Voor het CDA zijn dieren levende schepselen waarvoor de mens
verantwoordelijkheid draagt. Of het nu gaat om dieren in de vrije natuur, om huisdieren
zoals honden en katten, om hobbydieren zoals paarden, of om dieren in de
voedselketen en bio-industrie zoals varkens, kippen en koeien, we moeten als
mens zorgzaam en zorgvuldig met dieren omgaan. Op elk terrein waar dieren een
rol spelen moeten we niet alleen kijken naar factoren als volksgezondheid,
voedselveiligheid, economische belangen, milieubelangen en duurzaamheid, maar
moeten we ook het belang van dierenwelzijn niet uit het oog verliezen.
Landbouw en veeteelt
Nederland kent strenge regels met betrekking tot dierenwelzijn in onze
voedselproductie. Regels die in andere landen binnen Europa, maar ook
wereldwijd, veel minder streng zijn of zelfs helemaal niet gelden. Het CDA wil
dat in de hele EU dezelfde regels rond dierenwelzijn worden toegepast. Het is
in het belang van het welzijn van dieren als overal dezelfde regels gelden. Met
strenge regels die alleen in Nederland gelden zijn we er niet. Dat heeft alleen
maar tot gevolg dat dierlijke productie zich naar het buitenland verplaatst en
dan kan er geen invloed meer op het dierenwelzijn worden uitgeoefend. Het is
nadelig voor dieren en nadelig voor onze exportpositie. Juist door met kracht
te strijden voor verbetering van dierenwelzijn op Europees niveau kunnen we
voor veel meer dieren iets voor elkaar krijgen.
Groot- of
kleinschalig?
Het CDA vindt het belangrijk dat de keuze voor groot- of
kleinschaligheid van de Nederlandse veehouderij bewust wordt gemaakt. Alle verschillende
belangen moeten zorgvuldig worden afgewogen, dus ook het belang van het dier.
Het CDA kiest voor een beperking van de grootschalige intensieve veehouderij
die alleen op winst gericht is. Wij willen wel ruimte geven aan op kwaliteit
gerichte familiebedrijven. Bedrijven waar onder meer ook aandacht is voor
diergezondheid.
Diergezondheid
Bij diergezondheid moet de nadruk
liggen op het voorkomen van dierziekten. Het CDA wil het Europese
non-vaccinatiebeleid (er mag niet preventief worden geënt tegen bepaalde
dierziekten) doorbreken. Daarmee kan de kans op nieuwe uitbraken, bijvoorbeeld
van Qkoorts, worden verkleind. Daarnaast vindt het CDA dat er bij een uitbraak ook
zorgvuldig gekeken moet worden naar de belangen van het dier, niet alleen naar
andere belangen zoals volksgezondheid en voedselveiligheid.