Horst aan de Maas: een gemeente waar het prettig wonen is
Plezierig en betaalbaar wonen in een dorp of een wijk naar keuze is erg belangrijk. Horst aan de Maas is daarvoor een prima keuze. Niet voor niets is onze gemeente al 2 keer als beste woongemeente van Limburg betiteld. Inwoners van Horst aan de Maas zijn over het algemeen best tevreden over het woningaanbod, de openbare ruimte en de verkeersveiligheid. Daar heeft het CDA als bestuurderspartij zich de afgelopen jaren stevig voor ingezet. Dat hadden we u beloofd, en dat hebben we gedaan.
Het resultaat is een uitgebreide keuze aan mogelijkheden voor mensen die op zoek zijn naar een koopwoning. Redenen om te kopen kunnen zeer divers zijn. Starten op de woningmarkt, groter of kleiner gaan wonen, naar het buitengebied, of juist naar een kern. De markt bepaalt vraag en aanbod. De gemeente zorgt voor voldoende grondexploitaties om te kunnen bouwen. Met allerlei stimule- ringsmaatregelen zijn we er in geslaagd om de woningmarkt, ondanks de zware recessie waarin Ne- derland terecht kwam, in Horst aan de Maas nog redelijk draaiende te houden. Zolang de markt die extra stimulans nodig heeft, blijft dat ons streven.
Uiteraard besteden we ook veel aandacht aan de mogelijkheid om een woning te kunnen huren. Aller- lei partijen zijn actief op de huurmarkt. Ook hier moeten vraag en aanbod goed met elkaar in balans zijn. Om dit te bereiken maakt de gemeente goede prestatieafspraken met woningcorporaties en pro- jectontwikkelaars en biedt zij ruimte voor particuliere initiatieven. Ook in de kleine kernen moet er voldoende aanbod aan huurwoningen beschikbaar zijn. Elk van de 16 kernen kan er op rekenen dat het CDA staat voor hun belangen. Voor de sociale samenhang in onze gemeente zijn passende woon- en zorgconcepten van groot belang.
Een Horst aan de Maas dat bouwt
Basisuitgangspunt is dat er gebouwd wordt naar behoefte. De gemeente bouwt zelf geen woningen, maar stimuleert wel dat er gebouwd en verhuisd wordt. Niet alleen om zoveel mogelijk aan de wensen van inwoners te voldoen. Een florerende bouwsector zorgt ook voor regionale werkgelegenheid. De gemeente schept kaders en voorwaarden, de markt vult vraag en aanbod verder in.
Iets anders is het met sociale huurwoningen. Eén van de verantwoordelijkheden van de gemeente is dat er voor iedereen passende woonruimte beschikbaar is. Mensen met een smalle(re) beurs hebben vaak niet de mogelijkheid om te kopen. Zij zijn aangewezen op sociale huurwoningen tegen een betaalbare prijs. Het CDA wil met innovatieve maatregelen de woningcorporaties bewegen om extra huurwoningen te realiseren, bijvoorbeeld door de ozb-opbrengsten voor huurwoningen in een speciaal fonds onder te brengen waarmee in samenwerking met de corporaties oude huurwoningen kunnen worden gesloopt, c.q. subsidies kunnen worden verleend ten behoeve van renovatie en verduurzaming van bestaande huurwoningen. De derving van grondopbrengsten wordt opgevangen door extra legesopbrengsten en het verwerven om niet van de grond onder de gesloopte huurwoningen.
Het CDA vindt dat elk van de 16 kernen recht heeft op bouwen naar behoefte. De gemeente onder- steunt initiatieven van onderop als er aantoonbaar behoefte aan nieuwbouw is. Clustering van wo- ningaanbod en –vraag over meerdere kernen staat het CDA alleen toe als dat is afgestemd met de betreffende kernen en er dus draagvlak voor is.
Het blijkt lastig om de werkelijke behoefte aan huurwoningen te monitoren. Ook de demografische ontwikkelingen spelen hierbij een rol. Bij oudere inwoners is er bijvoorbeeld groeiende behoefte aan wat duurdere huurwoningen en –-appartementen. Voor de doorstroming kan dit een positieve ontwikkeling zijn. Belangrijk is dat we vaststellen hoeveel woningen van welke soort we over 15- 30 jaar nodig hebben. Het CDA wil dan ook in samenspraak met partijen in de markt komen tot een goed vergelijk, op basis van zo betrouwbaar mogelijke informatie over de werkelijke woonbehoefte. Dan kunnen er afspraken worden gemaakt en vastgelegd, en kan de schop in de grond.
Ook arbeidsmigranten bieden we passende huisvesting. Arbeidsmigranten die zich definitief in Horst aan de Maas willen vestigen, moeten wat het CDA betreft zo veel mogelijk integreren in de samenleving van Horst aan de Maas en gebruik kunnen maken van ons woningaanbod. Arbeidsmigranten die hier alleen in het seizoen werkzaam zijn, hebben een andere woonbehoefte. Voor hen is maatwerk nodig. Hiervoor zijn primair de werkgevers verantwoordelijk. Wat we in ieder geval tegengaan, zijn onacceptabele woonomstandigheden. Hiervoor hebben we een verordening op de huisvesting van arbeidsmigranten. Het CDA ziet er op toe dat deze ook gehandhaafd wordt.
Een duurzaam Horst aan de Maas
Er is steeds meer aandacht voor allerlei vormen van duurzaam bouwen, met toepassing van moderne technieken en duurzame materialen. Maar duurzaamheid gaat verder: ook levensloopbestendig bouwen valt hier onder. Het CDA wil dit op alle mogelijke manieren stimuleren. Voorbeelden zijn Kan- goeroewoningen om ouderen in staat te stellen langer thuis te wonen, maar ook goede, semiper- manente woningen die voor een bepaalde periode gebouwd worden, en die als er geen of minder behoefte is, weer afgebroken c.q. verplaatst kunnen worden. Ook bestaande gebouwen die een andere functie hadden, kunnen mogelijk geschikt gemaakt worden voor bewoning. Het CDA wil dat Horst aan de Maas hierbij een voorbeeldfunctie vervult en partijen in de markt aanspoort om hier creatief en slagvaardig invulling aan te geven.
Ook bij ver- en nieuwbouw, en bij groot onderhoud, streven we naar het verduurzamen van gebou- wen. De gemeente blijft, samen met woningcorporaties en projectontwikkelaars zoeken naar innova- tieve oplossingen voor knelpunten op de woningmarkt. Als starters op de woningmarkt moeilijk een eerste hypotheek kunnen krijgen, zijn bijvoorbeeld huurkoop constructies een mogelijk alternatief. Een heel andere vorm van duurzaamheid is de opkomst van elektrische vervoersmiddelen. Het CDA vindt dat de gemeente het gebruik hiervan moet stimuleren door meer oplaadpunten in de gemeente te realiseren.
Een leefbaar Horst aan de Maas
De directe woonomgeving is een belangrijke factor om prettig te kunnen wonen. Hoe ligt de eigen straat, wijk, of het dorp er bij? Hoe betrokken zijn de mensen bij hun eigen woon- en leefomgeving? Het CDA vindt het een kerntaak voor de gemeente om de openbare ruimte in te richten en te onderhouden naar behoefte, met waar nodig en wenselijk speelvoorzieningen, openbaar groen etc. Maar de gemeente is niet alléén verantwoordelijk voor de openbare ruimte. Hoe deze er uit ziet, hangt ook af van de betrokkenheid van de inwoners bij hun eigen buurt, wijk of dorp. Het CDA blijft zelfsturinginitiatieven, zoals bouwen in eigen beheer (BIEB of CPO) stimuleren. Inwoners die betrokkenheid tonen, en zorg en aandacht hebben voor de ruimte die verder gaat dan de eigen voor- of achtertuin, en hier ook de handen voor uit de mouwen steken, verdienen de ondersteuning van de gemeente, indien nodig ook financieel. Samen kunnen we van Horst aan de Maas een nóg betere woongemeente maken. Het CDA stimuleert dorpsraden om regelmatig de visie op de ontwikkeling van hun kern te actualiseren en dat te gebruiken om samen met de gemeente aan de leefbaarheid van het eigen dorp te blijven werken.
Een veilig Horst aan de Maas
Verkeer- en vervoersstromen hebben duidelijk invloed op de beleving van wonen in je omgeving. Een gevoel van veiligheid bevordert immers het woongenot. Een uitgebreid gemeentelijk verkeers- en vervoersplan (GVVP) brengt alle wegen in kaart en bepaalt hoe die er uit gaan zien. In woonwijken zijn dit veelal 30-KM zones. Veilig voor iedereen. Maar er zijn ook ontsluitingswegen nodig, van en naar de wijk, van en naar het dorp en van en naar de bedrijven in het buitengebied. We kunnen niet allemaal nieuwe wegen aanleggen. Bestaande wegen moeten daarom goed berekend zijn op hun functie en zo veilig mogelijk zijn. Het CDA wil dat de gemeente ook speciale aandacht heeft voor de kwetsbare verkeersdeelnemers, zoals scholieren, minder validen en ouderen. Een voorbeeld daarvan is dat, met name bij rotondes, eenduidige en uniforme voorrangregels worden nagestreefd.
Veiligheid zit voor een deel in de manier waarop je wegen aanlegt en onderhoudt. Maar ook voor een heel groot deel in het gedrag van verkeersdeelnemers. Om een woonomgeving waar verkeer een rol speelt, te verbeteren, is een gedragsverandering van weggebruikers nodig. Het CDA vindt dat mensen elkaar aan moeten spreken op gedrag dat een gevaar oplevert voor anderen. Parkeren bij oversteekplaatsen, (te) hard rijden in 30 km zones en op 60 km wegen, hufterig rijgedrag: het zijn zaken die we alleen samen kunnen aanpakken.
Het CDA zet zich in voor goede oplossingen voor een aantal verkeersknelpunten. Zo vraagt de steeds nijpender wordende verkeerssituatie bij de spoorwegovergang bij station Horst-Sevenum om een passende oplossing. Ook is er blijvend inspanning nodig om het zware vrachtverkeer zoveel mogelijk te weren uit kernen en woonwijken, zoals in America, Meterik en Sevenum. Het CDA wil met name dat vrachtverkeer en bestemmingsverkeer in Tienray het centrum van het dorp kan mijden. In overleg met de Provincie en het Rijk moet gekeken worden naar de mogelijkheden tot elektrificatie en verdubbeling van de Maaslijn. Eveneens streeft Horst aan de Maas in overleg met Provincie en Rijk naar realisatie van Station Grubbenvorst.
Veiligheid in de nabijheid van scholen is voor het CDA van zeer groot belang. Educatie is hierin ook erg belangrijk.
Hoogwaterbeveiliging langs de Maas is een belangrijk leefbaarheidaspect, met name voor Broek- huizen, Broekhuizenvorst en Ooijen. Het CDA heeft een belangrijke rol gespeeld bij het tot stand komen van de afspraken voor het project Ooijen-Wanssum. De uitvoering volgt in de komende jaren. Er moet evenwicht gevonden worden tussen het gevoel van veiligheid en woongenot. Het realiseren van een overstromingsrisico van 1/250 jaar houdt in dat aan te leggen dijken een hoogte krijgen die het zicht op de Maas op veel plaatsen wegnemen. Dit is niet wenselijk. Maatwerk is daarom noodzakelijk. De ge- meente zoekt samen met betrokken inwoners en het Projectbureau Ooijen-Wanssum naar de optimale oplossing voor het gebied, rekening houdend met de effecten op de totale opgave voor de Maasdelta, zowel stroomop- als stroomafwaarts.
Actiepunten voor 2014 - 2018
1. Het CDA wil dat de huurmarkt goed functioneert door goede afspraken te maken met wo- ningcorporaties en projectontwikkelaars. Ook in kleinere kernen kan naar behoefte gebouwd worden. Het CDA is tegen clustering van kernen, als daar geen draagvlak voor is in de betreffende kernen.
2. Het CDA wil dat de gemeente met de woningcorporaties afspraken maakt om nieuwe vormen van semipermanente huurwoningen te realiseren waarmee de huurbehoefte in de komende 10-15 jaar wordt ingevuld.
3. Het CDA wil dat de gemeente voldoende grondexploitaties start om woningen te kunnen bouwen naar behoefte. De werkelijke woonbehoefte wordt objectief gemonitord.
4. Het CDA wil dat aandacht wordt gegeven aan het bouwen van levensloopbestendige woningen, ook voor oudere draagkrachtige nieuwkomers op de huurmarkt.
5. Het CDA wil dat de gemeente een passend beleid voert m.b.t. de huisvesting van arbeidsmi- granten, dat rekening houdt met de (deels) afwijkende woonbehoefte van deze doelgroep. Het vastgestelde beleid dient strikt gehandhaafd te worden, zodat veiligheid is geborgd.
6. Het CDA wil dat er, samen met de dorpsraden, een scan van wijken en kernen wordt gemaakt om te onderzoeken welke ontwikkelingen wenselijk zijn om woon- en leefkwaliteit te verbeteren.
7. Het CDA stimuleert zelfsturing door inwoners. Initiatieven van burgers die zelf de handen uit de mouwen willen steken om de leefbaarheid van hun wijk of dorp te verbeteren verdienen ondersteuning van de gemeente, indien nodig (deels) financieel.
8. Het CDA wil het Centrumplan Horst in 2015 evalueren en de verdere ontwikkeling van Horst- Zuid ter hand nemen.
9. Het CDA pleit voor eenduidige voorrangregels op rotondes en andere hotspots.
10. Het CDA wil dat vrachtverkeer en bestemmingsverkeer de kern van het dorp Tienray kan mijden.
11. Het CDA zet zich samen met de Provincie in om het Rijk te bewegen de Maaslijn te verdubbelen en elektrificeren. Eveneens zet ze zich in voor de realisatie van Station Grubbenvorst.