Families zijn het fundament van onze samenleving, de plaats waar mensen voor elkaar zorgen en verantwoordelijkheid nemen. Bijna iedereen groeit op in een gezin en binnen een familie. De familie speelt een grote rol bij het overdragen van de normen en waarden van onze cultuur. 

In familieverband is de onderlinge verbondenheid heel vanzelfsprekend. Kinderen, ouders, grootouders en overgrootouders zorgen voor elkaar en staan elkaar bij als dat nodig is. Die solidariteit tussen generaties is voor de samenleving van groot belang. Dat geldt ook voor de opvoeding van kinderen tot zelfbewuste burgers van onze samenleving. Dat gebeurt als eerste thuis binnen het gezin en in de bredere familie, en in de tweede plaats op school. Goed onderwijs is dan ook de belangrijkste investering in het land dat wij willen doorgeven.

In het regeerakkoord maken wij deze keuzes voor families en gezinnen:

Ouders en kinderen

Kraamverlof

Het kraamverlof wordt fors uitgebreid. Dit is goed voor de ontwikkeling van de relatie van de ouders met het kind, als ook voor de kansen van vrouwen op de arbeidsmarkt. In eerste instantie wordt het kraamverlof voor partners uitgebreid van twee naar vijf dagen, waarbij het loon volledig wordt doorbetaald. Daar bovenop krijgen partners per 1 juli 2020 de mogelijkheid voor vijf weken aanvullend kraamverlof, dat kan worden opgenomen in het eerste half jaar na de geboorte. Tijdens dit verlof ontvangt de werknemer een uitkering van het UWV tegen 70% van het dagloon. Ook de regeling bij adoptie wordt verruimd van 4 naar 6 weken. Deze uitbreiding geldt ook voor pleegouders.

Kinderopvang

Kinderopvang levert een belangrijke bijdrage aan de ontwikkeling van kinderen en het verminderen van achterstanden. Daarom investeert het kabinet 170 miljoen in de versterking van de vroeg- en voorschoolse educatie.

De financiering van de kinderopvang wordt herzien, waarbij de huidige financiering via ouders wordt vervangen door een directe financiering door het rijk. De ouderparticipatiecrèches blijven bestaan.

Kindregelingen

Het kabinet trekt extra geld uit voor de kinderopvangtoeslag (225 mln) en ook de kinderbijslag (250 mln) en het kindgebonden budget (485) worden verhoogd. In totaal worden de kindregelingen dus met 960 mln verhoogd.

Armoede

Een op de tien huishoudens heeft problematische schulden. Het kabinet wil dit aantal terugdringen door betere hulp en advisering. Met de gemeenten worden afspraken gemaakt over een vernieuwende schuldenaanpak met eenvoudigere toegang, kortere wachttijden, betere samenwerking om stapeling van schulden te voorkomen en ruimte voor lokaal maatwerk en experimenten.

De overheid kan ook zelf een bijdrage leveren door de stapeling van boetes vanwege te laat betalen en bestuursrechtelijke premies te maximeren. Ook moet vaker direct contact gezocht worden om verdere problemen te voorkomen. Excessen in de incasso- en kredietbranches worden aangepakt. Dit gaat om de hoogte van incassokosten en kredietvormen met uitzonderlijk hoge rentes.

Tot slot trekt het kabinet 80 miljoen uit voor het voorkomen van schulden en de bestrijding van armoede - in het bijzonder onder kinderen.

Onderwijs

Diploma’s

Het kabinet wil dat jongeren meer uit hun diploma kunnen halen. Daarom komen er experimenten waarbij leerlingen in het voortgezet onderwijs die meerdere vakken op een hoger niveau hebben afgerond toegang kunnen krijgen tot specifieke vervolgopleidingen. Daarnaast gaat het kabinet de voor- en nadelen onderzoeken van diploma’s met vakken op verschillende niveau’s.

Om ervoor te zorgen dat zoveel mogelijk jongeren met een startkwalificatie of diploma school verlaten, gaat het kabinet in de grote steden experimenteren met een verhoging van de kwalificatieplicht naar 21 jaar.

Rekentoets

Er is veel kritiek op de huidige rekentoets in het voortgezet onderwijs. Daarom zal uiterlijk in het schooljaar 2019-2020 een alternatief worden ingevoerd, dat een vast onderdeel wordt van het examen voor alle leerlingen op alle niveaus. Het rekenonderwijs op het MBO wordt meer beroepsgericht.

Passend onderwijs

Ieder kind heeft recht op onderwijs om zich maximaal te ontplooien, ook als daarvoor extra zorg of ondersteuning nodig is vanwege een beperking, hoogbegaafdheid of wat dan ook. Het kabinet wil het aantal thuiszitters fors beperken door verzuim vroeger te signaleren en aan te pakken, en samenwerkingsverbanden van scholen een wettelijke verplichte doorzettingsmacht te bieden.

Laaggeletterdheid

Laaggeletterdheid is in ons land nog steeds een groot probleem. Daarom trekt het kabinet jaarlijks 5 miljoen euro extra uit.

Salaris en werkdruk

Het kabinet investeert fors in de aantrekkelijkheid van het onderwijs. Voor hogere salarissen trekt het kabinet jaarlijks 270 miljoen euro uit. Om de werkdruk in het onderwijs aan te pakken komt er jaarlijks 450 miljoen euro bij. Hiervan kunnen klassen worden verkleind of conciërges en ander ondersteunend personeel worden aangesteld. In de lerarenopleiding komen specialisaties die zich specifiek richten op het lesgeven aan jongere en oudere kinderen, én op het vakgericht lesgeven in het beroepsonderwijs.  

Lager collegegeld

Onder het vorige kabinet is de basisbeurs omgezet in een leenstelsel. Om te voorkomen dat leenangst jongeren afschrikt om te gaan studeren, halveert dit kabinet vanaf het volgende collegejaar 2018-2019 het collegegeld voor het eerste jaar van het hoger onderwijs. Voor de PABO’s wordt het collegegeld de eerste twee jaar gehalveerd. Hiermee hoopt het kabinet meer studenten te interesseren voor het vak van leraar.

Kleine scholen

Door teruglopende leerlingenaantallen staan kleine scholen in krimpgebieden onder druk. Dat heeft een grote impact op de leefbaarheid in deze regio’s. Daarom wil het kabinet de regels voor fusies versoepelen door het schrappen van de fusietoets. Daarnaast komt er extra geld voor kleine scholen.

Fundamenteel onderzoek

Fundamenteel wetenschappelijk onderzoek is de bron van veel innovaties en daarmee van groot belang voor onze toekomstige werkgelegenheid en economische groei. Daarom verhoogt het kabinet het budget stapsgewijs verhoogt tot 200 miljoen structureel.

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.