04 december 2018

Meerderheid Raad wil scheefgroei ozb niet aanpakken

Zoals u wellicht weet, heeft het huidig college in het coalitieakkoord de Onroerendzaakbelasting (ozb) extra verhoogd, naast de gebruikelijke verhoging door prijsindexatie. Onlangs heeft u in de krant kunnen lezen dat de ozb met 6% zal stijgen en wat de tarieven zullen zijn voor woningen en niet-woningen. Uit de gegevens van het ambtelijk apparaat en makelaardij blijkt dat deze verhoging veel hoger uitvalt voor starters en ouderen met een appartement, gezinnen met kinderen met een tussenwoning of twee onder een kap en vrijstaande woningen tot vier ton. Bij deze groepen is de waardestijging van hun woning relatief hoger geweest dan andere groepen en valt de ozb gemiddeld 12% hoger uit dan de 6% die het college gecommuniceerd heeft. Deze groepen betalen dus het dubbele aan ozb.

Hier kan het CDA absoluut niet achter staan omdat juist bij deze groepen de laatste jaren relatief meer lasten worden neergelegd en het daardoor voor hen het steeds moeilijker wordt om alle eindjes aan elkaar te knopen.

Enschede scoort ook zeer hoog als het gaat om de tarieven voor eigenaren en gebruikers van niet-woningen. Dan moet u denken aan kantoren, winkels maar ook agrarische bedrijven. Als het gaat om de gebruiker van een winkel of huurder van een kantoorpand, dan zit Enschede zelfs in de top 3 van Nederland. Terecht dat Stawel (Stichting Agrarisch Welzijn) haar zorgen heeft geuit met betrekking tot deze tarieven voor de boerenbedrijven, zeker als je die vergelijkt met vergelijkbare gemeentes zoals Apeldoorn en Arnhem of een omliggende gemeente als Haaksbergen.

Wij zullen dan ook tegen deze verhogingen stemmen en komen met een motie om deze scheefgroei te verkleinen. Het huidig college pakt de echte problemen in het sociaal domein niet aan en schuift de rekening naar de burger. De ozb moet niet als melkkoe gebruikt worden, zoals het huidig college dit ook doet met de parkeertarieven. 

Ayfer KoƧ, fractievoorzitter CDA Enschede

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.