Sterk deed dit voorstel tijdens de behandeling van het onderdeel integratie van de begroting van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Zij stelde zich daar ook de vraag of het nu goed of slecht gaat met de multiculturele samenleving. Volgens haar ligt het er maar net aan vanuit welk perspectief je het bekijkt. Sterk: “Het CDA kiest in ieder geval voor een optimistische kijk. Niet je afkomst telt, maar je toekomst.”
Zij pleitte voor gemeenschappelijkheid als basis voor een beleid dat er op gericht is dat iedereen meedoet in de maatschappij; op het werk, in de wijk, op het sportveld et cetera. Dit voorkomt dat er een scheiding ontstaat tussen betrokken burgers en niet-betrokken burgers. Het handvest van burgerschap dat het kabinet aankondigt om burgers en bedrijven meer te betrekken, is daarvoor volgens Sterk een mooi aanknopingspunt. Voor het CDA is integratie een middel en geen doel. Het doel is burger van de samenleving worden en je daarvoor inzetten.
Sterk vroeg de minister ook om de mogelijkheden te bekijken om het sociaalleenstelsel open te stellen voor mensen uit Midden- en Oost-Europese landen. Zodat zij over voldoende middelen kunnen beschikken om hun integratie te verbeteren en te versnellen, via taallessen. Er kan ook als voorwaarde gesteld worden dat je onmiddellijk de Nederlandse taal moet leren als je voor een uitkering in aanmerking wilt komen.
Haar laatste punt betrof het gebruik van qat binnen de Somalische gemeenschap. Deze drug zorgt voor grote problemen in deze gemeenschap: een hoge werkloosheid, veel schooluitval en criminaliteit, veel overlast voor de omgeving. Gezien deze problemen kan er volgens Sterk maar één oplossing zijn: qat moet in Nederland verboden worden. Groot-Brittannië en Nederland zijn de enige landen die qat nog niet verboden hebben.