Van eind maart 2017 tot 30 maart 2021was Joba lid van de Tweede Kamer voor het CDA. Met 15 zetels voor het CDA na de verkiezingen in maart 2021 kwam zij als nummer 16 net niet in de Tweede Kamer. Zij is nu ‘wachtkamerlid’.

Haar woordvoerderschappen waren: medische zorg incl. corona, GGZ, gehandicaptenbeleid, telecom, post & bescherming vitale sectoren.

Tijdens haar kamerperiode heeft zij zich met name ingezet om de zorg beschikbaar, betaalbaar en bereikbaar te houden, ook in de regio. Daarom presenteerde zij in januari 2019 de initiatiefnota Zorg in de regio. In debatten en werkbezoeken door het hele land van Stadskanaal tot Sluis en van Alkmaar tot Winterswijk en Maastricht heb ik aandacht gevraagd voor de bereikbaarheid van zorg.
In februari 2021 heeft zij de initiatiefnota Naar minder ziekte en betere zorg: Ontzorg de zorg voor behoud van solidariteit gepubliceerd over het betaalbaar houden van de zorg.

In haar maidenspeech pleitte zij voor een betere bescherming van de vitale sectoren zoals waterkeringen, de haven van Rotterdam, Schiphol, bruggen en tunnels, drinkwatervoorziening, digitale overheid, landbouwgronden, ziekenhuizen, het energienetwerk, 5G-telecomnetwerk etc.

Volg mijn werk in de Kamer en daarbuiten

Volg Joba van den Berg!

* Verplicht veld

Volg Joba op Twitter!

Wist je dat Joba

  • Al sinds haar 18e lid is van het CDA is
  • In verschillende steden woonde voordat ze definitief in Goes ging wonen
  • Tot haar beëdiging voorzitter van de visiegroep Werk & Economie van het CDA was
  • De groene band in Judo heeft

Joba's paspoort

  • Is getrouwd met Hans in 1996
  • Heeft een HBO-diploma facility management op zak en een doctoraal Internationale economie
  • Werkte bij Unilever en bij het MKB, altijd in functies op gebied van personeelsbeleid en arbeidsverhoudingen
  • Was directeur sociale zaken & ledenservice bij Bouwend Nederland
  • Woordvoerder op de volgende terreinen: medische zorg, corona, gehandicaptenbeleid, postwet, telecom, vitale sectoren.
     

Nieuws

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.