Hfd 3 Verkeer, vervoer en waterstaat

Een goed leefmilieu (lucht, water, bodem, flora en fauna) is voor ieder van belang.
Rentmeesterschap, solidariteit en gespreide verantwoordelijkheid zijn de christendemocratische uitgangspunten die van bijzondere betekenis zijn als het gaat om het werken aan een goed leefmilieu. Rentmeesterschap betekent dat wij de wereld in dezelfde, of als het kan in een betere, toestand doorgeven aan de komende generaties. Daarom rust er op ons een morele verplichting om schade aan het leefmilieu te voorkomen. Van rijke landen mag daarbij een grotere inspanning worden gevraagd dan van de armste ontwikkelingslanden. Dat betekent dat wij solidariteit tonen met deze jonge, opkomende economieën. De bijdrage die de Nederlandse de gemeenten kunnen leveren aan duurzaamheid gebeurt in samenspel met bedrijven, maatschappelijke organisaties en instellingen. Ieder op basis van zijn of haar eigen verantwoordelijkheid voor een goed leefmilieu, voor nu en in de toekomst.
Ook de Nederlandse gemeenten zullen daaraan hun steentje moeten bijdragen. Door zelf het goede voorbeeld te geven, maar ook door gedragsbeïnvloeding en particuliere initiatieven te stimuleren en, waar nodig, te ondersteunen. Gemeentelijk milieu- en klimaatbeleid wordt samen met bedrijven, maatschappelijke organisaties en instellingen vorm gegeven. In dat beleid ligt de nadruk op energiebesparing die voor burgers en bedrijven te realiseren is door investeringen in duurzaamheid. Denk bijvoorbeeld aan lagere kosten voor duurzame openbare verlichting (door middel van LED-lampen), het gemeentelijke inkoopbeleid, energiezuinige woningen, duurzame energieopwekking, gedragsbeïnvloeding door regelgeving, subsidies enzovoort.
De gemeente moet het goede voorbeeld geven als het gaat om duurzaamheid, bijvoorbeeld door de zogeheten millenniumdoelstellingen te onderschrijven, een actief klimaatbeleid te voeren en in haar inkoopbeleid altijd rekening te houden met duurzaamheid. Verder vindt het CDA dat de gemeente een extra bijdrage kan leveren aan duurzaamheid door te investeren in energiebesparing in gebouwen en in de openbare ruimte. Een mogelijkheid is om de verlichting van openbare gebouwen uit te schakelen tussen middernacht en de ochtend, mits dat in het kader van sociale veiligheid verantwoord is.

Om dit te bereiken wil het CDA: 

  1. Potentieel gevaarlijke verkeerssituaties verbeteren. Het verkeer- en vervoersbeleid is gericht op bereikbaarheid, verkeersveiligheid en veilige fietsroutes voor onder andere scholieren. Het fietspad Oostburg-Groede dient deze periode te worden aangelegd.
  2. Dat de gemeente waar nodig, samen met bedrijfsleven en winkeliers, een visie op distributie- en zakelijk verkeer ontwikkelt.
  3. Een goede bereikbaarheid van dorpen, buurten en wijken per fiets realiseren
  4. Meer aandacht voor de onderlinge verbinding van fietsroutes en recreatieve fietsroutes in het buitengebied.
  5. Streven naar redelijk betaalbaar en intensief openbaar vervoer met voldoende opstapplaatsen tussen de verschillende kernen en binnen de grotere kernen.
  6. Dat gratis openbaar vervoer voor doelgroepen overwogen dient te worden, bijvoorbeeld een 65 pas. 
  7. Een optimale bereikbaarheid van alle kernen en wijken realiseren.  Veel mensen zijn voor hun mobiliteit aangewezen op openbaar vervoer, zowel in de kernen als in het landelijk gebied. Daar waar mensen een keuze kunnen maken tussen meerdere vormen van vervoer, is het van belang dat het openbaar vervoer in prijs en kwaliteit concurrerend is met bijvoorbeeld de auto als het gaat om (middel)lange afstanden. Daarom is het van belang dat de gemeente regelmatig overleg voert met de provincie over de optimale bereikbaarheid van alle kernen en wijken.

A A A     voorleeshulp     inloggen     English
1  2  3  4