Hugo de Jonge is nu 3 jaar minister van Volksgezondheid, Welzijn & Sport en vicepremier. Sinds 19 maart is hij ‘corona-minister’. Hij is voortdurend in touw om ons land door de crisis te leiden. Op 15 juli is Hugo de Jonge gekozen als lijsttrekker van het CDA. Als aanvoerder van #TeamCDA wil hij bouwen aan een beter Nederland. 

‘Minister van VWS is een prachtige rol. In de zorg wordt met hart en ziel gewerkt. Ik geniet enorm van de gesprekken met mensen in de zorg. Ik wil het voor hen ook beter maken. Waar komt die bureaucratie vandaan? En hoe komen we er vanaf? Ik wil vanuit mijn portefeuille graag het verschil maken in de zorg. Voor medewerkers, voor ouderen, mensen met een beperking, voor ouders en voor kinderen. Als zij merken dat de kwaliteit goed is, dat ze gewaardeerd worden, minder eenzaam zijn en ondersteund worden, dan is het gelukt.’

De coronacrisis heeft voor zijn ministerschap extra uitdagingen meegebracht. Nadat minister Bruno Bruins (medische zorg) zijn taken in maart van dit jaar vanwege oververmoeidheid moest neerleggen nam De Jonge de coronabestrijding permanent over, een enorme uitdaging. ‘Als minister van Volksgezondheid neem je beslissingen die aan leven en dood raken. Dat besef ik in deze periode intenser dan ooit.’

Deze crisis is één groot pleidooi voor minder markt en meer samenleving. 

‘Deze crisis is één groot pleidooi voor minder markt’, liet hij onlangs weten. ‘Meer samenwerking en meer centrale regie. ‘Ieder voor zich’ is gewoon geen oplossing als je met elkaar als zorginstellingen iets heel groots moet doen.’ De Jonge is al langer kritisch over doorgeslagen marktwerking in de zorg en gaat zijn plannen nog samen met kabinet en Kamer uitwerken.

Hij zet zich deze kabinetsperiode verder hard in om mensen het vertrouwen terug te laten winnen. ‘Afgelopen jaren hebben we gezien dat veel mensen dat vertrouwen langzamerhand zijn kwijtgeraakt. Op mijn terrein, de zorg, maken mensen zich zorgen over de toegankelijkheid, kwaliteit en betaalbaarheid van de zorg en van ouderenzorg in het bijzonder. Daarnaast zegt in een aantal steden de helft van de ouderen zich erg eenzaam te voelen. Ik vind dat een ernstig signaal: misschien zijn we met elkaar het samenleven wel een beetje verleerd. Ik streef ernaar dat onze samenleving het omzien naar elkaar weer normaal gaat vinden. Dat helpt ook bij de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling. Daar zijn nu 119.000 kinderen in Nederland slachtoffer van. We kunnen ons als samenleving dat niet laten gebeuren.’

De Jonge was voor zijn ministerschap 7 jaar wethouder van Rotterdam, waar hij ook woont met zijn vrouw en twee kinderen. Daarvoor was hij geen onbekende in Den Haag: hij was een aantal jaar beleidsmedewerker in de Tweede Kamer en politiek assistent van Maria van den Hoeven en Marja van Bijsterveldt.

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.