Een project met een historie. Een project met veel emoties. Een project met kritische reacties van burgers. Een project dat uitdagend is juist nu! Namens mijn fractie wil ik graag een aantal zaken aanstippen. Allereerst wat zegt het coalitieakkoord over de Talsmalaan? Ik citeer één van de kaders zoals genoemd op pg.21 : “ Er dienen marktconforme financiële middelen voor de grond worden gegenereerd “. Helder, duidelijk omschreven kaders met één zwak onderdeel zijnde het begrip “marktconform “. Waarschijnlijk is destijds bedoeld “maximale opbrengst “. Maar zo staat het er niet! Het begrip “marktconform “ is een relatief begrip en afhankelijk van, gerelateerd aan de bestemming die je daarop legt. Het CDA gaat er vanuit dat hieronder wordt verstaan bouwen in het “topsegment “ en niet in de “top van het middensegment “. Graag zou ik van de wethouder hierop een formele reactie willen horen. Ten tweede het begrip “WONEN –PLUS “. Het is niet nodig uitgebreid in te gaan op de voorgeschiedenis van dit project. Eén ding is heel duidelijk namelijk dat een raadsmeerderheid destijds opteerde voor het zogenaamde “WONEN + IDEE “. Ook het CDA heeft die keuze destijds ondersteund en daarbij gingen wij uit van: a. De kosten die gemaakt werden om de MAVO te verplaatsen naar Doorwerth moesten terugverdiend worden bij een verdere ontwikkeling van deze grond. Het gaat tenslotte om gemeenschapsgeld. Wij zijn consistent en hebben daarom nog steeds deze opvatting. b. Een combinatie van wonen en een maatschappelijke/dienstverlenende functie was voor onze fractie toen en nu een streefdoel. Die zogenaamde “plus “ mocht en mag van ons op diverse manieren ingevuld worden, of dat nu zorg, museaal, cultureel, educatief, of wat dan ook is. Echter: De onder a. genoemde verplaatsingskosten moeten er zo wie zo uitkomen. Volgens het voorliggende collegevoorstel zijn er verschillende modellen doorgerekend en deze liggen bij de griffie ter inzage. Het betreft hier vertrouwelijke informatie en om die reden zal ik dan ook geen informatie hieruit aanhalen. Het mag wel duidelijk zijn dat alleen “wonen in het topsegment “ de hoogste opbrengst genereert. Wij waren echter zeer verbaasd en ook wel enigszins geïrriteerd over het feit dat er drie uitgewerkte modellen waren, t.w. alléén wonen / Wonen plus zijnde zorg / Museum met atelierruimten. Hier is sprake van “appels met peren “ vergelijken. Het model “museum met atelierruimten “ en géén wooncomponent is uiteraard het allerduurste wat je maar kunt voorstellen. Een kind kan dat zelfs begrijpen. Onbegrijpelijk en slordig! Na overleg hierover met de portefeuillehouder werd deze “misser “ snel ter hand genomen en binnen een week ( jawel !!) uitgewerkt met het gevolg dat er nu ook een berekening van het model WONEN + ( ingevuld als museale functie) vertrouwelijk is in te zien. Dank aan de wethouder voor deze snelle actie. Deze cijfers spreken voor zich. Het blijkt toch wel een zeer kostbare zaak te zijn om deze optie te realiseren. In dit verband ( en dat is gerelateerd aan het collegevoorstel waarin gesproken wordt over een Centrum voor Kunst en Cultuur) vragen wij ons daarom ook af of dit Centrum, gezien het prijskaartje dat hangt aan het model WONEN met museale functie wel levensbaar zal zijn. Is dit niet “luchtfietserij “? We zullen dat in de komende tijd nauwgezet volgen. Wij hebben begrepen dat er verschillende culturele organisaties geïnteresseerd zijn in dit centrum, maar ook in onder meer de locatie Talsmalaan. Als de Raad vanavond een besluit neemt over de bestemming van deze locatie, valt deze plek af voor wat betreft het Centrum voor Kunst en Cultuur. Is dit zorgvuldig gecommuniceerd met de partijen die betrokken zijn bij de ontwikkeling van dit Centrum ? Een andere vraag betreft de haalbaarheid van dit voorstel. De CDA-fractie heeft nog steeds twijfels , zoals reeds aangegeven in de commissievergadering, over de haalbaarheid hiervan. Wij verzoeken daarom om concretere feiten voor wat betreft deze haalbaarheid. De woningmarkt staat nog steeds onder grote druk! Verder zou de CDA-fractie graag willen weten wat de plus, zijnde zorg , precies inhoudt indien er sprake zou zijn van Wonen plus zorg. Is dit een gediplomeerd verpleegkundige die op oproepbasis aanwezig kan zijn, of een soort zorghotel, of iets wat er tussen in ligt. Graag meer informatie hierover. Nog één opmerking: De CDA-fractie constateert dat in dit voorstel de veel besproken 50-50% verhouding sociale woningbouw/vrije sector is losgelaten. Sterker nog: Men opteert voor 100 % vrije sector. Dit feit is voor het eerst zo duidelijk als uitgangspunt genomen in relatie tot het coalitieakkoord en ik citeer uit het coalitieaccoord opnieuw: “Zo mogelijk vervangen/aanpassen van de 50-50 % verhouding vrije sector / sociale koop of huur, door een verhouding die beter aansluit bij de behoeften van de burger en / of beter past binnen de locatie of woonomgeving “. Dit beleid past ook prima binnen de gevoerde discussie van enige tijd geleden binnen deze Raad naar aanleiding van de correspondentie met het Knooppunt Arnhem/Nijmegen. Een discussie die resulteerde in een duidelijke raadsmeerderheid met betrekking tot het flexibeler omgaan met de 50-50 % regeling waardoor er meer eigen beleidsruimte ontstaat. Dit biedt perspectief naar andere mogelijke bouwlocaties in onze gemeente! Tot slot: De CDA-fractie sluit niet uit dat het nu voorliggende collegevoorstel de beste optie zal blijken te zijn, maar verwacht van het college antwoorden op de door mij gestelde vragen. Tot zover in eerste termijn. Bert Leeuwis, fractievoorzitter CDA.