Sport

Bloemendaal is rijk aan sportverenigingen, maar niet alle sportverenigingen zijn even rijk aan leden en geld. In de sportnota, getiteld “Sport op eigen benen”, die in 2011 voor een periode van vier jaar – dat wil zeggen tot en met 2015 – door de gemeenteraad is vastgesteld, wordt opgemerkt dat de gemeente Bloemendaal, anders dan veel omliggende gemeenten, geen investeringen in kunstgras – ten laste van haar begroting – wenst te nemen.

Bij verenigingen, die een sportcomplex huren en een contract met de gemeente hebben, bekijkt de gemeente per geval of er (bedrijfseconomische) redenen aanwezig zijn om kunstgras aan te leggen. Het uitgangspunt daarbij is dat de kosten van de aanleg in principe verrekend worden in de huurkosten van het betreffende veld.

Het CDA is van mening dat eigenlijk elke hockey- en voetbalvereniging in deze gemeente tenminste éėn kunstgrasveld zou moeten hebben. Het CDA erkent het belang van het hebben van kunstgrasvelden voor hockey- en voetbalverenigingen. Het CDA vindt het niet goed/wenselijk dat sportverenigingen structureel negatieve gevolgen ondervinden van het ontbreken van een kunstgrasveld. Daarom, vindt het CDA, moet de gemeente zich ook welwillend opstellen bij een verzoek om het faciliteren van de aanleg van een kunstgrasveld. Wanneer een club nog geen kunstgrasveld heeft, moet in overleg met de gemeente bekeken en bepaald worden of, hoe en in welke mate de gemeente aan de aanleg van een kunstgrasveld kan bijdragen, ook financieel. De kosten voor de aanleg van een kunstgrasveld dienen wel voor een substantieel deel door de verenigingen / leden (en eventuele sponsors) zelf te worden betaald.

Het CDA erkent het belang van goed toegeruste en functionerende sportverenigingen voor zowel de gezondheid van de inwoners, als de leefbaarheid in de dorpskernen. Het CDA vindt daarom dat in elke dorpskern tenminste één laagdrempelige balsportvereniging met een adequate sportaccommodatie moet zijn.

Daarnaast is het belangrijk dat op alle scholen voldoende gymnastiekonderwijs van goede kwaliteit is, dat door bij voorkeur vakdocenten wordt gegeven. Het CDA zal zich daarom blijven inzetten voor behoud van vakonderwijs op scholen.

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.