Basis- en voortgezet onderwijs

Een kind dat opgroeit kan en moet veel leren. Van normale schoolvakken tot bijzondere vaardigheden die van pas komen in het dagelijks leven. Dat doen kinderen thuis en op school. De opvoeding van de ouders staat voorop, en wordt aangevuld door onderwijs. Ouders hebben de vrijheid om het onderwijs voor hun kinderen te organiseren op een manier die past bij hun levensovertuiging. De gemeente zorgt voor hoogwaardig openbaar onderwijs waarin alle overtuigingen een plek hebben. Zo is er altijd een vangnet en kan ieder kind rekenen op goed onderwijs.

De verantwoordelijkheid voor het onderwijs ligt bij schoolbesturen. Leerkrachten hebben de meeste inhoudelijke kennis. De gemeente is verantwoordelijk voor schoolgebouwen, waarin het goed leren en werken is. Als scholen samen willen gaan werken met kinderopvang en o.a. sportverenigingen, dan zorgt de gemeente voor passende huisvesting en waar nodig ook personele ondersteuning.

Als kinderen een plaats moeten vinden in het speciaal onderwijs buiten hun eigen woonplaats, zorgt de gemeente voor leerlingenvervoer. Ouders moeten hierbij de keuze krijgen uit minimaal drie scholen en/of instellingen zonder dat hun keuze de hoogte van de vergoeding beïnvloedt. Omdat er weinig bussen rijden in de regio zal dit voornamelijk met taxi’s gebeuren.

Concreet:

  • De ouders zijn vrij in de keuze voor een school voor hun kinderen. De gemeente is verantwoordelijk voor goed openbaar onderwijs;
  • Nieuw te bouwen scholen voldoen aan het ‘nul-op-de-meter’ principe. De gemeente is verantwoordelijk voor de huisvesting en mag daar ook geen financiële bijdrage voor vragen aan het schoolbestuur;
  • Elk schoolgebouw wordt iedere 15 jaar gerenoveerd. Het minimaal te behalen energielabel is B, en het binnenklimaat moet voldoen aan de eisen van de moderne tijd. Dit soort onderhoud komt voor rekening van de gemeente;
  • Er komt een onderzoek naar de mogelijkheden om schoolbesturen meer zeggenschap te geven over geld voor huisvesting. De gemeente verhoogt deze budgetten uit eigen middelen, aangezien de normatieve bedragen te laag zijn vastgesteld.

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.