Al deze afkortingen staan voor belangrijke organisaties in de zorg: Zorgverzekeraars Nederland, Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie en de Chronisch zieken en Gehandicapten Raad. Zij organiseerden een groot verkiezingsdebat in Bunnik. Het aardige van deze combinatie van organisatoren is, dat het precies duidt op wat het CDA graag wil.Namelijk zorgverzekeraars die samen met patiëntenorganisaties proberen zo goed mogelijke zorg met de zorgaanbieders te regelen. Aan het verkiezingsdebat deden 8 partijen deel en het was een leuk dynamisch debat. Het ging over eigen bijdragen, over marktwerking en over de toekomst van de AWBZ. Namens het CDA heb ik gezegd dat eigen bijdragen, hoger eigen risico en verkleining van het basispakket van de Zvw pas aan bod komt als er meer doelmatigheid is in de zorg en als de overschrijdingen, waar dan ook zijn teruggehaald. Ook moeten er maatregelen zijn om overschrijdingen te voorkomen.
In het debat over de AWBZ heb ik nadrukkelijk aangegeven dat wij een glasheldere polis willen: alleen onverzekerbare, langdurige zorg. Maar dat blijft dan in de AWBZ een recht waarop mensen aanspraak kunnen maken, desnoods hun leven lang. De PvdA hevelt dat over naar de WMO en dat betekent dat het een voorziening wordt. Dat geeft minder rechtzekerheid: als het geld voor de WMO op is bij gemeenten, is de zorg dan ook weg?
De patiëntenorganisaties lieten ook horen dat er eerst besparingen in de zorg moeten komen, voordat zij de rekening krijgen. Bovendien vroegen ze aandacht voor de eigen regie die patiënten moeten krijgen in de zorg. Ik heb aangegeven dat wij niet voor niets graag een Wet op de cliëntenrechten nu eindelijk willen behandelen.
Het was een leuke, boeiende bijeenkomst in een volle zaal aan de A12. Nog een paar debatten te gaan en dan is het 9 juni.