het bestemmingsplan.
8.    Integratie van de monumentencommssie en de welstandscommissie.
9.    De welstandscommissie wordt uitgebreis met een burgerlid.
10.Onderzocht wordt of er één welstandscommissie kan komen voor Renkum Rheden en Rozendaal.  




 
 Hoofdstuk 4    Natuur, milieu en duurzaamheid

Natuur
Renkum is een bosrijke Gemeente. Het recreatieve gebruik van de bossen moet worden gestimuleerd. De functies van het bos, houtproductie, natuur en recreatie dienen naast elkaar te kunnen bestaan. De open plekken in het landschap worden bewaard. Het huidig agrarisch gebruik blijft zoveel mogelijk in stand om een afwisselend cultuur- en natuurlandschap te houden.
Op deze wijze wordt een eerste aanzet gegeven om de recreatieve waarde van de bossen te verhogen. De belevingswaarde voor recreanten wordt vooral bepaald door de variatie van landbouwgrond, natuurterrein en bossen. Onderzocht wordt op welke wijze de recreatieve waarde verder verhoogd kan worden. Particuliere initiatieven op dit punt worden ondersteund.
De gemeente zorgt voor een duurzaam beheer van de gemeentelijke bossen.
Ook binnen de bouwde kom dient er aandacht te zijn voor natuurlijke (groene) elementen. De beleving van natuur in de directe woonomgeving is belangrijk. Hiervoor krijgen open plekken een ecologische inrichting waardoor flora en fauna zichtbaar is voor de bewoners.
Bij nieuwbouwwijken wordt voldoende ruimte gelaten voor ecologische zones binnen het plan.

Keuze CDA:
1.    De huidige verdeling van bos, natuur- en cultuurlandschap zoveel mogelijk handhaven.
2.    Het beleid van geïntegreerd bosbeheer voortzetten. Inzetten op een meer kosten neutraal bosbeheer.
3.    De recreatieve waarde van de gemeentelijke bossen verhogen. Onderzoeken welke mogelijkheden daarvoor aanwezig zijn.
4.    Een duurzaam beheer van de bossen vraagt om behoud en uitbreiding van bestaande natuurwaarden in de gemeente.

Milieu
Rentmeesterschap, solidariteit en gespreide verantwoordelijkheid zijn de christendemocratische uitgangspunten die van bijzondere betekenis zijn als het gaat om het werken aan een goed leefmilieu.
De gemeente onderzoekt en inventariseert de mogelijkheden met betrekking tot CO2-reductie.
Bij nieuwbouw van woningen zijn duurzaamheid van materialen en energiebesparing uitgangspunt. Het gemeentelijk / regionaal beleid wordt regelmatig aangepast aan nieuwe normen voor duurzaamheid en energie (Energie Prestatie Coëfficiënt, EPC).

In de komende raadsperiode onderzoekt de gemeente de mogelijkheden voor Renkum om op termijn een klimaatneutrale* gemeente te worden. Onderdelen hiervan zijn:
-    de gemeentelijke organisatie milieuneutraal*;
-    de gemeente gaat over op natuurstroom en natuurgas;
-    het gemeentelijke wagenpark minder milieubelastend (voorbeeldfunctie);
-    het aanleggen van openbare oplaadpunten voor elektrische auto’s;
-    toepassen van zuinige, duurzame, schakelbare armaturen en lampen bij de openbare straatverlichting;
-   compenseren van de CO2-uitstoot.

Afkoppelen van de hemelwaterafvoer wordt alleen in gebieden met nieuwbouw en bij particuliere initiatieven overwogen. Het grondwaterpeil is hierbij leidend.

Keuzes CDA:
1.    Er komt een onderzoek naar de mogelijkheden voor Renkum om op termijn een klimaatneutrale gemeente te worden.
2.    Er komt een inventarisatie naar mogelijkheden van CO2-reductie binnen de gemeente.
3.    Het bouwen van energiearme woningen en waar mogelijk van energieneutrale* woningen.
4.    Afkoppelen hemelwaterafvoer in principe alleen nog bij nieuwbouwprojecten en particuliere initiatieven. Het grondwaterpeil is hierbij leidend.

* klimaatneutraal: een klimaatneutrale gemeente wil zeggen dat de inwoners van Renkum geen invloed meer uitoefenen op het klimaat bij álle activiteiten die binnen de gemeentegrenzen worden uitgevoerd (wonen, werken en verplaatsen). Voor zover er nog broeikasgassen vrij komen worden deze elders duurzaam gecompenseerd.
* milieuneutraal: Zonder dat het milieu extra belast wordt.
* energieneutraal: Energieneutraliteit wil zeggen dat de volledige energievraag door duurzame bronnen wordt opgewekt. De opslag van CO2 in nieuwe bossen of de ondergrond is geen optie meer. Duurzame energie mag zowel binnen als buiten de gemeente worden opgewekt.

Duurzaamheid
De kwaliteit van het milieu, duurzaamheid en klimaatbeleid staan weer hoog op de maatschappelijke en politieke agenda.
Een schoon en duurzaam leefmilieu (lucht, water, bodem, flora en fauna) is essentieel. De gemeente kan hieraan een bijdrage leveren door het nemen en stimuleren van energiebesparende maatregelen, duurzame energieopwekking, het maken van afspraken over ‘schoon rijden’, hergebruik van afvalstoffen en maatregelen in het kader van waterkwaliteit en –kwantiteit.

Het CDA staat achter het projectplan Fairtrade. De mogelijkheden om van Renkum op termijn een Fairtrade gemeente te maken, worden onderzocht en waar mogelijk geïmplementeerd. Daarnaast ondersteunt de gemeente de vrijwilligers die het projectplan vorm geven.

Keuze CDA:
1.    “Duurzaamheid” wordt criterium van het gemeentelijke (aanbestedings) beleid met de mogelijkheden van het Fairtrade - concept voor Renkum in ogenschouw.
2.    Onderzoek naar de mogelijkheden om het energiegebruik meer duurzaam te maken. ( 50% besparen + 50% groene energie = 100% duurzaam)



Hoofdstuk 5    Veiligheid

Burgers moeten zich in onze gemeente veilig kunnen voelen.
            Het gaat volgens het CDA om de drie volgende gemeentelijke taken:

1. Overlast bestrijden en tegengaan. Geweld mag onder geen enkele voorwaarde worden geaccepteerd. De taak van de gemeente is het handhaven van de openbare orde, in samenwerking met politie en justitie. Waar nodig, draagt de gemeenteraad zelf ook wensen aan die opgenomen worden in de planvorming en prioriteitstelling van de politie.
2.    Preventie. Het beleid is er niet alleen op gericht criminaliteit en overlast tegen te gaan, maar zo mogelijk te voorkomen. Dat gebeurt door voorlichting en samenwerking met ouders, scholen en maatschappelijke instellingen. Ook aanpassing van de beplanting van het openbaar groen speelt een belangrijke rol bij het (subjectieve) veiligheidsgevoel.
3. Participatie en het (weer) vormgeven van de eigen verantwoordelijkheid van burgers en de lokale gemeenschap. Burgers, maatschappelijke organisaties en bedrijven hebben uiteraard ook een eigen verantwoordelijkheid bij het voorkomen van onveiligheid.
Door een preventief beleid, zoals een actief jongerenbeleid en toezicht, dient de overlast van jongeren te worden tegen gegaan.
Het initiatief voor het invoeren van een burgernet (amber alert) of belcirkels wordt verder ondersteund.

Veiligheid is geborgenheid
Mensen moeten in geborgenheid kunnen leven, zowel in de thuissituatie als in de publieke ruimte. De gemeente dient een gemeenschap te zijn waarin iedereen zich veilig voelt en veilig is.

Beveiliging bedrijfsterreinen
In overleg met de Ondernemerskring Midden-Gelderland moet worden onderzocht hoe de beveiliging van de bedrijfsterreinen kan worden verbeterd.

Keuzes CDA:
1.    De gemeente heeft bij het veiligheidsbeleid drie taken:
•    Overlast bestrijden en tegengaan
•    Preventie    
•    Participatie
De ambitie is om bij de volgende monitor tot betere scores te komen voor wat betreft het veiligheidsbeleid.
2.    Bestrijding overlast van jongeren door preventief beleid.
3. Burgernet (amber alert) of belcirkels wordt verder ondersteund.
4.    Onderzoek naar verbetering van veiligheid op bedrijfsterreinen.
 
Hoofdstuk 6        Verkeer

De verkeersafwikkeling in Oosterbeek is een grote zorg. In overleg met de buurgemeente Arnhem en/of het Knooppunt Arnhem-Nijmegen wordt onderzocht welke oplossingen voor de verkeersafwikkeling in Arnhem mogelijk zijn zodat het doorgaande verkeer in Oosterbeek vermindert. Hierbij wordt met name gedacht   aan het wegnemen van de blokkade op het Willemsplein die een rechtstreekse aansluiting op de Amsterdamseweg onmogelijk maakt.
Het gereed komen van de S-102, verbinding tussen Schuitgraaf en de A-50 bij Heteren, zal naast andere voorgestelde maatregelen bijdragen, aan een vermindering van de verkeersdruk in Oosterbeek.
De gemeente zet nadrukkelijk in op meer prioriteit om bij de reconstructie van de A50 ter hoogte van Wolfheze “de oortjes” aan te leggen zodat de Amsterdamseweg een aansluiting op de A50 krijgt. Ook daardoor wordt de Utrechtseweg in Doorwerth en Oosterbeek ontlast van het doorgaande (sluip-)verkeer.

De verkeerslichteninstallatie op de Utrechtseweg in Oosterbeek moet beter worden geregeld zodat verkeer uit het benedendorp vlotter de Utrechtseweg kan oprijden. Ook wordt aandacht gevraagd voor de verkeerslichten voor fietsers op de Utrechtseweg in Oosterbeek.

Voor de Schelmseweg en de Dreijenseweg geldt, als in- en uit-valswegen voor het dorp Oosterbeek, de categorie ontsluitingsweg’.

Voor de Westzijde van Renkum (omgeving Dorpsstraat, Nieuweweg en Beukenlaan) komt een onderzoek naar snelheidsremmende maatregelen (geen drempels). De bewoners worden hierbij actief betrokken.

De gemeente zet in op een rechtstreekse openbaarvervoer verbinding tussen het station Ede-Wageningen en het ziekenhuis De Gelderse Vallei, via Bennekom naar het dorp Renkum. Het doortrekken van de Valleilijn (aardgasbus) naar Arnhem wordt hierbij betrokken.
De buurtbusverbinding tussen Wolfheze, Oosterbeek en Doorwerth wordt gehandhaafd. Met de Buurtbusvereniging Veluwezoom West en enkele maatschappelijke organisaties wordt onderzocht of er ook in het westelijk deel van de gemeente een buurtbus kan gaan rijden. De bus stopt in ieder geval bij het winkelcentrum van Renkum.

Het CDA is geen voorstander van het invoeren van “betaald parkeren”. Voor het uitbreiden van de zogenaamde “blauwe zones” dient eerst de noodzaak te worden aangetoond.
Onderzoek moet uitwijzen of er een oplossing komt voor het langdurig parkeren van vrachtauto’s / bussen in de dorpen.
 
Keuzes CDA:
1.    Vermindering van doorgaand verkeer in Oosterbeek.    
2.    Prioriteit voor de “oortjes” A-50, Amsterdamseweg.
3.    Verbetering verkeerslichtenregeling Utrechtseweg Oosterbeek.
4.    Handhaving buurtbus Wolfheze-Oosterbeek-Doorwerth en onderzoek.
5.    Uitbreiding traject buurtbus naar Renkum Centrum.
6.    De Schelmseweg en Dreijenseweg blijven ontsluitingswegen.
7.    Rechtstreeks openbaarvervoer tussen Ede-Wageningen en Renkum, inclusief Valleilijn naar Arnhem.
8.    Oplossing parkeerprobleem vrachtwagens/bussen in woonkernen.
9.    Onderzoek naar snelheidsbeperkende maatregelen Renkum (west)waarbij de bewoners actief worden betrokken.
10    Behoudt trolleybus/aardgasbus.
11 Geen invoering “betaald parkeren”.

 
Hoofdstuk 7        Sport, recreatie/toerisme, kunst/cultuur    

Sport
Sporten is gezond voor lichaam en geest. Het CDA wil een stimulerend sportbeleid zodat jong en oud geactiveerd worden om meer te bewegen. Waar nodig zullen subsidies zorgen voor de toegankelijkheid van sportvoorzieningen voor een breed publiek.
Door het organiseren van een jaarlijkse sportinstuif kunnen scholieren kennismaken met de verschillende sportmogelijkheden.

Invoering van een sport- en cultuurpas voor de jeugd, kan een goede stimulans zijn om lid te worden van een sportvereniging, waarbij kinderen uit gezinnen behorende tot de minima, een bijdrage ontvangen uit het minimabeleid voor deze pas.
Ook voor de 50+ worden de bestaande programma’s gehandhaafd en waar nodig ondersteund.
De gemeente voert een beleid dat gericht is op het in stand houden van de verenigingsstructuur van de verschillende sportverenigingen.

De toegankelijkheid van de sportparken wordt onderzocht en zonodig verbeterd. De gemeente betrekt de gebruikers hierbij.
Ook wordt de wenselijkheid van verruiming de functie sportparken besproken met de gebruikers en waar mogelijk aangepast aan de behoeften. Kinderopvang moet mogelijk worden binnen de sportparken.   
    
Keuzes CDA:
1.    Sport, meer bewegen is essentieel voor een goede gezondheid. Ook heeft sport een belangrijke maatschappelijke en sociale functie voor individuen en de gemeenschap als geheel.
2.    Onderzocht wordt of een sport- en cultuurpas voor jongeren tot 18 jaar kan worden ingevoerd.
3.    Voor de 50+ worden de bestaande laagdrempelige programma’s gehandhaafd en waar nodig ondersteund.
4. Er komt een jaarlijkse sportinstuif zodat scholieren kennis kunnen maken met de verschillende takken van sport.
5.    De toegankelijkheid van de sportparken wordt onderzocht en zonodig verbeterd.
6. De functie Sportparken wordt verruimd zodat kinderopvang mogelijk wordt.

Recreatie/toerisme,
Toerisme levert werkgelegenheid op. De gemeente zet zich in voor kleinschalige, kwalitatief hoogwaardige vormen van toerisme. Renkum moet beter als recreatiegemeente “op de kaart worden gezet”. Het “uitnutten” en het meer toegankelijk maken van de oevers van de Neder-Rijn dient één van de uitgangspunten te zijn. Het in de vaart brengen van een fietpendelboot voor woon-werkverkeer en voor recreatief gebruik, tussen Rhenen en Arnhem, met verschillende opstapplaatsen is daarbij een pilot-project.
Het netwerk van de fietsknooppunten dient verder uitgebreid te worden.
De recreatieve functie van het Everwijnsgoed in Renkum wordt versterkt ten behoeve van recreatieve ontwikkelingen in het buitengebied. Daarbij wordt ondersteunende horeca mogelijk gemaakt.

Keuzes CDA:
1.    Renkum als duurzame recreatie gemeente “op de kaart zetten”.
2.    Inzetten op kleinschalige, kwalitatief hoogwaardige vormen van toerisme.
2.    Opzetten pilot fietspendelboot.
3.    Uitbreiden netwerk van fietsknooppunten.
4.    Versterken recreatieve functie van het Everwijnsgoed in Renkum door onder andere ondersteunende horeca-activiteiten.

Kunst/cultuur
Een bijzonder onderdeel van kunst is de amateurkunst. In het kader van het onderwijs of buitenschoolse activiteiten kunnen kinderen en jongeren zich bewust worden van hun talenten voor creatieve zaken.

Kunst in de openbare ruimte geeft een kwaliteitsimpuls aan de bebouwde omgeving. Het nodigt uit om stil te staan bij wat je ziet of ervaart en kan zo bijdragen aan een moment van verwondering en bezinning.   

Voor het “Kunst en Cultuurcentrum Veluwezoom” wordt een nieuwe locatie gezocht, waarbij een combinatie met wonen tot de mogelijkheden behoort. Initiatieven om te komen tot een papiermuseum in Renkum worden ondersteund. Ook hiervoor worden locaties in beeld gebracht.

De Concertzaal in Oosterbeek staat voor een grondige opknapbeurt. Er wordt gezocht naar een passende exploitatie om dit gebouw in stand te houden.  

Het cultureel centrum De Rijnkom in Renkum staat eveneens voor vervangende nieuwbouw of renovatie. Ook hier dienen economische dragers toegevoegd voor een betere exploitatie.

De jaarlijkse Airbornevieringen zijn en specifiek Renkums evenement en wordt door de gemeente ondersteund.


Keuzes CDA:
1.    Zet het huidig beleid voort ten aanzien van ondersteuning van harmonie- en fanfareorkesten;
2.    Subsidieert jeugd tot 18 jaar voor algemene muzikale vorming.
3.    Ondersteunt initiatieven voor exposities van kunst in de openbare ruimte.
4.    In standhouding van de concertzaal vraagt om een passende exploitatie, met een ondersteunende horecavoorziening als economische drager.
5.    Het Cultureel Centrum De Rijnkom beter afstemmen op het gebruik, waarbij economische dragers worden toegevoegd voor een betere exploitatie.
6.    Ondersteunt de jaarlijkse Airborneactiviteiten.
 
Hoofdstuk 8        Economie en arbeid

Bereikbaarheid van de bedrijventerreinen vraagt om een goede ontsluiting. Daarbij passen geen versmallingen van wegen, en/of afwaardering van wegen. “Schoon, heel en veilig” zijn uitgangspunt bij ontwikkeling, beheer en onderhoud van de bedrijventerreinen.

Er is een bedrijfscontactfunctionaris / accountmanager als vast aanspreekpunt voor bedrijven.
Onderzocht wordt op welke locaties binnen de gemeente flexibel tegemoet kan worden gekomen aan de ruimtevraag van ZZP-ers ( zelfstandigen zonder personeel) in de gemeente. Het planologisch mogelijk maken van een bedrijfsverzamelgebouw is een mogelijkheid om hieraan tegemoet te komen.
Een grote wens is de aanleg van een glasvezelkabel in de gemeente voor bedrijven en particulieren.

De gemeente zet in op het behoud van papierindustrie voor Renkum. Knelpunten worden inzichtelijk gemaakt en aangekaart bij provincie en Rijk. Met de bedrijven in de sector wordt gezocht naar oplossingen.

Het CDA wil het bestaande areaal hectares grond voor bedrijven behouden. Vrijkomende locaties van bedrijven waarbij woningbouw wordt voorgesteld, worden gecompenseerd binnen de gemeente. Op deze wijze behoudt Renkum ruimte voor bedrijvigheid.

Ook de bedrijvigheid in het buitengebied vraagt om ruimte om door te ontwikkelen. Het CDA wil mogelijkheden voor passende vormen van bedrijvigheid in het buitengebied.

Winkelcentra in de gemeente verdienen meer aandacht. CDA is voorstander van concentratie / clustering van detailhandel in de centra. Voorkomen moet worden dat publieksaantrekkende voorzieningen verdwijnen uit de centra. Voor Renkum wordt actief gezocht naar een oplossing voor de leegstand van winkels. Het faciliteren van de VVV/ANWB in de Dorpsstraat trekt meer klanten naar het centrum.

De economie vraagt tegenwoordig dat beide ouders deelnemen aan het arbeidsproces. Dit vraagt een zorgvuldige organisatie van huis en gezin, waarbij ook nog gezocht wordt naar tijd voor elkaar. Het CDA kiest daarom één moment in de week voor rust, ontmoeting en bezinning. Het CDA is geen voorstander van openstelling van winkels op zondag ondanks de druk die onder andere door het grootwinkelbedrijf op de gemeente wordt uitgeoefend.  

De weekmarkten in de gemeenten vragen om een nieuwe impuls om aantrekkelijk te blijven voor de ambulante handel. De gemeente zet in op behoud van een aantrekkelijke weekmarkt in Renkum, Wolfheze en Oosterbeek, waarbij de tarieven herijkt worden.


Keuzes CDA:
1.    Er komt een nota voor locaal economisch beleid, met een uitvoeringsprogramma, gericht op behoud van locale (passende) werkgelegenheid.
2.    Goede bereikbaarheid / ontsluiting van bedrijventerreinen blijft uitgangspunt.
3.    Schoon, heel en veilig is uitgangspunt bij ontwikkeling, beheer en onderhoud.
4.    Behoud van de bedrijvencontactfunctionaris.
5.    Onderzoek instellen naaer de ruimtevraag ZZP-ers.
6.    Organiseren aanleg glasvezelkabel in de gemeente.
7.    Inzetten op behoud van de papierindustrie.
8.    Handhaven bestaand areaal hectares grond voor bedrijven.
9.    Ontwikkelmogelijkheden voor passende vormen van bedrijvigheid in het buitengebied.
10.    Meer aandacht voor de winkelcentra; clustering concentratie van winkels in de centra.
11.    Oplossingen zoeken voor leegstand in de Dorpsstraat te Renkum. Faciliteren van VVV/ANWB in de Dorpsstraat.
12.    Geen voorstander van zondagopenstelling van winkels.
13.    Een nieuwe impuls voor behoud van levendige weekmarkten.
 
Werk en bijstand
Betaald werk is de beste vorm van sociale zekerheid. Langdurige werkloosheid is voor veel mensen een tragedie; het inkomen daalt, het sociaal netwerk brokkelt af en de prikkeling tot activiteit wordt steeds minder. Het CDA zet zich in op een zo groot mogelijke uitstroom naar werk! Belemmeringen om aan de arbeidsmarkt deel te nemen worden waar mogelijk weggenomen.
Uitkeringsgerechtigden moeten dwingender worden toegeleid naar de arbeidsmarkt; tegenover het recht op een uitkering staat de plicht van uitkeringsontvangers om zo snel als mogelijk uit de uitkerings-situatie te geraken door een aanbod van werk of van scholing te accepteren.
Voor diegenen die niet mee kunnen in het reguliere arbeidsproces zijn inspanningen van de gemeente en maatschappelijke organisaties gericht op andere vormen van participatie.

Jongeren (18-27 jaar) die geen plek op de arbeidsmarkt hebben kunnen vinden, gaan actief aan de slag in een gemeentelijk traject.

Voor eenoudergezinnen die aangewezen zijn op een bijstandsuitkering moet er een goede balans zijn tussen de ouderlijke zorgplicht voor het kind en het zich beschikbaar stellen voor de arbeidsmarkt. Het CDA erkent dat voor deze groep het moeilijk is om zorg en opvoeding van kinderen te combineren met een baan. (Gedeeltelijke) ontheffing van de sollicitatieplicht blijft voor deze groep mogelijk. Maatwerk staat hier voorop!

Keuzes CDA:
1.    Inzetten op een zo groot mogelijke uitstroom naar werk.
2.    Dwingender toeleiding naar de arbeidsmarkt.
3.    Inspanning gemeenten voor alternatieve vormen van participatie voor hen die niet mee kunnen in het arbeidsproces.
4.    Een traject voor de jongeren van 18-27 jaar.
5.    Maatwerk voor eenoudergezinnen.




























Hoofdstuk 9        Bestuur en organisatie

Een sterke gemeente heeft een bestuur die aan de gemeenschap verantwoording aflegt, ‘waar de gemeente staat’. Een sterke gemeente durft zich kwetsbaar op te stellen door haar eigen bestuurskracht te meten en benchmarks (een vergelijking van de gemeente met vergelijkbare referentiegemeenten) uit te voeren met het doel daarvan te leren.
Het CDA vindt dat de gemeente in haar handelen de inwoners, de lokale gemeenschap, centraal moet stellen. Het gemeentebestuur staat de lokale gemeenschap ten dienste en niet omgekeerd.
Het CDA vindt dat belanghebbenden een volwaardige rol hebben bij de totstandkoming van beleid! Zij worden al in de startfase betrokken bij de totstandkoming van beleid. Het college laat zien wat zij met de opmerkingen / reacties van belanghebbenden heeft gedaan, en hoe deze zijn verwerkt in het nieuwe beleid.
De gemeente legt haar voornemens voor ruimtelijke ontwikkelingen in de dorpen vast in gezamenlijkheid met de bewoners.
Ook maakt de gemeente gebruik van de burgerexpertise zoals deze zich in ruime mate manifesteert in Renkum. De gemeente nodigt hen actief uit om een reactie te geven op haar beleidsvoornemens.

De gemeente is geen gewone leverancier van diensten. Voor een paspoort of bouwvergunning kan de burger niet om de gemeente heen. Daarom is het de plicht van de gemeente om haar dienst-verlening optimaal en klantvriendelijk in te richten. Lange wacht-tijden in bijvoorbeeld de avondopenstelling past daar niet bij. Het CDA pleit voor een ruimere avondopenstelling.

Het CDA pleit voor een klantgerichte, kwalitatief hoogwaardige, effectieve en professioneel werkende organisatie.
De formatieomvang is in verhouding tot vergelijkbare gemeenten.
 
Keuzes CDA:
1.    Burgers worden in de startfase betrokken bij, cq. hebben invloed op, de totstandkoming van gemeentelijke plannen.
2.    De gemeente maakt gebruik van burgerexpertise.
3.    Belanghebbenden hebben een volwaardige rol bij de totstandkoming van beleid.
4.    Er komt een ruimere avondopenstelling van publiekszaken.
5.    Omvorming van de huidige organisatie naar een klantgerichte, kwalitatief hoogwaardige, effectieve en professioneel werkende organisatie.
6.    De formatieomvang van de gemeentelijke organisatie is hoog in verhouding tot vergelijkbare gemeenten.


 
Hoofdstuk 10    Financiële kaders

Gemeentelijke maatregelen en voorzieningen kosten geld. Het overgrote deel van de inkomsten ontvangen gemeenten van de rijksoverheid. (Algemene uitkering uit het Gemeentefonds) Slechts een gering deel van de inkomsten bestaat uit lokale belastingen en heffingen / leges. De Rijksoverheid heeft aangekondigd het gemeentefonds fors te gaan korten als gevolg van de kredietcrises. Het exacte kortingspercentage is op dit moment nog niet bekend maar bedraagt maximaal 20%, in 5 jaar te realiseren, van de algemene uitkering uit het gemeentefonds. Dit betekent voor de gemeente Renkum opnieuw een ombuigingsoperatie van een aantal miljoenen euro’s.

Het CDA vindt dat deze korting niet volledig op de burger verhaald mag worden. De gemeente zal eerst haar eigen organisatie moeten aanpassen zodat er sprake is van een klantgerichte, effectieve, kwalitatief hoogwaardige, en professioneel werkende organisatie.
Een belangrijk deel van de ombuigingsoperatie zal dan ook gevonden moeten worden in een verdere afslanking van de gemeentelijke organisatie.

Het financiële beleid dat het CDA voor ogen staat, is gericht op een duurzaam begrotingsevenwicht en het op peil houden, van het weerstandsvermogen. Daarbij is het financieel beleid transparant en is duidelijk voor de burger waar het geld aan wordt besteed. De begroting en rekening wordt zodanig ingericht dat de raad een instrument heeft om daadwerkelijk te kunnen sturen. De raad moet een afweging kunnen maken en de “oud voor nieuw” discussie kunnen voeren.

Voor nieuw beleid en voor ontwikkelingen op bestaand beleid zal de gemeente voortdurend moeten evalueren en opnieuw moeten afwegen:
•    Is de noodzaak voldoende onderbouwd en voorzien van kwantitatieve gegevens;
•    Kunnen nieuwe taken of ontwikkelingen betaald worden uit het beschikbare budget;
•    Wat doen we niet meer / minder? (oud voor nieuw)
•    Is er “nieuw” geld nodig?

Bij deze afwegingen past het niet dat er beleidsvelden worden uitgezonderd, en dat bestaand budget volledig wordt gereserveerd voor één bepaald beleidsonderdeel.

De heffingen en leges zijn in principe kostendekkend. Nadrukkelijk wordt hierbij gemeld dat er een reële kostentoerekening wordt toegepast voor de op te leggen heffingen en leges. Aandachtspunt is dat de legeskosten voor begraven betaalbaar blijven en dat aansluiting wordt gezocht bij de tarieven van aangrenzende gemeenten. Dit kan betekenen dat deze tarieven niet kostendekkend zijn. Een zelfde uitzondering vormen de marktgelden.

Verhoging / aanpassing tarieven Belastingen en heffingen/leges.
Het CDA gaat in principe uit van een verhoging van maximaal het inflatiepercentage voor het tarief van de belastingen.
Gelet op de aangekondigde forse korting op het Gemeentefonds, kan een beperkte extra verhoging van de gemeentelijke belastingen noodzakelijk zijn. Echter zoals gemeld wordt er eerst ingezet op een verdere afslanking van de gemeentelijke organisatie.
Ten aanzien van de hondenbelasting is het CDA voorstander om deze belasting aan te wenden voor het verminderen van de overlast (uitwerpselen) van honden.

Keuzes CDA:
1.    Transparant financieel beleid.
2.    Begroting en rekening moeten een sturingsinstrument zijn.
3.    Noodzakelijkheid van uit te voeren beleid moet (kwantitatief) onderbouwd worden zowel voor bestaand als nieuw beleid, en eveneens voor toevoegingen of onttrekkingen aan bestaande begrotingsposten.
4.    Onderzoek / aanpassing naar reële kostentoerekening.
5.    In principe kostendekkende leges; (m.u.v. marktgelden en kosten begraven)
6.    Belastingen in principe alleen verhogen met het inflatiepercentage.
7.    Ombuigingen in eerste aanleg te vinden in de afslanking van de gemeentelijke organisatie.




A A A     voorleeshulp     inloggen     English
1  2  3  4