Op woensdag 16 oktober bespreekt de gemeenteraad de startnotitie Kunst en Cultuurvisie.

Lees hieronder de bijdrage van Harma Dost.

Klik hier voor de bijbehorende stukken >>>

Kunst en cultuurbeleid

...cultuur is belangrijk voor mens en samenleving. Het draagt onder meer bij aan de persoonlijke ontwikkeling van mensen en een gevoel van verbondenheid binnen gemeenschappen. Daarom vinden wij het van belang dat laagdrempelige voorzieningen beschikbaar blijven, juist ook voor ouderen en mensen die minder gebruik maken van andere culturele voorzieningen. Kunst en cultuur is het cement van de samenleving, en is een uiting van leefbaarheid....

Dat zijn de woorden uit ons verkiezingsprogramma.

Met deze startnotitie maken we een aanzet voor de nieuwe cultuurvisie. Een visie die eigenlijk ook verweven is met heel veel andere beleidsprogramma’s.

Vorig jaar is het manifest geschreven “Een leven lang Kunst en Cultuur”. In de aanloop op weg naar dat manifest zijn een aantal avonden georganiseerd met een enorm hoge opkomst. Ik heb zelf een aantal bijeenkomsten bijgewoond en wat opviel is dat de mensen werkzaam in deze sector ontzettend gedreven en enthousiast zijn. Wat duidelijk werd, was dat er grote behoefte is aan verbinding tussen de vele initiatieven en organisaties. En alhoewel een aantal mensen een groot centraal kunstencentrum toejuichen zijn er ook geluiden van “ laat ons toch onze eigen kleinschalige initiatieven ontplooien zoals we dat altijd gedaan hebben “

De doelstellingen omschreven in de notitie onderschrijven wij. Cultuur overal bereikbaar, vernieuwing, verbinding en samenwerking en goed cultureel ondernemerschap. Die aanmoediging tot vernieuwing kwam afgelopen week tot uiting door de uitreiking van de eerste Culturele Stimuleringsprijs Het Hogeland.

Het idee om jaarlijks twee dorpen aan te wijzen als cultuurdorp juichen wij van harte toe. Wel zullen de dorpen dan wat extra hulp nodig hebben met de promotie van hun activiteiten. Worden de dorpen via een website of app gepromoot?

Daarnaast worden een aantal keuzes gevraagd. Bijvoorbeeld als het gaat om de subsidie van cultuuronderwijs. Het zij binnenschools of buitenschools. Het volledig stopzetten van de subsidiëring van buitenschoolse lessen ziet het CDA niet zitten. Hiermee wordt cultuuronderwijs ontoegankelijk gemaakt en voor veel mensen niet meer te betalen. Bovendien zou het ook niet fair zijn om alle subsidies via het onderwijs te laten lopen. We richten ons natuurlijk niet alleen op kinderen maar toch zeker op mensen van alle leeftijden, zoals de titel van het manifest ook zegt; een leven lang kunst en cultuur . De muziekscholen en de theaterschool hebben vorige week al een eerste aanzet gemaakt tot samenwerking, ze hebben hun intenties duidelijk gemaakt wat zal uitwerken tot een nieuwe gezamenlijke organisatie. Dat kunnen wij van harte ondersteunen.

Er zou wel een percentage van de subsidiegelden ingezet kunnen worden voor binnenschoolse activiteiten. Veel scholen hebben waarschijnlijk wel hun eigen lesprogramma’s maar een overstijgend thema zou bijvoorbeeld een programma kunnen zijn gericht op onze Grunniger toal. Er loopt op dit moment een pilot vanuit de Rijksuniversiteit en een tweetal dorpen. Hoe mooi zou het zijn als alle scholen in onze gemeente via dit programma beter kennis kunnen maken met hun eigen streektaal. Onder het motto; “Grunniger toal veur ons apmoal”

De inzet van een cultuurcoach kan helpen om partijen en initiatieven met elkaar te verbinden. Wat ons betreft zou dit niet alleen voor het onderwijs kunnen gelden maar dit kan ook breder worden gezien bijvoorbeeld een verbinding met het domein Zorg en Welzijn. Immers deze nieuwe visie loopt door meerdere beleidsterreinen heen. Waar we overigens wel in het oog moeten houden dat de middelen voor de cultuurcoach voor 60% voor eigen rekening zijn en de andere 40% vanuit het rijk gefinancierd wordt.

De musea die onze gemeente rijk is verdienen extra aandacht en worden ook met name door de inzet van vele vrijwilligers in stand gehouden. Dat hoeft niet alleen vanuit het kunst en cultuurbeleid maar ook vanuit het programma recreatie en toerisme. De musea moeten ook zelf hun kansen zien en aangrijpen, door de verbinding te zoeken en de marketing gezamenlijk op te pakken. Weest trost op wat ons gebied te bieden heeft en draag dat ook samen uit.

Wat het CDA betreft subsidieert de gemeente met name de lokale initiatieven. Het nieuwe subsidiebeleid moet daar duidelijkheid over verschaffen zodat voor iedereen de spelregels hetzelfde zijn en ook ieder initiatief gelijke kansen heeft. Het is goed dat de nieuwe visie wordt opgesteld samen met alle betrokkenen. Ook hiervoor is het tijdspad weer aardig krap opgesteld. Inmiddels zitten we al in fase 4 volgens de planning die is bijgevoegd. Het is ook duidelijk dat de planning al is opgeschoven. De startnotitie stond gepland voor september maar inmiddels zitten we in oktober. Is het tijdspad realistisch?

Nog een puntje wat we missen in deze notitie; Hoe gaan we om met kunst in de openbare ruimte? Dit zal misschien ook een ander beleidsterrein raken, maar kan ook hier genoemd worden. Goed opdrachtgeverschap vergt nogal wat. Daar komen diverse vragen om de hoek kijken. Zoals; wordt een bestaand werk gekocht of via een open inschrijving of selecteren we vooraf een kunstenaar? Hoe doen we een selectie en wie kan ons adviseren? Wat is de rol van inwoners of omwonenden via inspraak en wat is de rol van de raad? De VNG heeft hiervoor een handreiking opgesteld, kan de wethouder aangeven of dit onderwerp in deze visie mee kan worden genomen of moet hiervoor apart beleid worden gemaakt. In het verleden was in Eemsmond een commissie Kunst in de Openbare Ruimte actief.

Ook lezen we in dit stuk niets over een Kunst en Cultuurraad. Voorheen had Eemsmond een Culturele Raad met een onafhankelijk adviserende en stimulerende taak op het gebied van kunst en cultuur. Is het college voornemens weer een orgaan of stichting als deze op te richten? De gemeente Eemsmond had daarnaast nog de commissie Open Monumentendag, wordt deze commissie ook weer nieuw leven in geblazen?

 

 

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.