Klik hier voor het rapport (pdf)
Europa heeft in Lissabon uitgesproken de meest dynamische kenniseconomie van de wereld te willen worden. Die kennissamenleving maakt een hoger scholingsniveau van de bevolking wenselijk. Maar ook voor mensen persoonlijk is levenslang leren belangrijk vanwege de dynamiek op de arbeidsmarkt, de snelle veranderingen in de samenleving en vooral de snelle veroudering van kennis. Dit vraagt om een daarop toegesneden onderwijsstelsel. Maar vraag en aanbod in het onderwijs sluiten nog onvoldoende op elkaar aan. Dit rapport gaat over de vraag: hoe zorgen we dat Nederland zijn ambities als kennissamenleving waar kan maken?
Het aanbod van het onderwijs richt zich te weinig naar de vraag, zowel in het onderwijs voor jeugd als voor werkenden. Het gebrek aan een flexibele structuur in het huidige onderwijs ontmoedigt de onderwijsvraag, omdat er qua tempo en niveau te weinig differentiatie mogelijk is en het onderwijs daarmee tijdrovend en dus duur wordt. Velen krijgen daardoor niet het onderwijs dat bij hen past en missen zo ontwikkelingsmogelijkheden. Bovendien gaat deze mismatch gepaard met grote maatschappelijke kosten. Een samenleving waarin de arbeidsmarkt steeds meer onder spanning komt te staan en vanwege de vergrijzing de inzet van veel mensen nodig zal zijn, kan het zich niet veroorloven talenten van mensen ongebruikt te laten. Daarom is het zaak het onderwijsaanbod beter af te stemmen op de leerbehoefte van mensen. Het uiteindelijke doel is dat mensen hun talenten kunnen ontwikkelen. Dit vraagt om onderwijs op maat, om onderwijs dat leerlingen en studenten uitdaagt en om onderwijs dat mensen in hun loopbaankeuzen optimaal en snel begeleidt.
Wil Nederland zijn ambities als kennissamenleving waar maken, dan zijn veranderingen nodig die leiden tot:
Deze doelen vragen om een andere aanpak: een betere oriëntatie van het aanbod op de postinitiële vraag naar onderwijs die er in de samenleving is. Een cruciale verandering bij de kanteling van aanbod- naar vraagsturing is het loslaten van de centrale positie van de opleiding in de bekostiging en planning van het onderwijsstelsel. Leerrechten doorbreken deze relatie met de opleiding omdat leerrechten gekoppeld zijn aan het daadwerkelijk gevolgde onderwijs ongeacht of men voor een volledige opleiding staat ingeschreven. Dit biedt voor tal van mensen, in het bijzonder voor mbo-ers, mogelijkheden om zich op een hoger niveau te scholen zonder een volledige opleiding te willen volgen.