04 november 2016

Knops: AOW-gat bij Defensie onfatsoenlijk, onacceptabel en onhoudbaar

Afgelopen woensdag vond een debat plaats over het AOW-gat bij Defensie. Een grote groep oud-medewerkers bij Defensie wordt zwaar gedupeerd door de verhoging van de AOW-leeftijd. Het kabinet doet te weinig om dit gat te compenseren. Nu de minister van Defensie in verschillende beroepszaken teruggefloten is door de rechter, was het hoog tijd om drie bewindspersonen naar de Kamer te halen: minister Hennis van Defensie, minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, alsmede Staatssecretaris Wiebes. CDA Defensiewoordvoerder Knops wierp het kabinet toe: ‘Militairen beschermen wat ons dierbaar is. Wie beschermt hen?’. Knops hekelde de ongelijke behandeling, de schrijnende situaties waarin oud-militairen belanden en de wijze waarop het kabinet denkt het AOW-gat te willen oplossen: ‘onfatsoenlijk, ontoereikend en onhoudbaar’. Het leek aan dovemansoren gericht. Het kabinet kwam niet in beweging; minister Hennis wil het actief dienende personeel laten opdraaien voor het AOW-gat. Het CDA vindt dit onacceptabel en eist volledige compensatie, buiten de toch al geplaagde Defensiebegroting om.
 
Er is veel onrust en woede onder (oud-)personeel bij Defensie – zowel burgers als militairen - die na het verlaten van de dienst met een fors inkomensverlies geconfronteerd worden. Zij belanden in het zogenoemde ‘AOW-gat’; een gat dat ontstaat door de verhoging van de AOW-leeftijd, terwijl de pensioenleeftijd bij Defensie nog op 65 jaar staat. Bij de wetgeving is destijds geen rekening gehouden met de bijzondere positie van de militair, die met verplicht leeftijdsontslag moet. Het gevolg is dat in totaal 16.000 oud-medewerkers bij Defensie tussen wal en schip dreigen te raken. Het gaat om militairen die tientallen jaren gediend hebben in het belang van Nederland. Om veteranen die naar diverse, gevaarlijke conflictgebieden uitgezonden zijn geweest. Militairen hebben niet voor niets een bijzondere positie. Helaas geeft het kabinet er opnieuw te weinig invulling aan. Minister Hennis beloofde vorig jaar compensatie, hetzij linksom, hetzij rechtsom. Het werd: onvolledig. Twee jaar geleden oordeelde het College voor de Rechten van de Mens al dat Defensie zich schuldig maakt aan leeftijdsdiscriminatie. Sindsdien oordeelde de rechter dat de door de minister geboden compensatie een ‘een excessieve inbreuk maakt op de gerechtvaardigde aanspraken door een te groot verlies aan inkomsten’. Knops bekritiseerde het kabinet: ‘het vertraagt, juridiseert, schuift de hete aardappel voor zich uit.’
 
Op initiatief van CDA en SP heeft de Vaste Kamercommissie Defensie, voorafgaand aan het debat een (zeer druk bezochte) hoorzitting georganiseerd. De boodschap is duidelijk: er moet een oplossing komen en snel ook. Het netto-inkomensverlies van grote groepen gedupeerden is veel groter dan het kabinet deed voorkomen. Vooral de lagere rangen belanden zelfs onder het bijstandsniveau! Hoe langer we wachten, hoe meer defensiemedewerkers in het AOW-gat vallen. Het mag niet over de verkiezingen (en dus de formatie van een volgend kabinet) heen getild worden.
 
Tegenover deze armoede bij Defensie staan de vorstelijke vertrekregelingen bij de Belastingdienst van ‘Byzantijnse’ proporties. Waar personeel tot wel twee jaarsalarissen meekrijgt. Diezelfde Belastingdienst legt Defensie een fiscale boete op omdat militairen eerder dan de AOW-leeftijd met verplicht leeftijdsontslag gaan. Terwijl er geen sprake is van VUT- of prepensioen. Hoe bizar ook, minister Asscher van Sociale Zaken en Staatssecretaris Wiebes beperkten zich tot een uitleg van de wetgeving. En dus: waarom oplossingen niet mogelijk zouden zijn. Er kwam geen enkel gebaar of signaal dat het kabinet als geheel zich verantwoordelijk voelt. Daardoor dreigt het AOW-gat een nog groter gat in de toch al te krappe Defensiebegroting te slaan. Het CDA neemt hier geen genoegen mee en eist linksom of rechtsom een oplossing, buiten de Defensiebegroting om.

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.