Natuur en landschap bepalen in hoge mate de kwaliteiten van het landelijk gebied in Drenthe. Uit het oogpunt van rentmeesterschap verdienen de kenmerken en daarmee de kwaliteiten van het landelijk gebied bescherming. Vertrekpunt daarbij is het veiligstellen van landschappelijke, cultuurhistorische en ecologische waarden, zodat ook toekomstige generaties hiervan kunnen genieten.
Het CDA hecht waarde aan behoud van de leefgebieden, waarbij het doel (bevordering van de biodiversiteit) en niet de regelgeving leidend moet zijn. Het CDA wil daarom niet te rechtlijnig vasthouden aan hectare-doelstellingen, maar daadwerkelijk er op toezien dat de biodiversiteit wordt bevorderd: meetbaar en aantoonbaar.
Bij de realisering van de Ecologische Hoofdstructuur geeft het CDA voorrang aan het inrichten van reeds aangekochte gronden voor natuurbeheer boven de verdere aankoop van meer agrarische gronden.
Standaard moet worden gekeken of realisatie van natuurdoelen ook kan worden bereikt via aangepast agrarisch beheer van gronden. Vruchtbare grond moet zoveel mogelijk worden behouden, ook met oog op de toenemende vraag naar voedsel. Het CDA wil de Ecologische Hoofdstructuur waar mogelijk realiseren door het combineren van functies als natuur en landbouw, water, landschap en recreatie.
Het beleid spitst zich toe op de realisering van een bijzondere natuurkwaliteit in de Natura 2000-gebieden en in gebieden die als Ecologische Hoofdstructuur (EHS) zijn aangewezen. Voor de aanleg van robuuste verbindingszones is de planning van het Rijk richtinggevend. De EHS is van belang voor de versterking van natuur en landschap, recreatie, waterberging, bestrijding van verdroging en een aantrekkelijke woonomgeving.
Bij het bepalen van de (bijgestelde) grenzen van de EHS en de robuuste verbindingszones wordt rekening gehouden met ecologische en economische overwegingen. In samenhang met het water- en milieubeleid wordt een bijbehorende omgevingskwaliteit nagestreefd.
Door middel van de zogenaamde ontwikkelingsgerichte landschapsstrategie worden ontwikkelingen op het gebied van wonen, werken en recreëren mogelijk gemaakt die niet ten koste behoeven te gaan van het landschap maar soms ook kwaliteit aan het landschap kunnen toevoegen.
Biodiversiteit is belangrijk; dat geldt voor flora, dat geldt voor fauna. Flora en fauna moeten worden onderhouden en beheerd. Faunabeheer is noodzakelijk om te voorkomen dat uitbreiding van soorten leidt tot verstoring van de biodiversiteit, tot schade en tot gevaarlijke situaties. De wettelijke mogelijkheden voor ontheffingen/vrijstellingen met betrekking tot faunabeheer moeten in voorkomende gevallen worden benut.