Toekomst van Scherpenzeel

De uitvoering van de toekomstvisie en de gevolgen voor Scherpenzeel

Afgelopen januari was het hier in deze zaal feest bij de presentatie van de toekomstvisie. Samen met bevolking, ondernemers en betrokken partijen is deze toekomstvisie tot stand gekomen en hij geeft een duidelijk beeld waar we met ons dorp in 2030 willen staan. Om deze visie ook daadwerkelijk te realiseren heeft het college vervolgonderzoek laten uitvoeren naar wat er nodig is aan ambtelijke en bestuurlijke realisatiekracht. 

Het rapport dat uit dit onderzoek komt is niet mals en schetst een duidelijk beeld waaruit blijkt dat er serieus werk aan de winkel is. Signalen hierover hadden we al langer dus dat er ambtelijk en bestuurlijk versterking nodig is verbaast ons niet. De vaart die het rapport vervolgens maakt naar maar één mogelijke oplossing gaat ons wel snel. 

De investeringen die nodig zijn volgens het rapport, zijn nog niet eens direct voor de uitvoering van de toekomstvisie maar eerst al om de basistaken op orde te krijgen. Hier zijn verschillende factoren voor te noemen, ten eerste, in de afgelopen jaren is er te weinig geïnvesteerd in de ambtelijke organisatie waardoor achterstanden zijn ontstaan. Daar kunnen we voor terug kijken naar het verleden, verschillende colleges hebben deze problemen misschien niet genoeg aangepakt, en ja, daar kunnen we ook de hand in eigen boezem steken. 

Een tweede factor is de landelijke overheid die steeds meer taken overdraagt aan de lokale overheid, die dus op haar beurt steeds meer en complexere taken moet uitvoeren waarbij door de landelijk overheid ook nogal eens een bezuiningsslag wordt toegepast in dit traject. Dit legt een grote druk bij de gemeenten, ook voor een kleine gemeente als Scherpenzeel. 

Wij nemen het heldere signaal over het tekort aan ambtelijke capaciteit uit het rapport serieus en vinden het belangrijk hier direct mee aan de slag te gaan. Er zal op korte termijn geïnvesteerd moeten worden in het ambtelijk apparaat maar dat heeft ook een prijskaartje. Door de gemeentesecretaris is al een ingroeimodel geschetst om in 2022 de ambtelijke organisatie in de basis op orde te hebben. Dit scenario legt bij ons de uitdaging neer om te onderzoeken hoe we dit ook toekomstbestendig kunnen realiseren. 

Maar met alleen een forse structurele investering in het ambtelijk apparaat zijn we er niet. Naast het ambtelijk apparaat worden er in het rapport ook andere zorgen uitgesproken. Er worden in het rapport zorgen benoemd over de bestuurskracht van onze lokale overheid en over de positie van onze gemeente in de regio. Als gemeente doen we mee in steeds meer gemeenschappelijke regelingen en samenwerkingsverbanden. Aangezien deze regelingen steeds belangrijker worden en meer invloed krijgen op onze gemeente is het belangrijk om hierin ook sterk genoeg vertegenwoordigd te zijn. Ook zorgen op dit punt zullen we onder ogen moeten zien en ook in het bestuur van onze gemeente zal geïnvesteerd moeten worden. 

We zullen in de regio aan de slag moeten gaan en de samenwerking met omliggende gemeenten verder moeten onderzoeken en versterken. 

Hoewel het rapport erg sturend is en duidelijk gewenste eindscenario's schetst is het wat ons betreft te vroeg om op basis van dit ene rapport tot drastische conclusies te komen. Wel zullen we met de grote lijnen aan de slag moeten en in een relatief kort traject moeten onderzoeken waar we met onze gemeente naar toe willen. 

Tenslotte, zelfstandigheid is een groot goed, het geeft een betrokken samenleving, korte lijntjes tussen gemeente en burger en heeft wat dat betreft dus absoluut voordelen. Maar het moet niet ten koste van alles een doel op zich worden. Daartegenover staat dat groter niet altijd beter is, en dat het lastig is je eigen identiteit te waarborgen in grote verbanden. 

De opdracht die er voor ons ligt is helder en die handschoen willen we oprapen. Laten we dus met elkaar in de periode tot November zelfbewust de regie nemen en kritisch de verschillende de punten onderzoeken die het rapport aangeeft, hiermee concreet aan de slag gaan, een plan van aanpak maken en in November vervolgens besluiten hoe het traject verder moet gaan verlopen.

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.