Qathandel in Uithoorn (aanvullende vragen)

Gesteld op 9 augustus 2011

Aanvullende vragen op de vragen van 21 juni met betrekking tot qathandel in Uithoorn van het Lid Çörüz (CDA) aan de Minister van Veiligheid en Justitie:

1.     Kan de Minister de brief van de gemeente Uithoorn binnen één week beantwoorden?

2.     In het kader van de Wegenverkeerswet kunnen voertuigen middels een zogenaamd stopteken gecontroleerd worden. Klopt het dat dit niet bij de qatkopers- en handelaren in Uithoorn kan, omdat dit alleen de Somalische bevolking betreft en deze maatregel discriminatoir zou zijn? 

3.     In uw antwoord op de vragen van 21 juni verwijst u naar de gemeente Tilburg en dat de overlast van qat daar middels een APV kan worden aangepakt. Is de Minister het met de CDA-fractie eens dat een vergelijking met Tilburg niet opgaat daar het gaat om qatgebruik in qathuizen in tegenstelling tot de situatie in Uithoorn waar het gaat om (internationale) qathandel. Welke instrumenten heeft de gemeente Uithoon daadwerkelijk om de verloedering aan te pakken?

4.     Wanneer denkt u het onderzoek naar buitenlandse diensten te hebben afgerond? Wanneer mag de Kamer de resultaten van het onderzoek naar de betrokkenheid van deze diensten ontvangen?

5.     Mocht er sprake zijn van betrokkenheid van (ongeoorloofde) werkzaamheden van buitenlandse diensten, wat heeft u ondernomen om die werkzaamheden te beëindigen?


A A A     voorleeshulp     inloggen     English
1  2  3  4