Veiligheid is een menselijke basisbehoefte, naast zaken als eten en drinken. Een mens wil zich veilig voelen in zijn huis, in zijn straat, in zijn buurt. Wie zich onveilig voelt, trekt zich terug. Wie zich veilig voelt, kan zich ontplooien in de samenleving. Veiligheid is dus niet alleen een basisbehoefte van de mens als individu, maar ook een basisbehoefte van de samenleving.
Veiligheid is vanouds een kerntaak van de overheid. In dat kader heeft de politie een geweldsmonopolie. Maar veiligheid is ook een taak van de samenleving. De kern van veiligheid is partnerschap. Een nationale politieorganisatie moet ervoor zorgen dat grote zaken groots aangepakt worden. De regionale eenheden moeten voldoende groot zijn om verschillende gespecialiseerde functies in huis te hebben.
Lokale zaken dienen echter lokaal belegd te zijn. Er moet ruimte zijn om lokale afspraken te kunnen maken. Onder de alledaagse ergernissen in de buurt vallen geen zaken als moord of doodslag. De ergernissen voor de inwoners uit de wijken zijn vooral jeugdoverlast en hufterig rijgedrag. De burger moet de zekerheid hebben dat de politie blijvend op deze zaken ingezet kan worden.
Bij de behandeling van de nieuwe Politiewet in de Tweede Kamer heeft die lokale inbedding terecht veel aandacht gekregen. Als veiligheid in de supermarkt te koop was, dan is de nationale politie het Ahold-concern en het basisteam van wijkagenten het plaatselijke Albert Heijn-filiaal. Nationale politie betekent niet, dat we allemaal onze boodschappen moeten gaan doen in Zaandam. Een nationale politieorganisatie betekent dat het beheer centraal wordt geregeld. Voor openbare orde en lokale veiligheid blijft de burgemeester verantwoordelijk.
Een nationale politieorganisatie betekent, dat de wijkagent professioneel en effectief kan optreden dank zij een geoliede landelijke organisatie. Overheadkosten worden beperkt, omdat niet in 26 korpsen het wiel opnieuw wordt uitgevonden. Werving en selectie worden ondergebracht bij de Politieacademie, zodat korpsen geen dubbel werk doen en niet met elkaar concurreren. Communicatie wordt verbeterd, omdat niet in 26 korpsen verschillende systemen worden gebruikt. Grenzen tussen regio’s mogen niet de samenwerking en de communicatie belemmeren.
Tussen haakjes: als het over grenzen gaat, mogen ook de landsgrenzen natuurlijk geen barrières zijn voor communicatie als het gaat om rampenbestrijding en de aanpak van criminaliteit. Grensoverschrijdende samenwerking moet ook op het vlak van het politiewerk verder worden verbeterd.
De invoering van de nieuwe Politiewet zal leiden tot centralisatie van diensten. De Kamer heeft bij de motie-Çörüz c.s. uitgesproken, dat daarbij rekening gehouden moet worden met kwetsbare regio’s. Er is ook veel discussie geweest over de omvang van de regio Oost-Nederland. Bij de motie-Çörüz c.s. heeft de Kamer de evaluatie van de wet voor Overijssel en Gelderland twee jaar vervroegd. Het is van belang, dat bestuurders de vinger aan de pols houden.
De afgelopen jaren heeft de CDA-fractie steeds aandacht gevraagd voor het op peil houden van de politiesterkte. Blauw op straat! Dat is geen kwestie van ‘een blik agenten opentrekken’, maar van blauw niet onnodig bezighouden met bureauwerk. Om de bureaucratie bij de politie aan te pakken moet ook verder gekeken worden dan binnen de politieorganisatie zelf. Het OM is verantwoordelijk voor een groot aantal richtlijnen en aanwijzingen die veel administratief werk tot gevolg hebben. Deze problemen moeten bij de oorzaak aangepakt worden.
In de nieuwe Politiewet is de lokale uitvoering van de politietaak door de Kamer stevig verankerd. Onder meer is het aantal wijkagenten vastgelegd op ten minste één per 5000 inwoners. De wijkagent is de hoeksteen van ons politiebestel. De wijkagenten horen 80% van hun tijd te besteden aan werk in en voor hun wijk en dienen op deze manier informatie uit de wijk te verzamelen.
De burgemeester blijft verantwoordelijk voor politie-inzet in het kader van de handhaving van de openbare orde. Gemeenteraden zullen meer dan voorheen betrokken zijn bij het integrale veiligheidsbeleid. Zij zullen zich ook bewust zijn van de veiligheidsaspecten van beleid op andere terreinen, zoals de organisatie van grote evenementen. Kortom: de nationale politie biedt gemeenteraad en burgemeester nieuwe kansen om werk te maken van het lokaal integraal veiligheidsbeleid.