De impact van de aardbevingen in Groningen is enorm. Daarom staat bij verdere gaswinning voor het CDA de veiligheid van de Groningers voorop. Alle noodzakelijke maatregelen om de veiligheid van de gaswinning te borgen zullen worden doorgevoerd. Alleen dan is er ruimte om ook te blijven voldoen aan de leveringszekerheid.

Dit betekent dat de gaswinning in de periode tot 2021 met nog eens 3 miljard kuub wordt verminderd ten opzichte van 2017. Voor de periode na 2021 zal het kabinet scenario’s voor een verdere verlaging voorbereiden. Er zullen geen nieuwe vergunningen voor gaswinning op land worden verstrekt.

Met gerichte maatregelen wil het kabinet vooral in de industrie de behoefte aan het Gronings gas verder afbouwen. Daarbij spelen ook de overgang naar schone energie en het klimaatbeleid een rol.

Het kabinet erkent dat de schade voor de Groningers veel groter is dan alleen de materiële schade. De onzekerheid over de toekomst is groot en veel te lang zijn de inwoners geconfronteerd met competentieconflicten tussen publieke en private partijen. Daarom komt er een schadeprotocol voor een snellere afhandeling van de schade en wordt de NAM op afstand geplaatst. De Nationaal Coördinator Groningen krijgt in overleg met de regio een wettelijk verankerde onafhankelijke positie.

Om de onzekerheid over de verkoopbaarheid van woningen weg te nemen komt er een opkoopregeling voor bewoners, die hun huis niet verkocht krijgen. De Nationaal Coördinator Groningen komt ook met een regeling waarbij bewoners tegen redelijke kosten gebruik kunnen maken van rechtsbijstand.

Kabinet, provincie en gemeenten gaan gezamenlijk een investeringsprogramma ontwikkelen om de economie en leefbaarheid van de provincie verder te versterken. Op het gebied van duurzaamheid en energietransitie liggen hier voor de provincie grote kansen. Extra middelen komen uit een nieuw regiofonds, waarin jaarlijks een deel van de aardgasbaten voor de regio stromen.

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.