Hfd 8 Volksgezondheid en milieu

Het CDA wil zich inzetten voor alle bevolkingsgroepen in onze gemeente. Het CDA wil dat de gezondheidszorg voor alle inwoners goed bereikbaar en betaalbaar blijft. De meeste gezondheidsvoorzieningen worden niet vanuit gemeentelijk beleid bepaald en de speelruimte voor gemeenten is daardoor beperkt. De meeste gezondheidsvoorzieningen worden landelijk gefinancierd door het Rijk of de zorgverzekeraars.
De druk op het milieu blijft een punt van zorg. Vanuit het rentmeesterschap moeten we adequate maatregelen treffen.

Om dit te bereiken wil het CDA:

  1. Goede ziekenhuisvoorziening in de kern Oostburg behouden. 
  2. Meewerken aan een goede samenwerking binnen de gezondheidszorg.
  3. Dat het gemeentelijke gezondheidsbeleid zich vooral richt op preventie en het vroeg signaleren van gezondheidsrisico’s, ziektes en aandoeningen onder kinderen en jongeren. Speciale aandacht wordt gevraagd voor het alcoholgebruik en alcoholmisbruik van kinderen tussen 12 en 18 jaar en zwaarlijvigheid bij jonge kinderen. 
  4. Dat de gemeente, samen met scholen, (sport)verenigingen en maatschappelijke instellingen, programma’s aanbiedt die zijn gericht op een gezondere leefstijl van kinderen en jongeren. 
  5. Dat de gemeente, via het nog in ontwikkeling zijnde Centrum Voor Jeugd en Gezin de regie blijft behouden bij de verdere noodzakelijke afstemming tussen jeugdgezondheidszorg, jeugdbescherming, jeugdbeleid en jeugdzorg. 
  6. Dat er een structurele samenwerking komt komen tussen zorgaanbieders en zorgfinanciers, zodat gehandicapten via één loket alle relevante informatie kunnen krijgen. 
  7. Dat er een onafhankelijke klachtenregeling is, waarbij gehandicapten zonder angst voor gevolgen wat betreft zorg- en dienstverlening een klacht kunnen indienen over hun zorgaanbieder. Gehandicapten zijn voor hun kwaliteit van leven, meer dan andere mensen, afhankelijk van allerlei instanties. 
  8. Dat riool- en (regen)watersystemen worden gescheiden. Nieuwe bouwlocaties zullen met deze vorm uitgevoerd gaan worden terwijl de bestaande systemen vervangen zullen worden bij gepland grootschalig onderhoud. 
  9. Milieuvriendelijke activiteiten ondersteunen en milieueducatie bevorderen. 
  10. Goed beheer en onderhoud van bermen, bermsloten, bossen. 
  11. Natuurgebieden en bossen in eigendom houden, goed onderhouden en de toegankelijkheid in stand houden c.q. verbeteren. Indien er gebieden worden verkocht aan derden,bijvoorbeeld. het Zeeuws Landschap, is het onbespreekbaar dat deze gebieden worden onttrokken aan de openbaarheid. 
  12. Procedures tot verkrijging van milieuvergunningen kort en duidelijk houden; dit geldt ook voor meldingen en ontheffingen. Indien er toch afgeweken wordt c.q. niet voldaan wordt aan de voorschriften zal de gemeente adequaat en rechtvaardig handhaven. De gemeente moet zich laagdrempelig maar ook zeker consequent opstellen naar de burgers toe en goede betrouwbare voorlichting geven zodat diezelfde burger met plezier en vertrouwen naar het gemeentehuis komt. Dit als middel in de strijd ter voorkoming van illegale activiteiten van diezelfde burger. 
  13. Gemeentelijk, niet structureel, groen verkopen of in beheer geven aan de burgers daar waar dit mogelijk en verantwoord is. 
  14. Dat de gemeente de duurzaamheid van mobiliteit bevordert door samen met partners een visie te ontwikkelen op en afspraken te maken over ‘schoon rijden’. De gemeente geeft zelf het goede voorbeeld voor haar eigen wagenpark. 
  15. Een actief beleid gericht op CO2-reductie voeren in de gemeenten, waarbij zo min mogelijk energie wordt gebruikt. Kosten versus baten dienen hierbij echter niet uit het oog te worden verloren. 
  16. Het gemeentelijke inkoopbeleid zo veel mogelijk verduurzamen. Tevens wordt ‘duurzaamheid’ opgenomen als criterium voor het gemeentelijke aanbestedingsbeleid. 
  17. Streven naar het bouwen van energiearme woningen.
  18. Dat de gemeente het milieubesef van burgers bevordert en mede daardoor de gescheiden inzameling van huisvuil versterkt en in haar contract met inzamelaars en/of verwerkers de duurzame verwerking daarvan garandeert.
  19. Dat in haar milieutoezicht op bedrijven de gemeente het voorkomen, het hergebruik en de duurzame verwerking van bedrijfsafval bevordert. 
  20. Het beheer en onderhoud van riolering planmatig plaats laten vinden. 
  21. Met het waterschap gezamenlijk vaststellen welke maatregelen nodig zijn om aan de wateropgaven te voldoen. De gemeente maakt een planologische vertaling van deze opgaven en past ze zo goed mogelijk in haar ruimtelijke ontwikkelingsbeleid. Mogelijkheden tot verbetering van kwaliteit van het water in het open landschap en van het stedelijk water worden daarbij aangegrepen; onder meer door aanleg van natuurvriendelijke oevers. 
  22. In samenwerking met het waterschap streven naar de meest kosteneffectieve oplossingen. Tevens wordt waar mogelijk gestreefd naar gezamenlijke uitvoering van beheers- en onderhoudstaken. De stijging van de rioolrechten wordt daarmee zo laag mogelijk gehouden.

A A A     voorleeshulp     inloggen     English
1  2  3  4