Zorg voor elkaar

Individualisering heeft een grote vlucht genomen en is in grote mate bepalend geworden voor de maatschappelijke ontwikkeling. Daarbij wordt steeds meer uitgegaan van zelfredzaamheid. Dat is echter niet voor iedereen en altijd haalbaar. Omzien naar- en zorg dragen voor elkaar zijn niet vanzelfsprekend. Stimuleren en ondersteunen van ‘zorg voor elkaar’ is voor het CDA een belangrijk thema. Daarbij geldt dat aanpak van hedendaagse vraagstukken beter werkt als deze tot stand is gekomen in samenwerking met maatschappelijke organisaties en de verschillende initiatiefnemers.

a. Hoe krijgen mensen zorg die werkt?

Omzien naar elkaar en passende zorg die werkt is een belangrijk thema in een samenleving waarin de individualisering is toegeslagen. Het gaat dan niet alleen op welk recht heb ik op zorg maar ook om welke bijdrage kan ik leveren?
De kosten van zorg, die wij met z’n allen moeten opbrengen, zijn hoog en blijven stijgen. De vraag is dan ook wat nodig is om een goede zorg in stand te houden tegen op te brengen kosten. Dat begint bij preventie om bepaalde zorgvraag te voorkomen. Deze inzet voor preventie en zorg geldt voor alle vormen van zorg waarvoor de gemeente verantwoordelijkheid draagt en middelen beschikbaar heeft.

Onze speerpunten:

  • We willen grip hebben op de financiële middelen en duurdere zorg voorkomen door in te zetten op vroegtijdige signalering (o.a. de jeugdzorg en WMO).
  • Een gezonde levensstijl draagt bij aan een betere vitaliteit en het voorkomen van ziekten. Daardoor kan de druk op de zorg worden verminderd. Ingezet wordt op programma’s om een gezonde levensstijl te bevorderen. Gezonde voeding en meer bewegen, te voet en met de fiets.
  • De zorgvraag en het zorgaanbod moeten in kaart worden gebracht. Daarbij nagaan hoe het aanbod beter kan worden afgestemd op de vraag.
  • Wanneer is professionele hulp noodzakelijk en wanneer kan ‘omzien naar elkaar’ door maatschappelijke initiatiefnemers inhoud worden gegeven. Het CDA wil transparantie en spelregels over wanneer daarvoor middelen of faciliteiten beschikbaar worden gesteld.

b. Hoe kan armoede worden voorkomen?

Armoede heeft verschillende verschijningsvormen. Kinderen die zonder ontbijt naar school gaan kunnen zich niet goed concentreren. Mensen maken zich zorgen of raken depressief door gebrek aan perspectief of onzekerheid over hun baan.  De stijgende prijzen van energie en zorg waardoor basisvoorzieningen op het spel staan. Geen buffer om onverwachte kosten te kunnen betalen. Armoede is niet alleen een financieel probleem, maar ook: niet kunnen meedoen aan de samenleving. Het is belangrijk dat de gemeente zich blijft inzetten om armoede te signaleren en stappen te zetten om deze te voorkomen en te bestrijden. Daarbij is maatwerk belangrijk als dat beter werkt.

Onze speerpunten:

  • Minimaregelingen (armoedebeleid) beter onder de aandacht brengen zodat er optimaal gebruik van kan worden gemaakt. Informatie daarover moet voor de doelgroep toegankelijk zijn. Begrijpelijk taalgebruik is daarbij essentieel. Bij de toepassing van regelingen staan menselijke maat en logica voorop.
  • Ondanks regelingen voor minima zijn er situaties waarin mensen toch in de knel raken. Dan kan terugvallen op maatschappelijke initiatieven zoals bijv. voedselbanken een belangrijke ondersteuning bieden. De gemeente denkt mee met initiatiefnemers, evalueert het eigen minimabeleid en gaat na of aanpassingen hierin noodzakelijk zijn. Daarbij worden ook maatschappelijke organisaties en scholen geraadpleegd.
  • De Drontense coalitie tegen eenzaamheid, ZamenEén, versterken door contacten tussen de deelnemende organisaties en de gemeente te optimaliseren.
  • Stimuleren van deelname aan sport en cultuur. Middelen daarvoor kunnen via de sportvereniging of Meerpaal lopen zodat ouders de kinderen alleen hoeven aan te melden. De pas van Dronten wordt ingezet waar deze voor bedoeld is.
  • De gemeente zet in op bemiddeling naar werk voor diegenen die gebruik maken van minimaregelingen. Gaan werken moet lonen en niet leiden tot juist verlaging van het besteedbare inkomen. Het sociale werkbedrijf heeft een belangrijke functie voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Deze mensen krijgen een plek bij Impact zodat iedereen mee kan doen in de samenleving. We willen het  opdrachtgeverschap van de gemeente aan Impact beter afstemmen op de behoefte van hen.

c. Hoe kunnen nieuwe Nederlanders zich welkom voelen en goed integreren?

In 2022 treedt de nieuwe Wet Inburgering in werking. Gemeentes worden dan verantwoordelijk om nieuwe inwoners zo snel mogelijk actief mee te laten doen aan de samenleving, bij voorkeur via (betaald) werk.

Onze speerpunten:

  • Prioriteit nummer één is het beheersen van de Nederlandse taal. Het kunnen spreken van de taal draagt bij aan verbinding en creëert draagvlak binnen de samenleving. Zonder dat kunnen mensen niet volwaardig meedoen aan die samenleving.
  • Vrijwilligersorganisaties, zoals huis voor taal, hebben veel kennis en ervaring in huis en hebben daarom een belangrijke rol bij de inburgering van nieuwe Nederlanders. Door hun inzet maken nieuwe Nederlanders gelijk ook kennis met maatschappelijke activiteiten en het verenigingsleven. De gemeente ondersteunt en faciliteert deze initiatieven.
  • We willen graag dat iedereen meedoet aan maatschappelijke activiteiten en/of sportactiviteiten. Daarom wordt dat gestimuleerd.
  • We laten zien dat mensen daadwerkelijk welkom zijn in Dronten en dat ze er bij horen. Stichting de Meerpaal kan breed worden ingezet bij inburgering.  Hierbij valt te denken aan het organiseren van een activiteit als de Internationale dag in Dronten.

d. Is het onderwijs voldoende divers in Dronten?

Scholen zijn zelfstandig en dragen op het gebied van onderwijs een eigen verantwoordelijkheid. De gemeente is verantwoordelijk voor het accommodatiebeleid en de inrichting van de openbare ruimte (schoolpleinen, veiligheid) en moet zorgen voor een veilige verkeerssituatie rondom scholen. Samenwerken van meerdere scholen op één locatie biedt vaak veel voordelen, maar mag niet ten koste gaan van de eigen identiteit. Ook moet er bij de keuze van locaties voldoende aandacht zijn voor de sociale veiligheid op en rondom scholen.

Onze speerpunten:

  • Het is van belang dat de scholen zelf, van onder af, openstaan voor samenwerking met behoud van eigen identiteit. Meerdere scholen onder één dak bieden een kans om zowel eigen profiel te behouden als de kwaliteit van onderwijs te versterken.
  • Het CDA is voorstander van Integrale Kind Centra(IKC). Als de scholen daarvoor kiezen faciliteert de gemeente de huisvesting daarvan.
  • Alle beleidsplannen die betrekking hebben op onderwijs(locaties) moeten als uitgangspunt hebben dat de plannen ‘het kind centraal stellen’.
  • Sportaccommodaties en/ of groene buitenruimte voor sport en spel moeten voor (basis)scholen goed en veilig bereikbaar zijn.
  • Het stimuleren van schoolprojecten om te laten zien hoe kinderen zelf kunnen bijdragen aan hun leefomgeving, zoals afval scheiden,  burgerschap en lokale democratie, maatschappelijke stages.

 

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.