01 maart 2008

Minder storm en wind in Nederland

 De verwachting kan bestaan dat bij de opwarming van de aarde niet alleen de temperatuur stijgt maar ook de neerslag toeneemt en het meer en krachtiger gaat stormen.

Het is inderdaad natter geworden de laatste 10 jaren maar van meer winderigheid is geen sprake. Integendeel, deze eeuw is de gemiddelde windsnelheid met 6 tot 8 % verminderd: van iets meer dan 16 km/uur naar 15 km/uur in Eelde en op station Schiphol daalde de windsnelheid van 19.5 naar 18.5 km/uur. Op zich zijn dit veranderingen die in het dagelijks leven niet zo merkbaar zijn. Een en ander uit zich wel in de frequentie van harde winden c.q. stormen.


Zo blijkt uit de cijfers van Eelde dat het dagen met windsnelheden van 6 Beaufort of meer met een kwart is afgenomen van gemiddeld 30 in de periode 1960-2000 naar 22 deze eeuw. Windkracht 6 betekent een windsnelheid van 39 tot 49 km/uur.
Het aantal dagen met windsnelheden van 7 Bft of meer, meer dan 50 km/uur, is gehalveerd van 8 naar 4 per jaar. Bij windkracht 7 is er sprake van harde wind, afbrekende kleine takken en bewegende bomen. Deze snelheden komen voornamelijk, tweederde deel, voor in de winterperiode en men spreekt dan ook van decemberstormen en februaristormen maar nooit van julistormen.
Over geheel Nederland bezien is het aantal stormen verminderd van 18 per jaar in de jaren zestig/zeventig naar 13 deze eeuw.

periode

km/uur

Eelde

dagen met > 6 Bft

Eelde

stormen in Nederland

1960 - 1969

16.3

33

19

1970 - 1979

16.1

29

18

1980 - 1989

15.8

30

17

1990 - 1999

15.9

32

15

2000 - 2007

15.0

22

13

Molens

Interessant is natuurlijk of de windmolenparken ook merken dat er minder winderige dagen zijn waardoor de opgeleverde hoeveelheid stroomenergie lager ligt.
Molenaar Jo Geerdink uit Emmercompascuum bezit nog een ouderwetse molen en verklaart te ondervinden dat hij minder vaak de molen kan laten draaien.
Vooral in de maand november hoopt hij op stevige wind om graan te kunnen malen tot meel, bestemd voor het bakken van spekkedikken.

Mogelijke verklaring

Door de opwarming van de aarde de laatste 10 jaar worden de temperatuurverschillen in Europa geringer, analoog aan de overgang van winter naar zomer in Europa.
In de wintermaand januari is de gemiddelde temperatuur bijvoorbeeld in Moskau -10 en in Madrid 5 graden Celsius, een verschil van 15 graden. In de zomermaand juli telt Moskau 20 graden en Madrid 25, een verschil van slechts 5 graden. Door kleinere temperatuurverschillen zijn de luchtdrukverschillen ook geringer en dus minder wind.
Eenzelfde verschijnsel doet zich dan ook voor bij opwarming van de aarde in Europa: minder temperatuurverschil, minder luchtdrukvariaties en dus minder wind, met name in de winter.

Onderzoek en artikel van Herry Thole, statisticus en CDA-raadslid Emmen



Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.