13 maart 2018

Opinie: Verder kijken dan de economische neus lang is.

De laatste tijd worden we gebombardeerd met cijfers over groei, uitbreiding en hoe geweldig Eindhoven het doet. En we krijgen er ook nog eens mogelijk geld bij vanuit Den Haag! We zijn als CDA Eindhoven ontzettend trots op de ontwikkelingen in onze stad. Maar in de lofzangen en de discussies hierover wordt door het college de echte toekomst van de stad vergeten, namelijk van de mensen die de stad bewonen. Als je nu vraagt aan iemand in de stad van wat Eindhoven voor stad moet worden over 10 jaar, dan hoor je eigenlijk geen antwoord. De focus van het bestuur ligt op het promoten van de economie en design. Goede zaken, maar er mag ook eens gedacht worden over de toekomstige samenleving in onze stad. Willen we die moderne anonieme stad waarin mensen langs elkaar heen leven of gaan we ons inzetten voor een stad waarin toch dat Brabantse en het samenleven en samenwerken gepromoot wordt. Moeten we nu persé in alle aspecten gaan lijken op Stockholm of München of Rotterdam of Amsterdam, waarin het college Eindhoven wil omvormen? Kunnen we onze stad niet een eigen gezicht geven waar ook die nieuwe expats niet eens meer weg willen omdat ze samen met de Eindhovenaren bij en met elkaar een plek hebben gevonden.

Het CDA pleit daarom voor duidelijke sociale toekomstvisie voor Eindhoven.  Die van ons is voor een stad met sociaal gezicht en een warm hart voor iedereen. Daarvoor moeten we de gemeenschapszin stimuleren en waar mogelijk versterken. De gemeente kan natuurlijk niet alles regelen, maar moet wel zorgen dat mensen elkaar kunnen ontmoeten en ontspannen. Daarom moeten de basisinstanties voor het wijkleven, zoals buurthuizen en sportverenigingen in stand blijven. Met alle huidige bezuinigingen verzwakt ook het wijkleven  en daarmee ook het omkijken naar elkaar als de integratie van de nieuwe inwoners. Het CDA wil daarom de gedane bezuinigen op dergelijke centrale instellingen terugdraaien en zorgen dat de verenigingen weer financieel gezond worden. Men moet elkaar laagdrempelig kunnen blijven ontmoeten, jong & oud, arm en rijk. Het gevaar van te grote anonimiteit in de stad moet voorkomen worden.

De basis van deze instellingen vormen de vrijwillers. Zij verdienen daarbij ook actieve begeleiding en ondersteuning vanuit de gemeente in plaats van tegenwerking en regeldruk. De gemeente moet initiatieven stimuleren in plaats van blokkades op te werpen, zoals nu. Want als we die gedroomde miljoenen krijgen uit Den Haag voor de extra sport- en cultuurfaciliteiten, dan zijn die vrijwilligers broodnodig. En als iedereen is weggelopen of gedemotiveerd, wat dan?

De expats verdienen in de toekomstvisie ook aandacht, want zij dragen ook bij aan de stad en haar toekomst. Ze worden niet gestimuleerd of gedwongen de taal te leren. Onze oplossing voor goede integratie is gemeente zelf sterker faciliteert en ook bedrijven stimuleert dat de expats Nederlands leren. Je kunt wel schermen met het gebruik van Engels overal, zoals nu ook op de TU maar om echt te kunnen deelnemen aan Eindhoven, zul je Nederlands moeten leren. Het is wel erg handig als je met de oude buurvrouw kan praten die mogelijk nu en dan hulp nodig heeft of die hulp kan bieden. Eveneens kunnen ze dan deelnemen, waaronder als vrijwilliger, aan culturele en sportorganisaties, want veel blijft in het Nederlands gaan. Door de taal krijgen ze meer binding met de omgeving waardoor het aantrekkelijker is hier voor langere tijd te blijven. Het CDA wil dat die expats naar Eindhoven komen, zich thuis voelen en dat ze zeggen: Wat verhuizen naar Stockholm? Nee, ik blijf in Eindhoven. Ik voel me hier thuis bij die Eindhovenaren.

 

Kortom, als de gemeente zich inzet op basis van een duidelijke sociale toekomstvisie met en de daarbij horende maatregelen, dan kunnen we die unieke gemeente blijven die we zijn. Geen schaamteloze kopie van een andere stad, maar een voorbeeld voor anderen. Zodat iedereen zich hier blijft thuis voelen. 

 

 

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.