17 oktober 2018

CDA stelt vragen over ombuigingsvoorstellen

Op 6 november bespreekt de gemeenteraad de begroting 2019. De raad staat voor de vraag op welke posten bezuinigd kan worden. Het college heeft een lijst met ombuigingsvoorstellen neergelegd, waarvan het dagelijks bestuur er een aantal van een positief heeft voorzien en andere van een negatief advies. Op dinsdag 23 oktober is er een openbare werkbijeenkomst van de raad, waarin over die lijst gesproken wordt. De CDA-fractie heeft ter voorbereiding daarvan een aantal vragen voorgelegd aan het college van burgemeester en wethouders. Deze volgen hieronder.

Geacht college,

Afgelopen vrijdagavond hebben wij gedrieën de bezuinigingsvoorstellen doorgeplozen. De weerslag daarvan volgt hieronder. Belangrijk te weten is dat wij dinsdag de dialoog open aangaan en nog geen vastomlijnde en definitieve standpunten hebben ingenomen.

Inleiding

Het CDA heeft, ter voorbereiding op de werkbijeenkomst van aanstaande dinsdag, een aantal vragen. Zij dienen echter niet alleen de beeldvorming, maar hebben ook tot doel de opinie van onze fractie te vormen. Het op voorhand stellen van meningsvormende vragen komt, volgens ons, de inhoudelijke discussie ten goede. Het CDA hoopt dat de werkbijeenkomst van dinsdag in zoverre richtinggevend is, dat een sterke – inhoudelijke! – bespreking van de begroting en de ombuigingsvoorstellen in de raadsvergadering van 6 november mogelijk is. Wij rekenen erop dat alle fracties bereid zijn hun steentje bij te dragen aan het welslagen van het proces en de uitkomst ervan.

Werkwijze college

Het college heeft een begroting en een lijst van 56 ombuigingsmogelijkheden neergelegd. Daarvan zijn er 24 van een positief advies voorzien. Hierop is, vanuit de raad, kritiek geleverd. Het CDA is echter van mening dat deze werkwijze het meeste recht doet aan de sturende en kaderstellende rol van de raad. In samenspraak met het college en met elkaar kunnen de verschillende politieke partijen tot dezelfde of zelfs andere conclusies komen. Het college komt niet met een in beton gegoten voorstel, maar kiest voor ruimte voor de raad. Wij staan achter deze respectvolle keuze.

Begrotingsbeleid

De gemeenteraad heeft, in overgrote meerderheid, het bestuursprogramma 2018-2022 “Met energie en vertrouwen” vastgesteld. Het college van burgemeester en wethouders vertaalt dat in een collegeprogramma. Het staat burgemeester en wethouders vrij te reageren op het bestuursprogramma (en de doorrekening ervan). Wij kunnen ons voorstellen dat het college een mening heeft over de financiële positie dan wel -beleidsvrijheid die de gemeente overhoud als decentralisatie en rijksbezuinigingen tot gevolg hebben dat de lokale overheid geld moet bijleggen en, zonder lastenverzwaring, dus het mes in eigen beleid moet zetten.

  1. Hoe denken raad en college over de financiële consequenties van decentralisatie en daarmee gepaard gaande rijksbezuinigingen in relatie tot de financiële beleidsvrijheid van de gemeente(n) die, zonder lokale  lastenverzwaring, leiden tot gemeentelijke ombuigingsdiscussies?
  2. Hoe denken raad en college over de consequenties van de noodzakelijke bezuinigingsoperaties (t.b.v. de begrotingen 2019 en 2020) in relatie tot de ambities van het raadsprogramma 2018-2022?
  3. In het bestuursprogramma wordt, wat betreft de financiering van de raadsambities betreft, het adagium “nieuw voor oud” gehuldigd. De ombuigingsvoorstellen, echter, pogen de begroting voor een groot deel sluitend te krijgen. Daarnaast wordt, los van het eerder genoemde raadsprogramma, geadviseerd een aantal geplande uitgaven te verhogen (zoals het terugdraaien van de bezuinigingen op het bibliotheekwerk). Is hiervan, in de ogen van raad en college, het gevolg dat er met andere ogen gekeken dient te worden naar het uitgangspunt “nieuw voor oud” en andere financiële uitgangspunten?

Ombuigingsvoorstellen

  1. Ten aanzien van nummer 3 (verhogen budgetten presentiegelden verkiezingen) de vraag of deze in de periode vanaf 2012 telkens achteraf zijn geboekt.
  2. Graag ontvangen wij een verduidelijking van punt 6 (vergunningen overig gebruik openbare weg) en met name inzake de toelichting daarop.
  3. Wat “Historisch Grave” betreft (nummer 7) zijn reeds logische vragen gesteld door andere fracties. Ook wij willen graag inzicht in de doelstellingen van het project en de uitgaven tot op heden. Voorts willen wij weten wat de bijgestelde doelen worden, waarom in het licht daarvan 53.000 euro volstaat en waaraan dit bedrag vervolgens besteed mag worden. In het verlengde hiervan vragen wij om uitgebreidere informatie over het budget “Graafs geheugen” (nummer 13). De toelichting hapert en is, door ons in ieder geval, niet goed te volgen. “Historisch Grave” – in de breedste zin – lijkt ons een rondetafelgesprek waard.
  4. Hetgeen het college zei over de beëindiging van de IDOP-subsidie (nummer 10) en de vervanging daarvan door de kernendemocratie (met een bijbehorend budget) snijdt wat ons betreft hout. In het verlengde hiervan vragen wij ons af waarom het “beëindigen van de stimuleringssubsidie” (nummer 42) negatief geadviseerd wordt. Dit past toch evenzeer naadloos bij de te ontwikkelen kernendemocratie?
  5. Wij willen meer weten over het beëindigen van het budget cultuureducatie (nummer 11). De toelichting is summier. Waaraan wordt het geld besteed? Welke scholen profiteren hiervan? Hoe passen de geleverde activiteiten binnen het reguliere cultuurprogramma van scholen (dat zij zelf kunnen financieren)? Waartoe dient de inzet van de genoemde combinatiefunctionaris? Is het realistisch om hiermee per ingang van 1 januari aanstaande te stoppen? Is in algemene zin het noodzakelijke communicatieproces niet te kort?
  6. Het college adviseert positief over “aframen budget voor burgerinitiatieven binnen de WMO” (nummer 14), maar de toelichting is er uitermate kritisch over. Dit vraagt om meer gegevens. Graag zien wij meer cijfers over de ervaringen hieromtrent gedurende de afgelopen jaren. Ook willen wij helderheid over de maatschappelijke consequenties. Tot slot vragen wij ons af in hoeverre er niet, middels de kernendemocratie, een all-in budget-burgerinitiatieven kan komen, waarbinnen deze (van de WMO) opgenomen kunnen worden (maar dat terzijde).
  7. De opmerkingen en vragen (zie 9) zijn deels van toepassing op de ombuigingsvoorstellen 15 (GGZ volledig pakket thuis) en 16 (beëindigen uitvoeringspakketten Eerstelijns loket WMO). Het college-advies is positief, de toelichting negatief. Dat vraagt om een nadere toelichting door het college, met medeneming van de verwachte maatschappelijke gevolgen.
  8. Gelet op de toelichting van het college op ombuigingsvoorstel 16, is er nog ruimte om te bezuinigen op de ‘uitvoeringskosten advisering’ zónder afbreuk te doen aan de uitvoering van pgb? Zo ja, graag een kwantificatie daarvan.
  9. Is er een overzicht te verkrijgen over de besteding van het “budget uitkeringen BBZ” (nummer 20) gedurende de afgelopen jaren? Is het college, met ons, van mening dat het realistisch is te verwachten dat de huidige economische groei (toenemende) aanspraak op dit budget onwaarschijnlijk maakt en dat daarmee het ombuigingsvoorstel te rechtvaardigen is?
  10. De toelichting bij nummer 21 (verlagen budgetten BUIG) is voor ons abracadabra. Graag worden wij, in dezen, bijgespijkerd.
  11. Wat betreft het geld dat de raad en zijn commissies toekomt (nummer 27), willen wij iets meer inzicht in de besteding ervan. De CDA-fractie is van mening dat externe ondersteuning, zoals door debat.nl, een goede zaak is om de kwaliteit van de raads- en commissieleden (in hun onderlinge verhoudingen en debatten) te verbeteren nu wij kiezen voor een andere wijze van vergaderen.
  12. Ombuigingsvoorstel 28 brengt de wethoudersformatie terug tot het wettelijk minimum van 2,0 fte. Het CDA is het eens met het advies. Wij vragen ons wel af in hoeverre er, op dit moment, nog geheel of gedeeltelijk gebruik gemaakt wordt van een wachtgeldregeling. Hierover willen wij nadere gegevens verkrijgen.
  13. Het CDA omarmt investeringen in duurzaamheid en is het daarom met het college eens (nummer 37). Het is echter de vraag hoe effectief de in de toelichting genoemde onderdelen zijn. Duurzaamheid lijkt ons een tweede thema dat eens tijdens een rondetafelgesprek onder de loep genomen kan worden.
  14. Het bibliotheekwerk is eerder aan bod gekomen (nummer 12), maar komt (wat de dorpen betreft) terug onder nummer 45. De toelichting roept vragen op, met name omdat het lijkt dat het rechtstreeks verbonden is met de exploitatie van het servicepunt in Gassel. Wij willen hier meer van weten.

Met vriendelijke groet, ook namens Roland Eijbersen en Jochem Jacobs,

Alex van Megen,
fractievoorzitter van het CDA in de gemeenteraad van Grave


 

 

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.