INVESTEREN IN INTEGRATIE

Klik hier voor het rapport (pdf)
Vraagstukken rond integratie bepalen in hoge mate de politieke agenda. Dat geldt voor Nederland, het geldt ook voor de andere landen van de Europese Unie. Duitsland kent zijn debat over de zogenaamde Leitkulturen, in Frankrijk woedt een debat over het seculiere karakter van de staat en de rechten van moslims. Politieke partijen hebben het niet altijd gemakkelijk bij het vinden van antwoorden op kwesties waarvoor het integratievraagstuk hen stelt. Moet de concentratie van etnische minderheden in bepaalde wijken bestreden worden, of juist niet? Zijn eigen organisaties nu bevorderlijk voor de integratie, of juist niet? Moet het gedrag van de ouders die hun kinderen naar een witte school iets verderop sturen ontmoedigd worden, of juist niet? Het zijn deze en andere thema’s die in dit rapport aan de orde worden gesteld.

De verkiezingen van 15 mei 2002 gingen met name over immigratie, integratie en veiligheid. Het is opmerkelijk dat een onderstroom van maatschappelijke onvrede zich zo krachtig manifesteerde in een tijd van grote welvaart. Het vraagstuk van integratie van immigranten in onze samenleving kent allerlei lagen en dimensies. Zo ook aspecten die te maken hebben met verdeling van welvaart. Dan gaat het om de vraag hoe we kunnen toegroeien naar een situatie waarin welvaart redelijk evenwichtig is verdeeld over verschillende bevolkingsgroepen. Daarmee komen ook andere belangrijke maatschappelijke terreinen als onderwijs en huisvesting in beeld. Voor de toegang tot de bronnen van welvaart zijn deze voorzieningen van cruciaal belang. Onder het verdelingsvraagstuk ligt een diepere laag. Dan gaat het niet om meetbare resultaten en zichtbare processen, maar om gevoelens onder de oppervlakte. Om gevoelens van herkenning of juist vervreemding; om het gevoel de eigen vertrouwde wereld te hebben verloren bij de instroom van een groot aantal nieuwkomers enerzijds, of om het gevoel voortdurend te moeten opboksen tegen vooroordelen en achterstelling anderzijds. 

In deze studie kiest het WI vooral voor een sociaal-culturele invalshoek. De (rechtstatelijke) culturele kenmerken van de westerse samenleving passeren de revue. De historische achtergronden van migratiepatronen worden verkend en vergeleken met huidige tendensen. De relatie tussen religie en rechtsstaat, de betekenis van de islam en de cultuur politieke rol van de overheid komen alle aan bod. Daarnaast gaat de studie in op cultuurdragende en -overdragende instituties: het gezin, de wijk, de school, de rechtsstaat en de religieuze gemeenschappen. Het gaat om vragen als: wat zijn kernwaarden van de democratische en sociale rechtsstaat? Hoe kan de overheid bij dragen aan een pluriforme samenleving  waarin verschillende culturele stromingen elkaar ook (kunnen) respecteren en zich ook herkennen in kernwaarden van de rechtsstaat? Hoe kan de overheid eraan bijdragen dat verschillende culturele stromingen en bevolkingsgroepen met elkaar in contact blijven? Welke rol spelen cultuur(over)dragende instellingen en welk beleid moet de overheid jegens hen voeren? 

Leidende gedachte bij het beantwoorden van de vragen is dat integratie heeft te maken met culturele (kernwaarden), sociale (participatie) en functionele (vaardigheden) aspecten. Alle drie zijn zij, elkaar bovendien wederzijds beïnvloedend, van betekenis. Vanuit deze benadering wordt vervolgens een keur aan beleidsvoorstellen geformuleerd. Voorstellen die van betekenis zijn voor de integratiepolitiek in de komende jaren.

Verwante rapporten:

2008 - INTEGRATIE OP WAARDEN GESCHAT


A A A     voorleeshulp     inloggen     English
1  2  3  4