De hedendaagse maatschappij is sterk afhankelijk van water. Het landschap ontleent waarde aan de aanwezigheid van water. Bovendien is voldoende water van goede kwaliteit nodig voor natuur, recreatie en landbouw. Het behouden of bereiken van een goede kwaliteit en kwantiteit van het grond- en oppervlaktewater is daarom een belangrijke beleidsopgave.
Voor het CDA is de evenwichtige afstemming tussen enerzijds economische en ruimtelijke ontwikkelingen en anderzijds waterkwantiteit, waterkwaliteit en ecologie van essentieel belang.
De aan- en afvoer van water is niet in alle gebieden optimaal afgestemd op de verschillende gebruiksfuncties. Zo zijn verdroging van natuurgebieden en droogteschade in landbouwgebieden nog steeds knelpunten. Om wateroverlast tegen te gaan moet water worden vastgehouden en geborgen. In het landelijk gebied vindt dit plaats in de Ecologische Hoofdstructuur en in de beekdalen.
Het CDA zet in op verbetering van de waterkwaliteit. De kwaliteit van het water is van belang voor natuur en landbouw, maar ook voor de mens vanwege drinkwatervoorziening en recreatie. Afwenteling van problemen naar andere watersystemen en toekomstige generaties wordt tegengegaan. Deze problemen worden bij de bron worden aangepakt.
Eén van de speerpunten is de implementatie van de Kaderrichtlijn Water (KRW). Hiervoor zijn in samenwerking met de waterschappen doelstellingen en maatregelen uitgewerkt. Deze zijn doorvertaald naar het provinciale beleid dat is neergelegd in de Omgevingsvisie. In de verdere implementatie van de doelstellingen van de Kaderrichtlijn Water vormen betaalbaarheid, realiseerbaarheid en zo nodig fasering voor het CDA belangrijke uitgangspunten