16 december 2016

Ronnes:Waar blijft investeringsimpuls voor de woningmarkt?

Het CDA vindt dat de verhuurdersheffing het symbool is geworden van de niet functionerende huurmarkt. Het huurbeleid van dit kabinet is een blok aan het been geworden. Voor huurders, corporaties maar ook van het kabinet zelf. Er wordt te weinig gebouwd, en met de complexe regelgeving in de huursector wordt de chaos compleet. Hogere huren, minder nieuwbouw en meer verkoop van sociale huurwoningen. Een flinke negatieve impact voor de huurder. Terwijl de mensen maar wachten op een huurwoning.

Het CDA wil dat minister Blok met alle betrokkenen in de sector om de tafel gaat zitten. Het feit dat de financiële situatie van corporaties is verbeterd, moet worden omgezet in beleid zodat meer mensen een passende woning kunnen krijgen.

CDA woordvoerder Erik Ronnes: “De verhuurdersheffing zoals ingevoerd is het CDA altijd een doorn in het oog geweest. Daarom hebben wij destijds ook niet ingestemd met het woonakkoord. Het CDA riep destijds Blok op om te komen met een investeringsimpuls, waardoor corporaties wel weer kunnen investeren zodat de woningmarkt op gang zou komen. En dat vinden we nu nog. Wat ons betreft moeten we de middelen ten goede laten komen aan de huursector.”

In regio’s waar de koopmarkt fors stijgt, moeten ook de corporaties onevenredig meer verhuurdersheffing betalen. Dat vindt het CDA ongewenst effect. De verhuurderheffing is namelijk zo vormgegeven dat de hoogte van de heffing (door de WOZ-component) vooral afhankelijk is van de prijs van marktwoningen in de omgeving van de sociale huurwoningen. In een aantal gebieden zoals Utrecht en Amsterdam stijgt de prijs van woningen op dit moment zeer snel. Doordat de verhuurderheffing los staat van de huurprijs van sociale huurwoningen, maar wel via de WOZ-waarden deze marktontwikkelingen volgt, leidt dit hier tot een fors hogere heffing. Ronnes: “Dat kunnen we niet afdoen met ‘heel vervelend’ voor die corporaties, want juist in die gebieden is de vraag naar nieuwe sociale huurwoningen al relatief groot. Die corporaties hebben een forse bouwtaak maar zien dat het rijk een extra greep in de kas doet.” Ronnes riep de minister op om maatregelen tegen te nemen, om dit ongewenste effect tegen te gaan.

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.