| Mijn twee oudste kinderen (4 en 6 jaar) zitten in een fase dat ze het leuk vinden om zo vaak mogelijk viese woorden te zeggen. De laatste vergadering van Commissie 2 hadden ze niet meer bij gekomen van het lachen als ze hun eigen vader hadden gehoord. Ik mocht namens het CDA het woord voeren over het hondepoepprobleem op ons dorp, bij de evaluatie van de Bello-bakken, op verzoek van de ChristenUnie. | ||
| Welnu, ik begon mijn betoog met een citaat uit een artikel van Het Urkerland van 21 mei 2007, waarin onze toen nieuwbakken burgemeester beschaamd moest bekennen dat hij gestopt was met het opruimen van de poep van zijn eigen hond, want niemand lijkt dat te doen op Urk. Ik noemde dat ‘verrekte jammer’. Gelukkig kreeg ik van wethouder Visser te horen dat hij de draad weer opgepakt had, de poep van zijn hond dus ook. Mijn tweede annekdote betrof het plakken van de verkiezingsposters begin dit jaar, voor de gemeenteraadsverkiezingen. De nummer vier van onze lijst hielp mij daarbij. Toen we van het ene naar het andere bord reden, bemerkten we een onwelriekend geurtje via onze neusgaten… U raadt het al, poep. Hondepoep. We hebben op Urk een proef gedaan met de Bello-bakken, maar niemand weet eigenlijk of het wel echt goed werkt. In ieder geval zijn de zakken die aan de bak hangen wel snel op, dankzij spelende kinderen die er wel raad mee weten. De proef was mijns inziens te kleinschalig. Ik vraag me ook af of die bakken alleen wel tot het gewenste effect gaan leiden. Vandaar dat ik namens het CDA een radicale wijziging van het poepbestrijdingsbeleid voorstelde, want we moeten het goed doen, of niets doen. In ieder geval is een mentaliteitsverandering nodig. Dat bereik je door bewustwording te creeeren. Hoe doe je dat? Door mensen te wijzen op wat ze doen, op het moment dat ze het doen. Mijn voorstel: het invoeren van poepverbod- en poepgedoogzones. De poepverbodzones zijn bijvoorbeeld de voetbalveldjes, speeltuintjes en locaties als stranden, wandelpaden en dergelijke. Daar mag een hond met zijn baasje niet naar toe om zijn poep achter te laten. Die worden gemarkeerd met opvallende borden, zodat iedereen zich bewust wordt dat hij in overtreding is als hij zijn viervoeter daar toch laat poepen. Daar spelen kinderen, daar laat je je hond dus niet poepen. Uiteraard moeten honden ten allen tijde aangelijnd zijn, iets waar de gemeente nu al op toeziet en een strikt beleid in voert (loslopende honden afvoeren naar het asiel). Aangelijnd mogen de honden dan poepen in de poepgedoogzones. Maar, let wel… het baasje dient de poep wel op te ruimen, waarvoor we de Bello-bakken bij die zones ophangen, wat er op wijst dat daar wel gepoept mag worden. We stellen een buitengewoon (poep)opsporingsambtenaar aan om dat te handhaven, dat betekent boetes bij het niet opruimen van de poep. Als dat niet voldoende opbrengt, stel ik voor om naast de hondebelasting een poeptoeslag in te voeren, om bovenstaande acties te financieren. Wethouder Geert Post heeft toegezegd hiermee aan de slag te gaan. Ik hoop ondertussen dat als we over dik 3,5 jaar weer posters gaan plakken, dat mijn automat dan gevrijwaard blijft van de hondepoep. PS. Het allermakkelijkst zou natuurlijk zijn als gewoon iedere hondebezitter zelf zijn hond uitlaat en de poep achter zijn kont opruimt… Maar ja… Andre de Vries | ||