10 november 2014

Algemene beschouwingen 2014

Dat vraagt wel om financiële middelen , en de juiste beleidsvoornemens om dat te bereiken.

In de begroting voor 2015 zien we dat er minder onttrokken wordt uit reserves en dat de baten en lasten uit de exploitatie meer in evenwicht zijn. Dit betekent minder lenen, en dat is een goed perspectief voor de toekomst. Gezien de huidige economische ontwikkelingen ligt er voor de gemeente  een grote opgave om balans te creëren tussen verkopen en op voorraad hebben van bouw en industriegrond. Het is van belang om de verkoop van industriegrond te stimuleren.  Een florerend bedrijfsleven is goed voor de leefbaarheid. Werkgelegenheid is de motor voor de ontwikkeling van de polder. Werkgelegenheid op de grote bedrijventerreinen maarook in het buitengebied op de vrijkomende boerenerven. Ook het bezit van snel internet (glasvezel) zal de bedrijvigheid met name in het buitengebied een boost kunnen geven. En voor de duidelijkheid: Schaliegas zal ons niet helpen. Bij vitale bedrijven is ook ruimte voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt want het hebben van werk is van groot belang.Zolang de bedrijvigheid niet aantrekt zal de gemeente bescheiden moeten zijn in zijn ambities. Een ondernemende gemeente maakt ook gebruik van kansen. We zouden graag zien dat het verkoop van snippergroen actief opgepakt wordt en dat de verkregen opbrengsten besteedt gaan worden aan de herstructurering van de dorpen voortkomende uit de dorpsvisies .

Een vitale samenleving is ook een samenleving met aandacht voor cultuur. Een aantrekkelijk stadshart met een levendig cultuurbedrijf en theater, dat past bij de schaal en de ambitie van de  polder en wat geen volgend megalomaan project gaat worden, een Deel waarover in 2015 heldere keuzes gemaakt moeten worden die uitgelegd kunnen worden aan de bevolking.

De grootste uitdaging voor 2015 zal zijn de uitvoering van de drie decentralisaties: werk en inkomen, de jeugdhulpverlening en de overheveling van hulp en begeleiding naar de WMO. Een vitale samenleving stelt eigen kracht  en zelfredzaamheid van burgers maar ook van dorpen en wijken voorop. Hoe het beleid in 2015 gaat uitpakken zullen we volgen. Is het vangnet groot genoeg of vallen er inwoners tussen wal en schip.Stimuleren de sociale teams het zelf organiserend vermogen en neemt de vraag naar professionele zorg af ? Eigen kracht mag niet alleen een financiële besparing zijn. Verschuiving van zorgen  voor naar zorgen dat is de grootste opgave voor 2015.  Juist de Noordoostpolder zou in staat moeten zijn zelforganisatie en zelfredzaamheid te ontwikkelen, daar zijn we immers groot mee geworden. De kaders zijn gesteld, de uitvoering zullen we volgen.

Het organiseren van dorpsfeesten en festivals hoort ook bij de polder. Een cultuurbedrijf is mooi maar een Dijkfeest en dorpsfeest ook. Ook dat is polderpromotie. Juist daar waar vrijwilligers werken voor de samenleving is de polder op zijn sterkst.   Leges van meer dan 1000 €  horen daar niet bij. Het CDA is dan ook medeinitiatiefnemer van deze motie.

Maar onze vraag aan het college is de volgende/ helpt deze begroting en deze beleidsvoornemens het streven de betrokkenheid van de inwoners te vergroten? Worden er stappen gemaakt in het terugdringen van de overtollige regels?  Wordt hiermee het  vermogen van de bevolking dingen zelf te regelen vergroot? Worden burgerinitiatieven echt gewaardeerd en gefacilliteerd? Kortom : hoe staat het met de kracht van de Noordoostpolder.

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.