Ruimte geven

De verantwoording voor subsidies moet worden gestuurd op wat een instelling moet doen i.p.v. hoe. Uitgangspunt dient te zijn dat gekeken wordt naar het effect van een subsidie i.p.v. naar de mate waarin de regels zijn gevolgd, met een beperkte terugkoppeling door de subsidieontvanger. Daarnaast hoeft subsidie niet altijd in geld te worden verstrekt; het kan ook in vorm van deskundigheid of arbeid.

 

De Noordenveldwerker (WMO-werker nieuwe stijl) kan ondersteuning regelen zonder tussenkomst van grote instellingen wat tot kortere procedures en minder uitvoeringskosten leidt. De Noordenveldwerker moet een duidelijk mandaat hebben en bijvoorbeeld een dag meedraaien als gezinslid. Indien de medewerker er niet uitkomt wordt het volgende echelon of de grote instelling pas ingeschakeld. De intake moet breed worden ingezet.

 

Voor zover de gemeente daarvoor mogelijkheden heeft moet beweging worden aangebracht in de woningmarkt.

Daarbij denken wij aan het volgende:

.              ruimte blijven geven aan mantelzorgwoningen en drie-generatiewoningen;

.              collectief opdrachtgever schap om burgers samen met gemeente en corporaties woningen te bouwen.

.              flexibel bouwen (zelf je woning ontwerpen); achter de gevel bouwen.

 

Het CDA zet actief in op het behoud van basisscholen als daarvoor lokaal draagvlak is. Het aantal leerlingen mag niet leidend zijn, maar kwaliteit van het onderwijs en maatschappelijke waarde.

 

Ten aanzien van verkeersveiligheid wil het CDA veilige zones van 30 km en waar geen veiligheid in het geding is zones van 50 km.

 

Het CDA wil niet dat de integere burger teveel lijdt onder opgestelde regels die feitelijk bedoeld zijn voor niet integere mensen. Veel regels worden opgesteld, voor de kleine ‘onbenullige’ overtredingen. Voorkom overtrokken handhaving die de ‘verkeerde’ treft. Regels/verboden richten zich te vaak op de 90% (voldoende) goedwillende burgers.

 

 

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.