07 mei 2018

"De lokale democratie is veel machtiger geworden"

Afgelopen maand hebben alle raadsleden het boek ‘De Gemeenteraad’ gehad. Het boek beschrijft de gemeenteraad door de tijd heen. Wij spraken met Geerten Boogaard, co-auteur van het boek en medewerker van het Wetenschappelijk Instituut van het CDA.

Waarom is dit boek geschreven?

De aanleiding van het boek is dat er allemaal boeken zijn over politieke organen en gebeurtenissen. Denk aan 200 jaar Staten-Generaal of 200 jaar Koninkrijk, maar niet voor de gemeenteraad. Sterker nog, Hans Vollaard en ik kwamen erachter dat er eigenlijk helemaal geen standaardwerk is over de gemeenteraad. Toen zijn wij daarmee begonnen en hebben op alle terreinen van de gemeenteraad die wij konden bedenken experts gezocht. Zij hebben bij hun eigen onderwerp aangegeven wat nu de stand van wetenschap is en wat nog uitgezocht moet worden. Het is als het ware een vlootschouw. Het inleidende hoofdstuk is van Joop van de Berg en mij en dat geeft de hoofdlijn weer. De andere hoofdstukken gaan over de deelonderwerpen.

Wat laat dit boek ons zien over de gemeenteraad?

Dit boek maakt wel heel duidelijk dat er in redelijke mate beschreven is hoe de sociaaldemocratie in de grote steden werkt, maar er is nog veel te doen aan het beschrijven van de confessionele problematiek in de niet-stedelijke gebieden. Men denkt nog altijd dat Amsterdam de norm is, en in zekere zin is dat ook wel zo. De Gemeentewet wordt aangepast aan wat er gebeurt in de stad Amsterdam. De kerken konden het niet meer aan en daarom moest de gemeente ingrijpen. Van nachtwakersstaat, via welvaartsstaat, zijn we naar verzorgingsstaat gegaan. Toen zijn de gemeenten eigenlijk pas de problemen op gaan lossen.

Uit het boek volgt als het goed is ook een agenda voor de wetenschap, omdat er nog zoveel onderzoek gedaan moet worden. Omdat er nog weinig onderzoek is gedaan naar confessionele politiek buiten de steden, moet daar nog flink op worden ingezet. Daar zijn lokale studies voor nodig. Ook de oudheidsverenigingen kunnen daar bij betrokken worden.

Wat springt er voor jou uit in dit boek?

Wat ik zelf leuke hoofdstukken vindt zijn de hoofdstukken over de architectuur van gemeentehuizen en raadzalen. Het is bijzonder om te zien wat er in de architectuur verscholen zit. Ook het hoofdstuk over de lokale debatcultuur is leuk. Er is wel veel onderzoek gedaan naar de nationale debatcultuur, maar nog heel weinig naar de lokale debatcultuur.

Is dit voor alle BSV-leden relevant?

Alle gemeenteraadsleden hebben dit gehad, mede door subsidiëring van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en het ministerie van Binnenlandse Zaken. Uiteraard is het ook voor wethouders relevant. Het is echt over de gemeenteraad, dus misschien minder relevant voor de Provinciale Staten en gedeputeerden, maar het is ook weer niet zo geschreven dat het alleen relevant is voor gemeenteraadsleden. De ontwikkelingen van de gemeenteraad hangen samen met de decentralisaties in het algemeen.

Conlusie?

Er wordt veel geklaagd over lokale democratie, maar deze is de afgelopen decennia eigenlijk veel machtiger geworden. Als we kijken naar de voorkant van dit boek is dat ook te zien. Op het bovenste plaatje zien we de burgemeester in het midden, met de notabelen om zich heen. De gemeenteraadsleden zitten daar aan de rand, het is een aanhangsel van het College van B&W. Het onderste plaatje laat de ontwikkeling zien van de raad, namelijk een orgaan wat opkomt voor de bevolking. De positie van de raad is ook veel sterker geworden. De geschiedenis van de lokale politiek is een succesverhaal van de gemeenteraad. We laten ons veel negativiteit aanpraten over de gemeenteraad, maar de grote lijn van de geschiedenis is dat het veel beter is geworden. Van een strengkijkend en intimiderend notabelenbestuur, naar een veel meer met de samenleving verbonden platform.

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.