01 oktober 2018

Wim van Ginkel aan het woord over Kamp Amersfoort

Tijdens de Raadsvergadering van 27 september jl. stond de vaststelling van het nieuwe bestemmingsplan voor Kamp Amersfoort op de agenda. Voorafgaand aan de stemming sprak Wim van Ginkel nog een verklaring uit:

"Er wordt ons al gemeenteraad van Leusden gevraagd om akkoord te gaan met de vaststelling van het nieuwe bestemmingsplan Kamp Amersfoort.

Als raad kunnen wij dit raadsvoorstel van harte ondersteunen. Hoewel dit raadsvoorstel natuurlijk zakelijk van aard is, heeft het ook een historische en emotioneel verleden.

Bij uitzondering is er groot draagvlak in deze raad om hier aandacht aan te besteden.

In Kamp Amersfoort zaten tijdens de tweede wereld oorlog meer dan 35.000 Nederlanders gevangen. Bij binnenkomst van het kamp werden gevangenen hard aangepakt en vernederd. Je naam werd afgepakt en je werd een nummer. Kamp Amersfoort was voornamelijk een mannenkamp. De afkomst van deze gevangenen was: Joden, communisten, geestelijken, verzetsmensen, gijzelaars, Jehova’s getuigen en Russen. De gevangenen verbleven van enkele dagen tot vele maanden in het kamp.

Honderden van hen stierven door ontberingen of voor een vuurpeloton. De bekendste groep waren de 101 Oezbeekse Sovjetsoldaten, waarvan er binnen enkele maanden 24 stierven door slechte omstandigheden, de overige 77 werden in de vroege morgen van 9 april 1942 gefusilleerd bij de Koedriest.

49 mannen werden op 8 maart 1945 op het einde van de schietbaan doodgeschoten als represaille van de aanslag op Rauter bij de Woeste hoeve.

Vele duizenden gevangenen gingen op transport naar de concentratiekampen in Duitsland, veelal naar Neuengamme. Het grootste transport hierheen vond plaats op 11 oktober 1944. De groep telde 1441 mannen. Waaronder de mensen uit Putten.

Rode Kruis medewerker Loes van Overeem probeerde in 1943 toegang te krijgen tot Kamp Amersfoort. Zij wilde de gevangenen helpen en slaagde daar later ook in. Onverschrokken trad zij de kampleiding tegemoet. Zij heeft duizenden voedselpakketten het kamp in kunnen krijgen.

Evert Reemst, boer op boerderij ’t Waswater, haalde elke werkdag schillen op in Kamp Amersfoort. Hij nam zijn 7 jarige zoon Jan mee.

Evert Reemst liet zijn zoon briefjes het kamp in- en uit smokkelen. Jan vergezelde zijn vader altijd, niemand zou immers een kind verdenken. Vader Evert zelf bezorgt er met gevaar voor eigen leven pakketjes. Vader en zoon warden de illegale postbodes van Kamp Amersfoort.

Dit zijn zomaar een paar voorbeelden van het kwade en het goede.

Om te voorkomen dat de verschrikkingen van de tweede wereld oorlog opnieuw gebeuren moeten wij de verhalen en getuigenissen dus doorvertellen.

Want wij mensen vergeten zo snel!

De uitbreidingsplannen van het huidige Nationaal Monument Kamp Amersfoort kunnen daarbij een hulpmiddel wezen.

Wij wensen het bestuur, de directie en de vele vrijwilligers veel succes met de uitwerking van de veel belovende plannen.

Dank u wel!"

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.