22 januari 2017

Motie uiensector

Op het geografisch middelpunt van Reimerswaal staat een kunstwerk van een ui. Dit is niet zonder reden. De uiensector is samen met de schelpdierensector één van de pijlers onder de Reimerswaalse economie. In deze sector zijn enkele honderden arbeidsplaatsen  en samen met de afgeleide werkgelegenheid, zoals transport, installateurs, detacheringsbedrijven en aannemers zijn hiermee zelfs enkele duizenden arbeidsplaatsen gemoeid. De continuïteit van de uienverwerkers is dus voor Reimerswaal van groot belang.

In Nederland wordt ongeveer 20% van de wereldproductie aan uien verhandeld, waarvan ca. 75% via bedrijven in Reimerswaal en Borsele. Ca. 90% hiervan wordt geëxporteerd, waarvan veel naar o.a. Zuid-Amerika en Afrika. Zonder kiemremmer zijn de uien na de oogst hooguit houdbaar tot de jaarwisseling. Zeker bij transport over zee, waar de temperaturen soms hoog kunnen oplopen is het risico op kiemvorming groot.

De uien worden al vele jaren vlak voor de oogst behandeld met de kiemremmer Maleïne Hydrazide, waarvoor door de Europese Commissie toelating is verleend. Deze toelating wordt periodiek opnieuw beoordeeld. Bij de laatste beoordeling zijn aanvullende vragen over één van de stoffen in dit product gesteld, waarvoor aanvullend onderzoek nodig is. Dit onderzoek kan echter niet worden afgerond voordat de commissie een besluit wil nemen over nieuwe toelating. Hierdoor dreigt, bij het ontbreken van de gevraagde onderzoeksresultaten, het besluit negatief uit te pakken en het middel na oktober 2017 niet meer te worden toegelaten op de Europese markt, zonder dat een goed alternatief voorhanden is.

Dit zou betekenen dat de positie van de Nederlandse uientelers en uienhandelaren vanaf het oogstjaar 2018 uitgespeeld zou kunnen zijn. Dit zou ook een enorme aanslag op de werkgelegenheid in onze gemeente zijn. Daarom zijn wij van mening dat we een beroep moeten doen op de beoordelingscommissie om de beslissing uit te stellen totdat alle onderzoeksresultaten beschikbaar zijn en tot dan de toelating tijdelijk te verlengen. Dat is waar deze motie tot oproept met de tekst:

De Raad,

kennisgenomen hebbende

  • dat de toelating als kiemremmer van de stof Maleïne Hydrazide (MH) na decennia van erkenning en zonder faire procedure door de Europese Commissie dreigt te worden beëindigd;
  • dat de EFSA zodanig laat aanvullende vragen over onderzoek naar mogelijke schadelijke effecten zodanig laat zijn gesteld dat deze onderzoeken niet vóór de herbeoordeling door de Europese Commissie kunnen zijn afgerond;
  • dat het gebruik van deze stof door het bespuiten vlak voor de oogst essentieel is voor het bewaren en de export van consumptie-uien;
  • dat er op dit moment geen bruikbare alternatieven voor deze stof op de markt zijn;

constaterende

  • dat zonder kiemremmer uien niet langer dan ca. 5 maanden na de oogst kunnen worden bewaard;
  • dat de bewaarcondities in zeecontainers, waarin het gros van de export plaatsvindt, nog minder zijn en kiemvorming tijdens het transport zonder deze stof niet kan worden voorkomen;

overwegende

  • dat het uienareaal in Nederland in 2016 ca. 32.900 ha bedroeg;
  • dat het grootste deel van de oogst (ca. 90%) bestemd is voor de export;
  • dat Nederland in 2015 voor ruim 484 miljoen euro aan uien heeft geëxporteerd;
  • dat Nederland daarmee wereldwijd de grootste exporteur is met een marktaandeel van ca. 20%;
  • dat met de export van uien een zeer groot ketenbelang is gediend met enorme directe en indirecte werkgelegenheid;
  • dat in landen buiten de EU MH nog wel gebruikt mag worden en er door een evt verbod in de EU een zeer ongelijk speelveld ontstaat;
  • dat Nederland met de ca. 20% van de wereldmarkt meer dan 1,1 miljard kilo uien exporteert, waarmee ruim 70 miljoen consumenten wereldwijd van basisvoedsel worden voorzien;
  • dat het wegvallen van de Nederlandse export niet alleen lokaal en nationaal grote effecten heeft, maar er ook wereldwijd grote tekorten zullen ontstaan van een cruciaal ingrediënt van de wereldvoedselvoorziening;

en van mening zijnde

dat het nemen van onomkeerbare beslissingen met een zo groot effect voor de werkgelegenheid en de beschikbaarheid wereldwijd van een belangrijke basisvoedselvoorziening niet mag gebeuren, alleen omdat aan een formaliteit (tijdige beschikbaarheid van onderzoeksresultaten) nog niet is kunnen voldoen, gezien de zeer late aanvullende vragen van ESFA.

 dringt aan

bij de Europese Commissie om de besluitvorming over de toelating van het middel Maleïne Hydrazide uit te stellen en niet tot onomkeerbare besluiten over te gaan voordat uitkomsten van alle onderzoeken bekend zijn.

 

verzoekt het college

deze motie ter overweging en kennisname toe te sturen aan de Europese Commissie om hier bij hun besluitvorming rekening mee te houden en tevens onder de aandacht te brengen van de Minister van Economische Zaken en de Staatssecretaris van Landbouw, alsmede aan de het Europees Parlement, de Eerste en Tweede Kamer der Staten Generaal, Gedeputeerde en Provinciale Staten van de provincies Zeeland en Flevoland en de Colleges van Burgemeester en Wethouders en Gemeenteraden van de gemeenten in beide provincies.

 

en gaat over tot de orde van de dag.

 Toelichting

De uienverwerkende bedrijven zorgen in Reimerswaal een zeer groot deel van de werkgelegenheid. Als ook de afgeleide werkgelegenheid (o.a. installatiebedrijven, transportbedrijven, detacheringsbedrijven, bouwbedrijven) wordt meegeteld dan zorgen deze bedrijven mogelijk voor 1/3 deel van de werkgelegenheid in onze gemeente. Daarom is de continuïteit van deze bedrijven voor de langere termijn zeer belangrijk voor Reimerswaal.

Het middel Maleïne Hydrazide (MH) wordt vlak voor de oogst op de uien gespoten en zorgt er voor dat de kiemvorming van de uien wordt geremd, waardoor de opgeslagen uien van goede kwaliteit blijven totdat de nieuwe oogst weer beschikbaar is. Dit middel staat al enkele tientallen jaren op de lijst van toegestane middelen, omdat er geen nadelige gevolgen voor milieu of gezondheid bij gebruik op o.a. aardappelen en uien bekend zijn.

De huidige toelating loopt tot 31 oktober 2017. De Europese Commissie heeft aan de sector gevraagd om aanvullend onderzoek te doen naar eventueel toch mogelijke schadelijke effecten. Dit is echter in een zodanig laat stadium van de procedure gedaan dat de resultaten van deze onderzoeken onmogelijk op tijd voor de besluitvorming in maart 2017 beschikbaar kunnen zijn. Dit kan er toe leiden dat, ondanks dat toch nog toe geen schadelijke effecten bekend zijn, MH toch na 31 oktober 2017 (dus vanaf oogst 2018) binnen de EU niet meer mag worden gebruikt.

Zonder de toepassing van MH, waarvoor ook nog geen alternatief beschikbaar is, kunnen de uien in de goed geconditioneerde opslag bij de uienverwerkers nog wel enkele maanden worden bewaard, maar eenmaal op transport in zeecontainers zullen de uien voor en groot deel onderweg gaan kiemen, waardoor deze op de plaats van bestemming niet meer voor consumptie geschikt zijn. Daardoor zal de positie van de uienverwerkende bedrijven in Nederland vanaf 2018 wereldwijd zijn uitgespeeld.

In de meeste landen buiten de EU is het middel MH gewoon toegestaan, zodat het speelveld voor de producenten van uien ongelijk zal worden. Doordat de helft van het jaar ook voor consumptie binnen de EU na het verbod op MH uien zullen moeten worden geïmporteerd zal een groot deel van de in de EU op de markt komende uien toch met MH zijn behandeld.

Nederland is wereldwijd verreweg de grootste uienproducent met een marktaandeel van ca. 20%. In veel landen, waarnaar Europa ook exporteert, behoort de ui tot het basisvoedsel. Er is wereldwijd geen land die de wegvallende productie van Nederland kan opvangen, waardoor er wereldwijd schaarste zal ontstaan van dit basisvoedselproduct.

Inmiddels zijn er al Kamervragen gesteld door 2e Kamerlid Jaco Geurts, maar de beantwoording hiervan door het Ministerie is uitgesteld. Omdat, naast Flevoland, ca. 70% van de uienexport via Zeeland en met name de gemeenten Borsele en Reimerswaal gebeurt is het op zijn plaats dat de gemeente Reimerswaal ook zijn bezorgdheid over de toekomst van de sector zonder gebruik van het middel MH laat blijken.

Ter informatie zijn als bijlage nog enkele artikelen uit PZC, van de site Boerenbusiness en uit het vaktijdschrift Boerderij van de afgelopen maanden toegevoegd.

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.