05 augustus 2026 2 minuten lezen

Bui­ten­sla­pen: geen boe­tes, maar wel een grond­slag om te hand­ha­ven

Het college wil het verbod op buitenslapen uit de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) schrappen. Het CDA is het eens met het uitgangspunt dat boetes voor dak- en thuislozen niet werken, maar vindt dat het verbod als grondslag om te handhaven moet blijven bestaan, in elk geval voor portieken. Na de zomer spreekt de raad hier verder over.

Waar gaat het over?

Burgemeester Halsema besloot vorig jaar te stoppen met het beboeten van mensen die op straat slapen. Het opleggen van een boete van 170 euro leidde zelden tot ander gedrag, maar wel tot oplopende schulden bij mensen die het al niet konden betalen. In haar brief aan de raad noemde zij het middel daarmee zijn doel voorbijschietend. De handhaving werd stilgelegd en de boete feitelijk op nul gezet. Nu ligt de vervolgstap voor: het verbod ook formeel uit de APV halen.

Over dat voorstel sprak de raad op 17 juni 2026 in de Tijdelijke Algemene Raadscommissie. Inmiddels is er ook een petitie gestart tegen het schrappen van het verbod, die in verschillende buurten flink wat discussie oproept. Wij begrijpen die zorgen goed en we denken dat het antwoord niet zwart-wit is.

Boetes zijn niet het juiste middel

Voor het CDA staat voorop dat we ons humaan opstellen tegenover mensen die op straat slapen. Boetes helpen daarbij niet. "Ik zie het dilemma dat tot dit voorstel heeft geleid, en ik denk ook niet dat boetes hier het goede middel zijn," zei fractievoorzitter Rogier Havelaar in de commissie. "Op dat punt zijn we het eens."

Dat mensen buiten slapen is bovendien geen klein probleem in onze stad. Uit de ETHOS-telling blijkt dat ruim 11.000 Amsterdammers geen vaste woon- of verblijfplaats hebben, onder wie honderden kinderen. Daarachter zitten schrijnende verhalen: moeders die met hun kind een beschutte plek zoeken, mensen die jarenlang van instantie naar instantie worden gestuurd. Voor die groep is begeleiding, zorg en opvang de oplossing.

Maar: houd de bevoegdheid om te handhaven

Tegelijkertijd heeft het CDA een belangrijke vraag bij het voorstel. Als het verbod helemaal uit de APV verdwijnt, vervalt dan ook de grondslag waarop handhavers mensen kunnen vragen ergens anders te gaan liggen? Die bevoegdheid werd in het verleden vaker gebruikt dan nu, ook vóór elf uur 's avonds en juist in portieken.

Concreet gaat het om artikel 2.20 van de APV. Sinds 2021 hield de gemeente al een terughoudende lijn aan: alleen bij overlast, zoals slapen in portieken, was na een waarschuwing nog een boete mogelijk. Juist die bepaling verdwijnt nu.

Havelaar: "We kennen allemaal de voorbeelden van ontlasting die de volgende ochtend in een portiek wordt aangetroffen. Je kunt daar moeilijk de hele nacht naast gaan staan. Ik ben bang dat we verstrikt raken in de definitie van overlast. Je zou nu al moeten kunnen zeggen dat overnachten in een portiek per definitie overlastgevend is."

Het CDA zet zich in voor veilige en leefbare buurten. Bewoners moeten zich veilig voelen in hun eigen portiek, en ondernemers en bewoners moeten ergens terechtkunnen als een situatie uit de hand loopt. Daarom vinden wij dat het verbod moet blijven bestaan, in elk geval voor portieken en vergelijkbare plekken. Niet om te kunnen beboeten, maar om te kunnen optreden. Dat zijn twee verschillende dingen, en die zouden in dit voorstel niet in één keer moeten sneuvelen.

Buitenslapen dat niemand tot last is, hoeft niet verboden te zijn. Maar de overheid moet de bevoegdheid houden om op te treden waar dat wél nodig is.

Hoe verder

Wij hebben het college gevraagd welke afwegingen het hierin maakt en of de handhavingsgrondslag met deze wijziging verdwijnt. Na de zomer komt het onderwerp terug in de raad. Wij houden dan vast aan onze lijn: stoppen met beboeten, maar de handhaving niet zonder gereedschap achterlaten. Het verbod moet als grondslag blijven bestaan waar dat nodig is.

Lees
ver­der