01 augustus 2016

Afscheidstoespraak Fedde Jonkman: ‘Omzien naar elkaar, dat luistert nauw’

"Dank u wel voor de woorden, voorzitter, die u hebt gesproken, een soort chronologisch overzicht van de dingen die ik in mijn leven heb mogen verrichten. Uiterst boeiend en uiterst veelzijdig. Ik ben een rijk mens dat ik dat mocht doen. Ook al gaat dat zonder die iPad, met pen of potlood en een stukje papier kom je een heel eind en als je wat mist komt er altijd wel iemand die je dat duidelijk maakt. Het is goed om mensen om je heen te hebben die je aanvullen en die proberen je weer bij de les te brengen. Ik dank daar de hele volksvertegenwoordiging voor. Velen weten dat ik het woord 'raad' zo'n neutraal en gek woord vind. Als het om advies gaat mag je het woord raad gebruiken, maar wij zijn de volksvertegenwoordiging. Dat is het begrip en dat is voor de zuivere verhoudingen tussen college en raad heel essentieel. Wij vertegenwoordigen hier het volk, niet iets anders.

[...]

Voorzitter, leden van het college, volksvertegenwoordigers, overige aanwezigen en mensen die voor het beeld zitten, zoals mijn vrouw Betty, die daar alleen zit, heel eenzaam. Vanavond neem ik afscheid van mijn taak als volksvertegenwoordiger. Dat valt mij zwaar en daar heb ik lang over gedaan. Er is veel op me ingepraat, en terecht. Mijn gezondheidssituatie heeft mij uiteindelijk tot de conclusie gebracht dat ik een punt achter deze werkzaamheden moet zetten. Vele andere werkzaamheden zijn al verdwenen. Ik dank het CDA-bestuur voor het vertrouwen dat ik dit werk mocht doen, en ik dank de kiezers dat zij mij de ruimte gaven om de missie waar dat mogelijk was te kunnen doen. Ik vind ook dat ik een plekje mocht hebben in een geweldige hardwerkende en betrokken fractie. Ik heb genoten van de manier waarop we met elkaar de taak hebben aangepakt. Het harde werken en de overtuiging vond ik prachtig en ik kan met goede herinneringen vandaag een andere weg ingaan. Misschien kom ik nog wel een keer langs. Er zijn zoveel stoelen die niet bezet zijn. Dank ook voor de samenwerking met het college - behalve dan met Gerard af en toe, die moet je toch in de gaten houden, maar dat durf ik nu ook te zeggen, als man tegen man - en ik wil ook de raad bedanken voor de samenwerking, voor zover dat mogelijk en nodig was.

[...]

Omzien naar elkaar. Dat luistert nauw. Het gaat bijvoorbeeld om mensen met een beperking, mensen die kwetsbaar zijn, soms levenslang en levensbreed. Daar moet je als overheid voor staan, daar mag je geen compromissen over sluiten. Het gaat om onze kinderen, het gaat in toenemende mate om hun positie in het onderwijs en overal en zij zijn het kostbaarste wat mensen is toevertrouwd. Het gaat om de oudere medeburger. Unieke mensen, die deze samenleving als het ware met elkaar hebben opgebouwd, van 's morgens vroeg tot 's avonds laat. Elke cent is er ientje. Er zijn veel mensen die dat harde werken nog steeds in hun portemonnee merken. Er is nooit gespaard, want dat geld hadden ze nodig voor hun kinderen en het bedrijf. Met die mensen en met kinderen en gehandicapten moet je heel zorgzaam omgaan. De transformatie van het ouderenbeleid is een hele klus. De zorg, het wonen en alle andere activiteiten en facetten zullen moeten worden omgebouwd naar de leefwereld van oudere mensen. Dat is een geweldige inspanning, maar we hoeven niet met minder genoegen te nemen.

Omzien naar elkaar. Dan gaat het ook om die immense vluchtelingenstroom en degenen daaruit die in onze gemeente een plek hebben gekregen, om daar grote zorg voor te hebben. Daar gaat het ook om jonge kinderen en om ouderen. Al die organisaties mogen we ook niet vergeten. De dorpen die we hebben, die in Oost-Europa en op andere plekken bezig zijn om het omzien naar elkaar in de praktijk te brengen. Wees trouw aan die mensen; je zou ze een keer bij elkaar moeten roepen om te horen hoe ze dat met elkaar doen en na te gaan hoe we dat verder kunnen brengen.

Omzien naar elkaar, via een nieuwe bestuursstijl. Ik denk dat de benadering waar ik het over heb een duidelijke stijl vraagt, vlakbij de mensen, die de mensen kent, naar ze luistert en met ze spreekt. Van jullie wordt onvoorstelbaar veel gevraagd, en dat is zeer terecht. Daar ben je volksvertegenwoordiger voor, in deze tijd en in deze samenleving. Ik wens u allemaal Gods zegen toe.

Uitgesproken in de raadsvergadering van 2 juni 2016. Lees hier de bijdragen van de burgemeester en de nestor van de raad of luister het hier terug. 

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.